Jeremiah zwierig en groots met het Metropole Orkest

Pop

Jonathan Jeremiah, Michael Kiwanuka. Gehoord: 4/11 Carré. ****

Twee Britse zangers speelden gisteravond, begeleid door het Metropole Orkest in Carré, Amsterdam. Voor Jonathan Jeremiah was deze muzikale omlijsting een uitkomst, Michael Kiwanuka had de zaal ook wel met een akoestische gitaar veroverd.

De muziek van Jeremiah, die als eerste optrad, kreeg vleugels dankzij het 50-koppige orkest. De liedjes die hij maakte voor zijn eerste cd waren destijds nogal alledaags, maar de nummers op zijn onlangs verschenen Gold Dust, die hij samen met het Metropole Orkest opnam, hebben diepte en een mooi meanderende omlijsting. De lange, engelachtige Jeremiah heeft een stem als een crooner; hij kan aanzwellen als een hoorn en terugvallen tot een fluistering. In combinatie met het orkest klonk hij zwierig en groots, in liedjes als Happiness (met indrukwekkende trombone-solo) en Gold Dust.

De van oorsprong Oegandese Kiwanuka maakte dit jaar zijn debuut met de prachtige cd Home Again en verwierf in korte tijd een grote aanhang. Ook Kiwanuka heeft een volle stem, maar die is zo fijnzinnig is dat hij ook tijdens uithalen onderliggende nuances van duisternis tot uitdrukking weet te brengen.

Nadeel van zo’n groot orkest als het Metropole is dat het log kan zijn, zowel visueel als muzikaal. Bij Jeremiah waren er momenten dat een dynamischer beeld beter was geweest, en dat er iets te veel werd uitgesponnen. Bij Kiwanuka daarentegen leek alles te vibreren, trillen, en gonzen.