Hij is 17 en gaat het maken bij City

Manchester City, de tegenstander van Ajax vanavond, investeert veel in de eigen jeugd. Ook de Nederlander Karim Rekik wordt opgeleid door de club.

21 Sep 2011, Manchester, Greater Manchester, England, UK --- Karim Rekik of Manchester City --- Image by © BPI/Matt West/BPI/Corbis © BPI/Matt West/BPI/Corbis

Redacteur Voetbal

Manchester. Karim Rekik heeft een helder doel voor ogen. „Op mijn negentiende wil ik in het eerste elftal van Manchester City staan”, zegt de zeventienjarige Nederlander op onverschrokken toon in de kelders van het Etihad Stadium. „Dat is al over minder dan twee jaar. Daar ben ik me wel van bewust. Ik wil de beste verdediger van de wereld worden.”

Rekik is een van de kroonjuwelen van de City Football Academy. De zoon van een Tunesische vader en een Nederlandse moeder werd als tiener losgeweekt bij Feyenoord nog voordat hij een contract had getekend. De jeugdinternational liet zich verleiden door de ambitieuze plannen van de Engelse kampioen. Clubeigenaar sjeik Mansour bin Zayed al-Nahyan mag dan in vier jaar tijd meer dan een half miljard euro aan voetballers hebben uitgegeven, bij City moet uiteindelijk de jeugd de toekomst hebben.

Manchester City wil niet alleen het beste clubteam zijn, maar ook het beste opleidingsinstituut van Engeland worden. Een talent als Rekik vastleggen past in de filosofie van de club, die op korte termijn verplicht is om minimaal vier Engelsen en vier zelf opgeleide spelers in de selectie te hebben. Vlak naast het stadion van City wordt op een voormalig fabrieksterrein een ultramodern trainingscomplex uit de grond gestampt. Medio 2014 moet dat klaar zijn.

Patrick Vieira is bij City verantwoordelijk voor de ontwikkeling van jonge spelers als Rekik. De oud-speler van AC Milan, Arsenal, Juventus, Inter en Manchester City heeft er vertrouwen in dat de centrale verdediger voldoende potentie heeft om de top te bereiken. „Rekik heeft die typische zelfverzekerde uitstraling over zich die veel topvoetballers van nature hebben”, zegt Vieira in een onderonsje met een klein groepje Nederlandse journalisten. „Het is nu aan ons als club hem verder te brengen. Als dat niet lukt, dan hebben wij gefaald.”

Rekik is een van de vierhonderd jeugdvoetballers van City. Zijn zeven jaar jongere broertje Omar speelt in het ‘onder de twaalf elftal’ van de club. „Voor mijn ouders en mij was het een van voorwaarden dat er ook een plek zou zijn voor hem”, zegt Rekik. „Ze vonden mijn broertje goed genoeg. Hij zegt dat hij mij later het eerste elftal uit gaat spelen.”

Manchester City denkt tussen de vijf en tien jaar nodig te hebben om de opleiding op volle toeren te laten draaien. „City is misschien geen club met een grote historie, maar we willen het beste van het beste neerzetten”, zegt Vieira. „Daarvoor zijn we bij tal van sporten overal ter wereld gaan kijken. Clubs als Barcelona en Ajax gelden als voorbeelden. Wij ontwikkelen onze eigen filosofie. En wie daar in gelooft, zoals Rekik, is welkom. Waarom zouden Nederlandse talenten hier niet naartoe komen?”

In Rotterdam was zijn weg naar de hoofdmacht nog niet uitgestippeld, maar in Engeland sloot Rekik vrij snel aan bij de A-selectie van Manchester City. „Bij Feyenoord kon ik in de jeugd veel op fysieke wijze oplossen, maar als je hier in de training tegen mannen als Edin Dzeko en Mario Balotelli staat, is dat toch wat anders”, zegt Rekik, die al een paar keer van coach Roberto Mancini in het eerste elftal een kans kreeg.

De nummer 44 van City werd door zijn club niet opgegeven voor de Champions League en zit dus vanavond voor het duel met Ajax niet bij de selectie. Rekik is aanvoerder van Jong Manchester City en moet zich vooralsnog vanuit de anonimiteit in de schijnwerpers spelen. De concurrentie, met topverdedigers als Vincent Kompany en Joleon Lescott, is groot. Maar dat deert Rekik niet. „Ik denk dat ik beter kan worden dan deze jongens”, zegt hij zelfverzekerd.

Talloze malen heeft Rekik uit moeten leggen waarom hij op zo jonge leeftijd is vertrokken. Daarbij wordt vaak verondersteld dat hij voor het grote geld heeft gekozen. Natuurlijk kent Rekik de verhalen van jongens als Jordy Brouwer, Patrick van Aanholt en Vincent van den Berg, die de verwachtingen bij topclubs als Liverpool, Chelsea en Arsenal niet waar konden maken en op hun schreden terugkeerden naar Nederland. Rekik haalt zijn schouders op. „Ja, zo is het ook prachtig om te zien dat oud-ploeggenoten als Jean-Paul Boëtius en Tonny Vilhena doorbreken bij Feyenoord. Maar ik kijk niet naar anderen. Het heeft voor een groot deel met mentaliteit te maken of je het redt. Ik geloof in mezelf.”