Wat zijn de gevolgen van het regeerakkoord voor uw portemonnee?

Wat zijn de gevolgen van het regeerakkoord voor uw portemonnee? De precieze uitwerking van de maatregelen hangt uiteraard af van de persoonlijke situatie. Een voorlopige inschatting voor gezinnen, studenten, ouderen en huizenbezitters.

Rutte en Samsom bij de presentatie van het regeerakkoord. Foto ANP / Robin Utrecht

Het komende kabinet heeft een veelheid van maatregelen over het land uitgestrooid die iedereen zal raken. Maar in welke mate? Zelfs het Nibud – dat budgetvoorlichting moet geven – heeft vooralsnog geen antwoord. Ga ik er op voor- of achteruit? Belt u in januari maar terug, is de impliciete boodschap, dan weten we “hoe onze huishoudportemonnee er precies uitziet”.

De precieze uitwerking van de maatregelen hangt uiteraard af van de persoonlijke situatie. Zo is de bezuiniging op de AWBZ – verzekering tegen bijzondere ziektekosten – niet meegenomen in de koopkrachtberekeningen. Maar de gevolgen daarvan kunnen individueel groot zijn – bijvoorbeeld bij opname in een verzorgingstehuis. Een voorlopige inschatting.

Gezinnen

Menig gezinshoofd zal zich na de commotie van de afgelopen dagen zorgen maken over de zorgpremie. Als één kostwinner in zijn eentje goed is voor een gezinsinkomen van tweemaal modaal (66.000 euro), dan loopt de maandelijkse premie per saldo met maar liefst 225 euro op. In dit systeem wordt ook het eigen risico inkomensafhankelijk: voor deze inkomensgroep bedraagt dat maximaal 595 euro.

Dit is wat je er per maand op voor- of achteruit gaat
Wijziging premie per maand per huishouden (gecorrigeerd voor belastingwijzigingen)

Alleenstaande

Paar
Minstverdienende met klein inkomen van €18.800 bruto per jaar (minimumloon)
Inkomen hoofdkostwinnaar

Paar
Beide partners verdienen zelfde inkomen
Inkomen per partner

Dat is direct het meest negatieve scenario, want de inkomensafhankelijke premie is begrensd. Wie modaal verdient (33.000 euro), heeft maandelijks als alleenstaande juist een voordeeltje van 13 euro. En gisteren liet PvdA-leider Samsom al doorschemeren dat er over de invulling van deze maatregel best is te praten. Alleen tweeverdieners die beiden goed verdienen betalen meer.

Een gezin krijgt verder te maken met een soberder kinderbijslag. De bijdrage voor kinderen van 6 tot en met 17 jaar daalt in drie jaar tijd tot het niveau van de bijslag voor kinderen van 0 tot en met 5 jaar. Dat betekent bij één kind maximaal een verlaging van 80 euro per kwartaal.

Ook de gratis schoolboeken verdwijnen, na een vierjarig bestaan. Dat voordeeltje van zeker 300 euro valt dus weg. Voor de laagste inkomens komt er wat compensatie.

Lees ook: Flinke onrust en ophef over zorgpremie. Vijf vragen en antwoorden

Studenten

Voor nieuwe studenten wacht vanaf 2014 het sociaal leenstelsel. Zij moeten lenen voor een studiebeurs. Het sociale aspect schuilt erin dat studenten tegen een laag rentetarief lenen en pas naar draagkracht moeten afbetalen zodra ze een baan hebben. Voordeel voor studenten is wel dat de langstudeerboete is verdwenen.
De student raakt zijn ov-jaarkaart kwijt en krijgt daar een kortingskaart voor terug. Voor mbo-leerlingen is dat voordelig: zij hebben nooit een ov-jaarkaart gehad.

Ouderen

De koopkrachtgevolgen voor ouderen zijn – gemiddeld – te verwaarlozen. Mensen die alleen een AOW-uitkering ontvangen, zien hun koopkracht met 0,25 procent toenemen in 2017. Dat wil niet zeggen dat het nieuwe beleid ouderen niet raakt. Stel, iemand wil naar een verzorgingstehuis. Door bezuinigingen in de AWBZ wordt de drempel hoger. Wie niet de juiste indicatie heeft, moet – veel eerder dan nu – uit eigen zak meebetalen.

Ook de aanspraak op huishoudelijke hulp wordt beperkt voor mensen met een laag inkomen. En een nieuwe scootmobiel zal minder in het straatbeeld voorkomen: het regeerakkoord rept van “verplicht hergebruik van de scootmobiel”, dat 50 miljoen gaat opleveren. Verder wordt de toeslag voor een jongere partner afgeschaft voor AOW-gerechtigden met een aanvullend pensioen van 50.000 euro of meer.

Huizenbezitters

Het percentage voor de aftrek van de hypotheekrente daalt geleidelijk: de komende 28 jaar gaat er – van belang voor de hogere inkomens – steeds een half procentpunt af – tot 38 procent. Dit verlies voor de huizenbezitter wordt grotendeels teruggegeven via lagere belastingschijven. Van dat laatste profiteert ook de huurder. Maar die huur loopt wel op: bij een inkomen boven de 43.000 met 6,5 procent.

Dit artikel verscheen gisteren in NRC Handelsblad. Lees een uitgebreidere productie over de zorgpremie terug in de digitale editie (alleen voor abonnees)