Je kijkt altijd naar de ogen, ook al zitten ze in de staart

Ogen trekken de aandacht, zelfs als ze op een ongewone plek zitten, zoals op de staart of vuisten van een monster. Dat schreven twee psychologen en een 14-jarige scholier, zoon van één van de onderzoekers, vorige week in Biology Letters. De drie verrichtten hun onderzoek met figuren uit het fantasy-bordspel Dungeons & Dragons (D&D).

Het idee voor het onderzoek ontstond thuis bij Alan Kingstone, als onderzoeker verbonden aan de University of British Columbia (Canada), tijdens het avondeten. „Ik vertelde dat een collega beweerde dat het onmogelijk was om te onderzoeken of mensen hun blik op ogen fixeren of gewoon op het midden van het hoofd. Mijn zoon Julian merkte toen op dat het met zijn D&D-figuren wel mogelijk is de twee hypothesen te onderscheiden, omdat hun ogen soms op vreemde plekken zitten”, schrijft Kingstone in een e-mail.

Julian, toen 12 jaar oud, deed de experimenten zelf. Hij koos geschikte afbeeldingen en rustte proefpersonen uit met de apparatuur om hun oogbewegingen te volgen.

In de eerste oogsprong (saccade) richtten de proefpersonen hun blik op het midden van de figuur, ongeacht of een monster of mens was afgebeeld. Maar na de tweede saccade keken ze gemiddeld vaker naar de ogen van beest en mens. Waar de proefpersonen keken verschilde, schrijven vader, zoon en collega, maar wat ze zagen, was hetzelfde: ogen.