Energieke en creatieve gekte geen kunstje dankzij de band

Jazzsaxofonist Bart Wirtz won vorige week de Edison Publieksprijs voor zijn album iDreamer.

Han Bennink Trio. Gehoord: 2/11, BIMhuis, Amsterdam.

Er ligt een man op het podium van het BIMhuis. Zijn rug plat op de grond, links naast hem de Deense pianist Simon Toldam, rechts de Belgische saxofonist en klarinettist Joachim Badenhorst. In beide handen heeft de man een drumstok waarmee hij de toegift van het concert voorziet van een paar klappen op de grond, zoals de laatste spasmes van een marionet.

Han Bennink is een van Nederlands bekendste jazzdrummers en, ondanks zijn 70 jaar, nog lang niet uitgespeeld. Hij trad vrijdag met zijn trio op en deed dat zoals alleen hij dat kan; drumstokken in de mond, op de grond en door de lucht. Stampend op alles wat klinkt. Joelend door de muziek, en dat alles met volle overtuiging.

Ik behoor tot een nieuwe generatie musici en heb de opkomst en internationale successen van Bennink en de Instant Composers Pool niet zo direct meegemaakt. Maar de vrije manier van muziek maken, waarvoor ze werden gevierd en verguisd, is volgens mij anno 2012 niet meer vernieuwend. Wat overblijft is het herkenbare eigen geluid en de extravagante persoonlijkheid van Bennink. In de door hem gecultiveerde gekte blijft hij energiek en creatief.

Het gevaar ligt natuurlijk op de loer dat het een kunstje wordt, maar het trio werd aangevuld met twee jonge gasten die met beide benen in het hier en nu staan. De nadruk bij dit trio ligt bij de vrije improvisatie, maar het was gaaf te zien dat ze ook een duidelijke binding hebben met popmuziek en andere stijlen. Rietblazer Badenhorst switchte met een mooie toon op vooral de (bas)klarinet makkelijk van basfunctie naar melodie. Pianist Toldam speelde muzikaal en met veel zeggingskracht. Dankzij deze musici werd Bennink’s gekte nooit waanzin.