Het circus reist - met bestemming VS

Dubbelsterren Amerika blijft het beloofde land voor (top)wetenschappers en studenten.

Wetenschappers

Wetenschappers bewegen zich steeds gemakkelijker van het ene land naar het andere. Elk land hoopt daarbij natuurlijk dat er geen brain drain optreedt maar juist brain gain – buzzwords die betekenen dat er meer talent bijkomt dan er wegloopt. Nature schetste onlangs (18 oktober) een nog hoopvollere toekomst, waarin louter sprake is van brain circulation, talentvolle wetenschappers die de wereld rondreizen, dan eens hier werken en dan eens daar.

Iedereen zou ervan profiteren. Maar zo ver is het nog niet – ontwikkelingslanden als India hebben bijvoorbeeld nog steeds te maken met toptalent dat emigreert. De Verenigde Staten zijn daarbij onverminderd populair. Nature noemt de VS de ‘nummer één bestemming voor expat-wetenschappers uit bijna elk land’.

Vooral jonge wetenschappers zijn mobiel. In de Verenigde Staten is 61 procent van de postdocs (mensen op een tijdelijk onderzoeksproject) van buitenlandse komaf, schrijft Nature, en slechts 35 procent van de universitaire stafmedewerkers. En maar liefst 48 procent van de mensen die in de VS promoveren, is buiten de VS geboren.

Dat laatste cijfer komt uit een rapportage van Italiaanse onderzoekers, die hadden opgemerkt dat er maar weinig internationaal vergelijkbare gegevens waren over de landverhuizingen van wetenschappers. Daar probeerden ze zelf iets aan te doen. In de lente van 2011 namen ze vragenlijsten af bij wetenschappers in vier vakgebieden (biologie, scheikunde, aard- en milieuwetenschappen en materiaalwetenschap) en zestien landen (Australië, België, Brazilië, Canada, Denemarken, Duitsland, Frankrijk, Italië, India, Japan, Nederland, Spanje, het Verenigd Koninkrijk, de VS, Zweden en Zwitserland – deze landen publiceren samen ongeveer 70 procent van de artikelen in de geselecteerde vakgebieden). De onderzoekers schreven een willekeurige steekproef van auteurs van artikelen in de gekozen disciplines en landen aan; 40 procent vulde de vragenlijst in, ruim 17.000 wetenschappers.

Afgelopen zomer presenteerden de onderzoekers de eerste resultaten van hun ‘GlobSci’-survey op een congres in Australië en in december verschijnt hun onderzoek in Nature Biotechnology. De resultaten gaan dus niet op voor ‘de hele wetenschap’, maar ze geven wel een idee van de stromen aan wetenschappers tussen de onderzochte landen.

Vanuit bijna alle landen zijn de VS inderdaad de topbestemming. Alleen van de Belgische wetenschappers gaan er iets meer naar Frankrijk en van de Deense wetenschappers gaan er iets meer naar het VK, maar bij hen staan de VS op nummer twee.

Wetenschappers die uit de VS afkomstig zijn, gaan niet vaak naar andere landen: slechts 5 procent van de wetenschappers die op hun 18de in de VS woonde, werkt nu in een ander land. Daarmee laten de VS als wetenschappelijk emigratieland van de onderzochte landen alleen Japan achter zich. Ter vergelijking: ruim een kwart van de uit Nederland afkomstige wetenschappers werkte ten tijde van het onderzoek in het buitenland. Top-emigratieland is India – twee op de vijf wetenschappers die daar op hun 18de woonden, zijn elders gaan werken.

Gemiddeld werkt 40 procent van de naar het buitenland verhuisde wetenschappers nog samen met onderzoekers uit het land waar ze vandaan kwamen. Ook als wetenschappers uiteindelijk weer ‘terug naar huis gaan’, houden ze een groter internationaal netwerk dan wetenschappers die nooit een tijdje hun land uit zijn geweest. En artikelen met auteurs uit verschillende landen, zeggen de onderzoekers, staan relatief hoog aangeschreven.

Studenten

De internationale uitwisseling in de wetenschap begint al bij studenten. In 2010 studeerden er wereldwijd ruim 4,1 miljoen studenten (tijdelijk) in een ander land dan waar ze vandaan kwamen. Dat schrijft de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in een rapport dat in september verscheen (Education at a Glance 2012). Dit aantal is gestaag toegenomen sinds 2000, met gemiddeld 7,1 procent per jaar. De VS zijn veruit het populairste land wereldwijd: een op de zes van deze uitwisselingsstudenten belandt er. Het Verenigd Koninkrijk en Australië staan op de tweede en derde plaats (zie grafiek). Volgens de OESO is de taal dan ook belangrijk voor studenten die een buitenland kiezen om te studeren: veel studenten spreken al Engels of willen het graag leren.

Studenten wereldwijd willen dus graag naar de VS, maar in welk buitenland willen studenten uit de VS dan studeren? Ook die gaan het liefst naar een land waar ze de taal al kennen en dus komen de meesten van hen (ongeveer één op de acht) in het Verenigd Koninkrijk terecht. Italië staat op twee en Spanje op drie (Spaans is de tweede taal in de VS). Nederland komt pas op plaats 23.