Arbeidseconoom met een grote passie voor het publieke debat

Het vertalen van complexe economische theorieën naar de dagelijkse praktijk; dat was een drijfveer voor de de econoom Theeuwes.

Foto Roel Rozenburg

De arbeidseconoom Jules Theeuwes hield van provocerende uitspraken. „Arbeiders zijn in 2030 net zo schaars als olie.” Dit is het gevolg van een krimpende beroepsbevolking en een stijgende vraag naar hoogopgeleiden. De uitspraak zwengelde een debat over de arbeidsmarkt van de toekomst aan.

Jules Theeuwes, een van de meest vooraanstaande naoorlogse arbeidseconomen in Nederland, overleed dinsdag op 68-jarige leeftijd aan de gevolgen van kanker. Als econoom was hij breed georiënteerd. Naast arbeidseconomie behoorden economie en recht, en marktwerking tot zijn specialisaties.

Theeuwes was wetenschappelijk directeur van SEO Economisch Onderzoek en emeritus hoogleraar toegepast economisch onderzoek aan de Universiteit van Amsterdam. Maar hij was vooral de man die gecompliceerde economische problemen helder aan iedereen kon uitleggen. Een daardoor ook een geziene adviseur van menig minister van Sociale Zaken en Economische Zaken.

Jules Theeuwes werd op 10 oktober 1944 geboren in Noorderwijk (België) en studeerde handels- en consulaire wetenschappen aan de Universiteit van Antwerpen (1966) en economische wetenschappen aan de Katholieke Universiteit van Leuven (1970).

Hij promoveerde in 1975 aan de University of British Columbia (Vancouver, Canada) op het proefschrift Family Labour Force Participation- and Supply Decisions. Daarna was hij tien jaar medewerker aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. Hij verhuisde van België naar Nederland en ging er, zo schreef hij, qua geluksbeleving ook op achteruit, „qua eetgenot bijvoorbeeld”.

Van 1986 tot 1998 was hij hoogleraar algemene economie aan de Universiteit van Leiden, en vanaf 1998 hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam. Theeuwes was wetenschappelijk directeur van SEO Economisch Onderzoek van 1998 tot 2002 en algemeen directeur tussen 2006 en 2010. Tussentijds maakte hij vier jaar deel uit van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid.

Tot enkele weken geleden was hij ondanks zijn ziekte nog vol op aan het werk, zegt SEO-directeur Barbara Baarsma . „Hij schiep groot genoegen in het vertalen van economische theorieën naar toepassingen in de praktijk. En hij had een grote passie voor het publieke debat.”

Op de vrijdagochtend dat kabinet, werkgevers en vakbeweging, „blij als schipbreukelingen met land in zicht het pensioenakkoord presenteerden, sprak premier Rutte over een ‘akkoord voor de toekomst’. Maar is het wel een akkoord en heeft het toekomst?”, zo begon hij vorig jaar zomer een artikel in de Volkskrant, waarbij hij het pensioenakkoord fileerde. Conclusie: het is „onvolledig en onvolmaakt en zeker geen akkoord waarmee we de toekomst hebben veiliggesteld”.

Toen bij hem drie jaar gelden kanker werd geconstateerd, besloot Theeuwes zijn werk zoveel mogelijk voort te zetten. Hij werd onder meer voorzitter van de Expertcommissie effectmeting innovatiebeleid van het ministerie van Economische Zaken, Landbouw & Innovatie. Het rapport verschijnt binnenkort.