Menzis vergoedt hulp van kliniek levenseinde

Menzis gaat als eerste zorgverzekeraar de hulpverlening van de Levenseindekliniek vergoeden. Dat maakte de zorgverzekeraar gisteren bekend op een congres over het functioneren van deze kliniek, die op 1 maart dit jaar van start ging. Tot nu toe drijft de kliniek op donaties. De patiënt betaalt niets.

De Levenseindekliniek is een initiatief van de Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde. Het is geen echte kliniek, maar een samenwerkingsverband van vijftien over Nederland verspreide ‘ambulante teams’ die patiënten begeleiden bij hun doodswens. Elk team bestaat uit een arts (huisarts, psychiater, specialist ouderengeneeskunde) en een verpleegkundige. Zij werken niet fulltime voor de kliniek maar hebben daarnaast hun eigen werk.

Uit gisteren gepresenteerde cijfers blijkt dat de teams van de Levenseindekliniek tot nu toe 21 mensen hebben geholpen met sterven. Dat gebeurde vijftien keer door euthanasie en zes keer door hulp bij zelfdoding – waarbij de patiënt zichzelf de dodelijke middelen toedient. Dit komt bij reguliere euthanasiegevallen veel minder vaak voor. Ten minste drie patiënten waren dement maar nog wel wilsbekwaam. Negentien patiënten stierven thuis, twee op een andere plek in de eigen omgeving.

Volgens projectmanager Steven Pleiter kloppen bij de kliniek veel mensen aan die niet terminaal zijn, maar wel ondraaglijk en uitzichtloos lijden, bijvoorbeeld door ziekten als multiple sclerose en ALS. Dit verklaart volgens hem ook waarom hulp bij zelfdoding bij de Levenseindekliniek relatief vaak voorkomt. „Deze patiënten willen anderen vaak niet belasten met handelingen die tot de dood leiden. Ze doen dat liever zelf, bij voorkeur via een drankje.”

Pleiter denkt dat deze zieken bij de kliniek uitkomen omdat hun arts euthanasie niet aandurft, omda ze niet stervende zijn. „De wet is duidelijk, nergens staat dat patiënten terminaal moeten zijn. Kennelijk is dat toch iets dat veel artsen niet weten.”