Opnieuw rechtszaak over vergoeding voor klokkenluiders

Klokkenluider Floor Drost, die illegale werk- en prijsafspraken in de bouwsector onthulde, stapt naar de rechter voor een hogere schadevergoeding van de overheid. Hij wil dezelfde behandeling als Ad Bos, die in 2009 als klokkenluider een vergoeding kreeg van de overheid voor zijn rol in het onthullen van de bouwfraude.

Drost heeft deze week een eindbod van de landsadvocaat gekregen „van enkele tonnen” als vergoeding voor de materiële en immateriële schade die verband houdt met zijn rol als klokkenluider. Drost weigert akkoord te gaan met het bedrag, dat volgens hem te laag is.

Dorst raakte berooid nadat hij in 2004 een schaduwboekhouding van bouwconcern Boele & van Eesteren aan de mededelingsautoriteit NMa had gegeven. Zijn eigen bouwbedrijf kreeg geen opdrachten meer. Hij werd bedreigd en moest op advies van de politie onderduiken. Drost wil daarvoor gecompenseerd worden. „Het is niet meer dan redelijk om mij dezelfde behandeling te geven als Bos”, aldus Drost.

Advocaat Sjaak Pleiter van Floor Dorst vraagt eerst een voorlopig getuigenverhoor aan bij de rechtbank. Daarin wil hij onder meer Ad Bos en oud-minister Guusje ter Horst, oud-minister van Binnenlandse Zaken, onder ede laten horen. Pleiter: „Om te komen tot een gelijke behandeling voor alle klokkenluiders is het van belang te weten welke factoren zijn meegenomen in de bepaling van de schadevergoeding van Ad Bos, en hoe dat traject is verlopen.”

Ad Bos kreeg compensatie omdat hij in 2002 de bouwfraude aan het licht had gebracht. Die zaak leidde tot de parlementaire enquête naar verboden praktijken in de bouw. Hij vroeg 10,5 miljoen euro en kreeg, naar verluidt, enkele miljoenen. Floor Drost – zijn zaak trok minder aandacht dan die van Bos – kreeg aanvankelijk niets, omdat aan hem nooit toezeggingen zijn gedaan en aan Bos wel, volgens Ter Horst. Nog steeds staat de Staat op het standpunt dat zij niet verplicht is Drost te betalen. Advocaat Pleiter: „Men zegt hem uit coulance wel financieel te willen helpen. Maar tussen het eindbod van de Staat en het bedrag dat Drost heeft berekend – om zijn leven weer op te kunnen pakken – zit een flink gat.”