Stoffelijke resten van Arafat op 26 november opgegraven

Portret van de oud-leider Yasser Arafat

De stoffelijke resten van de in 2004 overleden Palestijnse oud-leider Yasser Arafat zullen op 26 november worden opgegraven. Dat meldt persbureau op basis van de berichtgeving van een westerse diplomaat. Diverse Zwitserse deskundigen zijn vandaag bijeen om te bespreken hoe de opgraving plaats zal vinden.

Het Zwitserse onderzoeksteam heeft het graf van Arafat in Ramallah uren geïnspecteerd om zich voor te bereiden op de opgraving. Onderzocht zal worden wat de precieze doodsoorzaak is van Arafat. De oud-leider ligt begraven in het mausoleum nabij het hoofdkwartier van de Palestijnse regering. Wat er exact uit het onderzoek is voortgekomen wil de westerse diplomaat niet bekendmaken, omdat het nog gaande is. Eind november keren de deskundigen terug voor de opgraving. Ook een groep Franse specialisten is betrokken bij het onderzoek.

Arafat mogelijk vergiftigd

Palestijnse autoriteiten gaven toestemming voor de opgraving toen bleek dat Arafat mogelijk vergiftigd is. In een Zwitsers laboratorium vonden deskundigen de radioactieve stof polonium-210 in de kledingstukken van de Palestijnse oud-leider. Onderzoek naar de botten van Arafat zou moeten uitwijzen of de politiek leider vergiftigd is of niet. Beide onderzoeksteams, die afzonderlijk van elkaar opereren, krijgen slechts een keer de kans om monsters te verzamelen voor hun onderzoek.

De weduwe van de oud-leider, Suha Arafat, dringt al langer aan op een onderzoek naar de dood van haar man. Haar relatie met de Palestijnse autoriteiten is hierdoor niet altijd even rooskleurig geweest. Arafat overleed in november 2004 in een ziekenhuis in Parijs. Franse artsen spraken destijds van een hersenbloeding. Er deden destijds echter ook geruchten de ronde dat hij aan kanker of aids was bezweken en ook werd druk gespeculeerd over de mogelijkheid dat hij vergiftigd was door Israëlische agenten.