Winst en verlies

1. De euro

De zin dat landen „naar elkaar [moeten] toegroeien” staat letterlijk in het PvdA-programma. De VVD stelt in haar programma juist „geen behoefte te hebben aan vage vergezichten”.

PvdA wint

2. Noodfondsen

Lidstaten uit de Europese Unie die een beroep doen op gemeenschappelijke noodfondsen, zijn verplicht met specifieke maatregelen hun begrotingen op orde te brengen. Dit staat ook zo in de programma’s van VVD en PvdA.

Beide partijen winnen

3. Bankenunie

In het overleg tussen de Europese regeringsleiders zijn de eerste stappen op weg naar een bankenunie inmiddels gezet. Premier Rutte is daarmee akkoord gegaan. In het VVD-programma wordt het woord vermeden, het PvdA-programma pleit voor een Europese bankenunie. (De bankenunie wordt eerder in het regeerakkoord ook genoemd.)

PvdA wint

4. Nationaal versus Brussel

De Europese Unie moet kritisch kijken of taken die nu in Brussel worden verricht niet beter aan de lidstaten kunnen worden overgelaten. In zowel het programma van de VVD als dat van de PvdA valt het woord subsidiariteit.

Beide partijen winnen

5. Uittreden

Sinds het nieuwe Europees Verdrag van kracht is, kunnen lidstaten als ze dat willen uit de Europese Unie treden. Het verlaten van het ‘Schengen-gebied’ – dit zijn de landen binnen de Europese Unie die de grenscontroles volledig hebben opgeheven – staat in het VVD-programma.

VVD wint