Waar speel ik morgen, waar repeteer ik?

Pianist Marcel Worms was op toernee in Rusland met zijn internationale bluesproject. Hij speelde onder andere in Irkoetsk en Moskou. „Het is hier een doorlopende spoedcursus assertiviteit en stressmanagement.”

Donderdag 25 oktober

Bij het wakker worden een mooie sms van Nathan: Ajax wint met 3-1 van Manchester City.

Eindelijk een paar uur vrij na drie gevulde dagen. Maandag vloog ik naar Sint-Petersburg, waar ik de avond doorbracht bij consul-generaal Jennes de Mol, met uitzicht op de verlichte Neva. ’s Nachts vloog ik door naar Perm, tweeduizend kilometer oostelijker. Daar speelde ik dinsdagavond in de Filharmonia op een wondermooie Steinway. Woensdagmorgen vroeg reed ik een stukje trans-Siberische spoorlijn (van Perm naar Jekaterinenburg) in het gezelschap van traagslurpende theedrinkers in trainingspak.

In Jekaterinenburg bleek een low profile masterclass op een jazzmuziekschool een event voor zeker zestig met videocamera’s bewapende ouders en kinderen. En wat een verbazend hoog niveau! ’s Avonds deed ik in de Ever Jazz Club mijn best op een vermoeide ‘Rode Oktober’ vleugel. Als klassiek pianist werd ik gelukkig meer dan gedoogd in deze jazzclub.

Deze ochtend wandel ik door Jekaterinenburg. Lina, mijn Franssprekende impresario uit deze stad, heeft mijn Russische concertreis geregeld. Ze is charmant maar organisatorisch niet briljant. „Het is mijn eerste tournee”, zegt ze verontschuldigend, op weg naar het vliegveld. Tijdens de vlucht naar Moskou haal ik nog wat slaap in. Mijn vlucht naar Krasnodar is vertraagd en bij aankomst zijn Anna en Elhan (het ontvangstcomité) pijnlijk afwezig. In anderhalf uur wachten heb ik zeker dertig taxichauffeurs moeten afschepen.

Alleen Anna spreekt een beetje Engels. In het afgelegen Hotel Amigo vraag ik of er voor morgen nu nog een masterclass is georganiseerd. „Nee, de studenten zijn zo lui”, verzucht Elhan, die zelf ook een erg vermoeide indruk maakt.

Vrijdag

Ik kan pas om half twaalf op het Conservatorium studeren. Anna brengt me naar een café in een winkelcentrum tegenover de zaal, waar ze Kafe Makkiato hebben, al weet de serveerster niet wat het is. In die zaal staat ook weer een heerlijke Steinway. Na een uur begint een groep van zo’n 25 studenten grote spandoeken op het podium op te hangen en zo studeer ik onder de gesnauwde bevelen van een in een rood mantelpak gestoken docente. Ik lunch met Anna, een perfect specimen van het zorgelijke en zuchtende Slavische type. Krasnodar ligt dicht bij de Zwarte Zee en het is er subtropisch. Op veel plaatsen oogt de stad als een boerendorp maar wel een met files. Ik breng veel tijd in de auto door.

Een uur voor het concert: vertaler en bladomslaander zijn er niet, maar zorgelijker is het geringe aantal concertgangers. Niet verbazend, zeg ik, als de affiche alleen vermeldt dat ik uit Gollandia kom en Fortepiano speel. Anna barst in tranen uit. Uiteindelijk zal ik, een half uur te laat, het podium betreden. Maar dan heeft Anna een verzoek: „Please don’t play!” In dat geval hoeft ze namelijk de huur niet te betalen. Maar ik wil niet meer voor het spelen de zaal uit en geef het concert gewoon voor een handjevol luisteraars. Over het etentje na het concert wordt nu niet meer gesproken.

Zaterdag

Veel regen. Onverwacht brengt Anna me toch naar het vliegveld. Wil ze iets goedmaken? Ze oogt nog treuriger dan gisteren. Via Moskou vlieg ik naar Irkoetsk, Oost-Siberië.

Zondag

In Irkoetsk is het vijf uur later dan in Moskou. Bij aankomst in alle vroegte stroomt de vrieskou het vliegtuig binnen. De eetzaal van Hotel Zvezda (Ster) is een Chinese theetuin en er zit al een groep Chinezen te tafelen. Na een dag reizen wil ik weer spelen, maar waar? Contact met de Festivalorganisatie (ik speel op het Baikal Waves Jazz Festival) is onmogelijk. Alexander, de directeur, wordt in het hotel verwacht maar wanneer is onbekend. Dan maar naar het centrum, waar op zondagmorgen gelovigen zich fanatiek bekruisen voor de iconen onder het geklater van kerkklokken. Bij terugkomst geen Alexander. ’s Middags ga ik op goed geluk naar de Filharmonia, werk me langs vijf Siberische reuzinnen tot ik toevallig de artistiek directeur ontmoet. Natuurlijk kan ik hier studeren, maar eerst moet ik het volksmuziekfestival bijwonen. Muziek en dans zijn me iets te blij. Daarna mag ik op een Petrovpiano studeren. De avond breng ik alleen door. Waar speel ik morgen? Wanneer repeteer ik? Geef ik nog een masterclass? In Rusland is alleen gebrek aan antwoorden.

Maandag

Alexander bestaat! Een jonge man met een visachtige, bangige blik. Iemand van weinig woorden: „Afternoon can play.” Maar weer een halve dag in het hotel trekt me niet en dus ga ik met hem mee naar een jeugdjazzcompetitie in een buitenwijk. Het niveau is hoog. Ik vind daar nog studeermogelijkheid ook.

Een paar uur voor het concert wil ik naar de zaal. Bij aankomst is er een band aan het soundchecken. Een half uur voor aanvang probeer ik het nog eens, maar nu is weer een andere band aan het repeteren. Het is hier een doorlopende spoedcursus assertiviteit en stressmanagement. Alles wordt vijf minuten voor aanvang alsnog geregeld. Het enthousiasme van de zaal maakt veel goed. Eindelijk ontmoet ik ook andere musici tijdens de jamsessies na afloop.

Dinsdag

Met 150 kilometer per uur rijdt Andrej ons over een smalle besneeuwde weg naar het Baikalmeer, dat 20 procent van al het zoete water op aarde bevat. Ik reis samen met de Amerikaanse zangeres Maya Azucena en haar band. Met een oude skilift gaan we naar boven. Op een markt eten we vis uit het meer en we laten ons vertederen door de Baikalzeehondjes. ’s Avonds verovert Maya het publiek met haar persoonlijkheid en haar overrompelende stem. Zij is de ster van de avond, samen met trompettist Valery Ponomarew die in 1973 naar New York uitweek en bij Art Blakeys Jazz Messengers speelde.

Het heeft heel wat voeten in de aarde voordat Alexander in een schemerig kamertje mijn honorarium, in biljetten van duizend roebel, voor me uittelt.

Woensdag

Mijn matineuze vlucht naar Moskou blijkt vertraagd waardoor ik de aansluiting naar München mis. Uren ben ik bezig om een nieuwe boardingpass te bemachtigen. Weinig personeel op Domodedovo Airport spreekt Engels. ’s Avonds in München blijken alle vluchten naar Amsterdam vol. De Duitse vriendelijkheid in het airporthotel vergoedt veel.

Donderdag 1 november

Om 6.40 pünktlich vertrek ik naar Amsterdam. De combinatie van ‘goed georganiseerd’ en ‘Duitsland’ is, historisch gezien, geen gelukkige maar kwam na de Russische chaos nu wel even goed uit. Thuis begin ik meteen aan dit Hollands Dagboek om, na 36 uur reizen, niet in slaap te vallen. Gelukkig is mijn volgende concert in Amsterdam en bereikbaar per fiets.