Diana Krall durft ruig te zijn

Nederland, Eindhoven, 07-11-2012. Concert van Diana Krall in Muziekgebouw Frits Philips in Eindhoven. Foto: Andreas Terlaak Andreas Terlaak

Jazz

Diana Krall. Gehoord 7/11, Muziekgebouw Frits Philips, Eindhoven. ****

Een oude piano, de antieke grammofoon van haar vader en een filmdoek waarop oude jaren dertig cartoons draaien. Met een bundel vergeelde jazz- en vaudevillenummers, en een vleugje burlesque ging de 48-jarige zangeres/pianiste Diana Krall gisteravond terug naar het tijdperk tussen de twee oorlogen.

Dankzij producer T Bone Burnett maakte de Canadese jazzster op haar recent verschenen album Glad Rag Doll al indruk met een lossere, ruigere benadering – bevrijd uit het keurslijf van keurige jazzklassiekers en zachte bossa nova’s. Ook op het podium van het voor deze sfeer eigenlijk te keurige Muziekgebouw Frits Philips was dit goed te merken. In zowel zang als arrangement, met vegend vuile elementen uit de blues en rockabilly, en een ‘southernfeel’.

Die sfeer werd aangezet door met name de twee gitaristen in haar kwintet, Aram Bajakian en Stuart Duncan. Laatstgenoemde viel ook op als als creatieve bluegrass-violist en kundig ukelele-speler. Maar ook zelf schroefde Krall haar pianospel een tandje hoger op, nonchalant losjes in Jerry Lee Lewis-stijl, met vaart, stride-akkoorden en een prima ragtime-timing. En ja, bijna heerlijke foutjes, waardoor de jazzprinses van weleer gewoon even vloekte als een straatmeid en haar solo opnieuw inzette.

Met een lage stem, heser dan normaal – ze had haar concert in de Amsterdam Carré een aantal dagen terug wegens ziekte moeten afzeggen, ruiste ze door de liedjes. Daardoor klonk ze bij vlagen nog bedwelmender, al haalde ze nu niet alles.

Met op het doek acteur Steve Buscemi als variétéspeaker opende Krall met het stemmige When The Curtain Comes Down. Gezeten aan de vleugel sprak ze haar Eindhovense publiek toe, introduceerde ze nummers met droge anekdotes, zogenaamd bedenkend wat ze nu eens in zou zetten.

Een broeierige countryblues-versie van Ray Charles’ Lonely Avenue was een van de hoogtepunten van de show. Met op de achtergrond de futuristische stad uit Fritz Lang’s sf-film Metropolis (1927) bezong Krall smachtend haar eenzaamheid, met basdrums kloppend als een hartslag, tegen banjo en een jankende elektrische gitaar aan. En ook in de blues I’m a Little Mixed Up, een nummer van nachtclubzangeres Betty James, werd het warm. Thuis voelt Krall zich ook bij Tom Waits. Zijn Temptation zong ze al eens op een andere cd, maar de rockversie van gisteren was zwoel en zompig. Verfrissend wanneer Krall doet wat ze leuk vindt.