Theeblaadjesindex wijst op Chinese verbetering

De scherpe neergang in China waar velen voor hebben gewaarschuwd is uitgebleven. De harde landing blijft uit.

De afgelopen dagen toonde een onderzoek onder inkoopmanagers PMI, dat nauwlettend in de gaten wordt gehouden, een terugkeer naar groei. Daarmee ligt de Chinese economie op koers voor een economische groei van ongeveer 7,5 procent in 2012. De zogenoemde Tea Leaf Index, de theeblaadjesgraadmeter, van Breakingviews wijst eveneens op verbetering. Toch zal speculatie over een scherpe neergang aanhouden omdat de Chinese economie onevenwichtig blijft.

De grootste bedreiging voor groei in China is onroerend goed, dat verantwoordelijk is voor ongeveer 15 procent van het nationale inkomen. Hoewel het aanbod in veel steden groter is dan de vraag, heeft een overvloed aan nieuw krediet ervoor gezorgd dat bouwprojecten doorgaan. Dat is grotendeels buiten de banken om gegaan: leningen via beheermaatschappijen zijn bijvoorbeeld van augustus tot september met 63 procent gestegen.

Een scherpe daling is dan ook onwaarschijnlijk, maar toch is de economische vertraging reëel. Goederenvervoer per spoor daalde in september voor de vierde maand op rij ten opzichte van een jaar eerder – hoewel dat nog niet zo ernstig is als de zeven maanden durende achteruitgang tijdens de crisis van 2008.

Werkgelegenheid, een belangrijke indicator vanwege het verband die het houdt met sociale onrust, nam verder af. Volgens HSBC heeft tien procent van ondervraagden bij zijn eigen PMI minder werknemers in dienst dan in de maand ervoor. Geen wonder dat afgestudeerden snakken naar de stabiliteit van overheidsbanen.

De Chinese economie zal het doelwit blijven van uiterst negatieve voorspellingen, wegens een te grote afhankelijkheid van grillige investeringen en exporten. Weliswaar groeit de consumptie, maar dat zou voor langere tijd sneller moeten gaan dan andere onderdelen van het nationale inkomen om de opgelopen achterstand in te halen. De winkelverkopen vertoonden in september een groei van 19 procent op jaarbasis, maar investeringen in vaste activa stegen met 21 procent.

Al met al zijn er weinig aanwijzingen dat China evenwichtiger is geworden. De yuan is nog steeds zwakker dan de munt zou moeten zijn: volgens JPMorgan heeft de munt sinds een hoogtepunt in april een daadwerkelijke devaluatie van 4 procent doorgemaakt.

Aanschaf van olie en water ligt volgens een schatting van Deutsche Bank ongeveer 30 procent onder de evenwichtsprijs wat neerkomt op een subsidie voor zware industrie ten koste van consumenten. Zo lang deze onevenwichtigheden blijven bestaan, zullen ook waarschuwingen voor een scherpe neergang aanhouden.

Breakingviews is een dagelijks commentaar vanuit de City in Londen. Vertaling door Frank Kuin