'Staphorst laat niemand onberoerd'

Een nieuwe website wil een afgewogen beeld geven van Staphorst, ter bestrijding van clichés. „Op de volksgerichten rust een taboe.”

Staphorst, 1961. Een overspelige man en vrouw worden ’s nachts uit hun huis gehaald en op een kar door het dorp gereden. Bespuugd. Uitgelachen. De gemeente grijpt niet in, want het is zondagochtend. Door de affaire wordt het Overijsselse dorp symbool voor achterlijk religieus Nederland. Middeleeuws, vindt de pers het volksgericht.

Nog steeds is het heersende beeld van Staphorst een beeld vol clichés. Maar dat moet veranderen.

Dit weekeinde werd Staphorst in Beeld gelanceerd; een ‘digitale expositie’, ofwel een website, met publicaties over het dorp. Foto’s, films, schilderijen, maar ook documentaires en antropologisch onderzoek. Het is geen complete geschiedenis, wel een representatieve afspiegeling van hoe Staphorst naar voren kwam in de media.

Zo zijn de eerste gefilmde beelden van het dorp te bekijken, uit 1921, met paardenkarren en vrouwen en kinderen in klederdracht die – in weerwil met de latere afkeer van de dorpelingen voor het zogenaamde ‘duivelse oog’ – vrijelijk poseren voor de camera. Er zijn beelden van filmmaker Max de Haas uit 1955, die het in 1937 ingestelde plaatselijk verbod op fotografie negeerde. Zijn overtreding was het begin van de cameraschuwheid. Er is een expositie van de schilderijen van Stien Eelsingh, de kunstenares van het dorp die een bohémien leven leidde, inclusief wilde kunstenaarsfeesten, maar wel met respect voor de zondagsrust. De site bevat ook recente reportages, zoals een bezoekje van DWDD-jakhals Erik aan het dorp eerder dit jaar, nadat de gemeente een link naar ‘hulp bij abortus’ van de gemeentelijke website had verwijderd.

De stichting Sous les Arbres, die als doel heeft ‘de streekcultuur van Overijssel te verbeelden’, vroeg antropologe Wendelien Voogd om research voor het project te doen. „Ze wilden iemand van buiten het dorp”, aldus Voogd. Ze deed onderzoek in archieven maar sprak ook met de dorpsbewoners zelf. „Zolang je niet met een vooropgezet idee met hen in gesprek gaat, word je vriendelijk ontvangen. Ik paste me wel een beetje aan. Ik droeg een rok. Dat is respectvol.”

De bedoeling is een compleet beeld te scheppen van Staphorst, als tegenhanger van alle clichés. Niet zozeer om die te ontkrachten, want sommige snijden wel degelijk hout, maar om, aldus Voogd, het dorp „terug te geven aan de bewoners”.

Veel inwoners van Staphorst kijken geen tv – dat cliché klopt – maar internet mogen ze van de kerk wel gebruiken. Mits ze een ‘familiefilter’ hebben. „Nu kunnen ze eindelijk de beelden zien die al die jaren van hun dorp gemaakt zijn.”

Zo is er bijvoorbeeld de beroemde reportagereeks van AVRO’s Televizier uit 1971, naar aanleiding van de uitbraak van polio waardoor vijf kinderen stierven en tientallen verlamd raakten. Verslaggever Wibo van de Linde spreekt daarin met ouderling Kier Bouwman. Met zijn eigen kleindochter spelend op de achtergrond vertelt Bouwman dat hij haar nooit zou laten inenten, omdat de ziekte de wil van God is.

Voogd becommentarieert het fragment op de site. „Weinig hebben geweten dat deze ouderling een groot risico nam door zich te laten interviewen door de televisie, en dat hij later uit de kerkraad is gezet wegens zijn optreden”, schrijft ze. De lezer proeft dat Voogds sympathie bij de Staphorsters ligt. „Ik ben antropoloog, maar ik ben ook een mens. Helemaal objectief zijn bestaat niet.” Dat komt, denkt ze, omdat Staphorst emotioneert. „Je houdt ervan of je haat het. Het laat je niet onberoerd.”

Hoewel de plaatselijke afdeling van de Rabobank Staphorst-Rouveen het project heeft gefinancierd, voelde Voogd zich niet geremd kritisch te zijn, met name op het verleden van volksgerichten. „Het is tijd dat de Staphorsters dat verleden veroordelen. Dat doen ze niet. Er rust nog steeds een taboe op.” De financiers hebben de teksten op Staphorst in Beeld niet gelezen, zegt Voogd. „Het is niet bedoeld als één grote reclame voor het dorp.”

In een essay dat ze schreef ter promotie van het project, roept ze echter op: ‘Omarm het Staphorst in jezelf’. „Dat moet je niet te serieus nemen. Velen van ons zijn opgevoed met de dwang om succesvol en gelukkig te zijn. Dat geeft druk. Voor de Staphorsters is het leven ook lijden. En dat is best een verademing.”

website: www.staphorstinbeeld.nl

    • Janna Laeven