Bollebozen en beroemdheden

Educatie Fysicus Brian Greene en tv-producent Tracy Day brengen wetenschap “naar het hart van de populaire cultuur” met film en muziek. Een Skypegesprek.

Hoogmoed komt voor de val. Zo wordt het verhaal van Icarus meestal uitgelegd. Icarus sloeg zijn vaders waarschuwingen in de wind en vloog steeds hoger naar de zon. Dat kon niet goed gaan natuurlijk: kijk hem liggen, neergestort, zijn zelfgemaakte vleugels gesmolten en geknakt.

Maar nee, zegt de New Yorkse snaarfysicus Brian Greene, haast verontwaardigd. “Zo hoeft het niet te zijn. Deze jongen gaat tegen autoriteiten in. Hij gaat in tegen wat de mensen zeggen. Alleen zo kun je grootse ontdekkingen doen.”

In die geest schreef Greene in 2008 ook het boek Icarus at the Edge of Time, over een jongen van 14 jaar die op reis gaat naar een groot zwart gat. Greene was toen al lang wereldberoemd. Zijn boeken The elegant universe en The fabric of the cosmos hadden maanden de bestsellerlijst van de New York Times aangevoerd. De gelijknamige tv-programma’s hadden hem een Emmy en een Emmy-nominatie opgeleverd. En met Icarus waagde hij zich toen ook aan een kinderboek.

“Nee, als je het weer dichtslaat, zul je niet ineens aan de algemene relativiteitstheorie kunnen werken”, zei hij destijds. “Maar ik hoop wel dat de hobbelige rit langs de randen van een zwart gat heeft laten zien dat wetenschap een heel groot avontuur is.”

Nu zit Greene samen met zijn vrouw Tracy Day voor een beeldscherm met skypeverbinding. Bleker en vermoeider dan wanneer hij voor een camera of op een podium staat, maar even gedreven. “Ik denk dat de meeste wetenschappers zichzelf zullen herkennen in deze interpretatie van het Icarusverhaal. Als je grootse ontdekkingen wilt doen, moet je het aandurven om dwars tegen de bestaande hiërarchie in te gaan.”

Had Greene bij het schrijven soms een specifieke jongen in gedachten? “Nee, niet echt. Ik heb af en toe aan onze zoon gedacht, al wil die gelukkig niet op reis naar zwarte gaten.”

Day, een beetje ironisch: “Onze zoon is nu zeven jaar”.

Greene, onverstoorbaar: “Waar het om gaat is dat dit een universeel verhaal is. Over een onderneming die tot een dramatische ontdekking leidt.”

Day: “Verhalen vertellen is belangrijk.”

Sinds 2008 zoeken Greene en Day samen naar verhalen die “hoogwaardige wetenschap” verbinden met tekst, beeld of andere manieren van presenteren “die mensen emotioneel raken.” In dat jaar richtten zij samen het World Science Festival op, een jaarlijks terugkerend evenement in de straten en theaters van New York. Een glamoureuze jamboree met een mix van ‘boffins en boldface names’, schreef de New York Times. Bollebozen en beroemdheden.

De op Greene’s boek gebaseerde voorstelling Icarus at the Edge of Time is er één van de hoogtepunten. Er hoort een animatiefilm van de Britse filmmakers Al Holmes en Al Taylor bij en muziek van Philip Glass, uitgevoerd door het Orchestra of St. Luke’s.

Maar ook aan de andere tot in de puntjes verzorgde voorstellingen en paneldiscussies zijn grote namen verbonden. De befaamde evolutiebioloog Edward O. Wilson kwam langs, de wereldberoemde kosmoloog Stephen Hawking, filosoof Daniel Dennett, wiskundige Roger Penrose, de schrijvers Joyce Carol Oates, Bill Bryson en Joshua Foer, de acteurs Glenn Close, Harrison Ford en Alan Alda (uit tv-serie M*A*S*H) – en dat is nog maar een kleine greep.

Greene: “Het was van meet af aan de bedoeling om wetenschap naar het hart van de populaire cultuur te brengen.

Day: “Wetenschap, film en muziek bijeen brengen was een deel van onze strategie.”

De grote namen kwamen natuurlijk mede uit de eigen adresboekjes. Niet alleen dat van Greene, ook dat van Day, die eerder als producent en journalist voor onder meer ABC News door de wereld trok en zo vier Emmy’s bij elkaar sprokkelde.

Maar het was niet vanzelfsprekend dat acteurs, dansers of regisseurs meededen, zegt Greene. “Wetenschap is niet diep geworteld in de Amerikaanse cultuur. Wat we wel merkten is dat mensen uit de entertainmentindustrie een oprechte interesse voor wetenschap met ons deelden. Net als het publiek. Alleen: die interesse was nooit aangeboord. Dat proberen wij nu wel te doen. Het moet spannend zijn, steekhoudend, interessant, en niet intimiderend.”

“We werken nooit met thema’s”, zegt Day. “Dat is beperkend. Wij willen journalistiek werken.” Timely and timeless, zijn de trefwoorden. Actueel en tijdloos. Zo was er dit jaar een tentoonstelling over drijvende steden op het dak van het Metropolitan Museum of Art. ‘Toonaangevende wetenschappers’ discussieerden over onder meer de vraag of je robots als bejaardenverzorgers mag inzetten en of je gekte moet behandelen als het ook pret en creativiteit brengt.

Zulke discussies passen bij de draai die Greene aan de Icarusmythe geeft. “De jongen gaat niet dood”, zegt Greene, “maar hij moet bij terugkeer wel met de gevolgen van zijn ontdekking zien te leven. Net zoals wijzelf dat telkens moeten. De wetenschap heeft het atoomtijdperk gebracht, het computertijdperk, het DNA-tijdperk, en dat was soms moeilijk. Steeds weer moeten we greep zien te krijgen op een nieuwe realiteit en ons leven en onze ideeën in overeenstemming zien te brengen met nieuwe regels.”

Hoe lang willen zij nog met het festival doorgaan? Greene: “Nou, ik ben nog steeds hoogleraar aan Columbia University in New York. Voor mij is het een extra. Het is vooral het werk van Tracy.”

Day stuurt als CEO een staf van twaalf mensen aan en vele medewerkers daarbuiten. Ze gaf er haar baan als televisieproducent voor op. Greene: “Tracy was ook co-producent, en ik mag wel zeggen hoofdproducent, van Icarus.” Kijkt opzij naar Day en dan in de laptopcamera: “Produceren is heel belangrijk.”

Day lacht een beetje: “We hebben geen plannen om te stoppen.”

Greene: “Misschien moeten we zeggen: we gaan door zolang wetenschap relevant is.” Altijd dus.

Day: “Tenzij onze kinderen niet meer willen dat we zo hard werken.”

En ja, naast het werk aan nieuwe edities en aan een nieuwe website, zijn ze inderdaad bezig met de export van hun festival naar het buitenland. Denken ze ook aan Nederland? Greene: “Ja, ook.” Deze zomer waren ze nog in Amsterdam. Day: “Het zou daar prachtig passen.”