Amerika en de wereld (3): Obama en Romney over Israël en Palestijnen

Obama vorig jaar tijdens een ontmoeting met de Israëlische premier Netanyahu in het Witte Huis. Foto AFP / Jim Watson

Binnenlandse onderwerpen als de economie zijn het belangrijkste tijdens deze campagne, maar voor de rest van de wereld zijn de verschillen tussen Obama en Romney op het gebied van buitenlandpolitiek zeker ook interessant. Vandaag aflevering 3 van deze rubriek, over het Israëlisch-Palestijns conflict.

Het is voor iedere Amerikaanse president een gevoelig issue: het Israëlisch-Palestijns conflict. Het steunen van Israël is vanzelfsprekend in de Verenigde Staten, zowel voor Republikeinen als voor Democraten. Daarentegen ziet iedere president het bij zijn aantreden als een opdracht te proberen vrede in het Midden-Oosten te bewerkstelligen. Een tweestatenoplosing is in het belang van Amerika, zo wordt gedacht.

Het Israëlisch-Palestijns conflict sleept zich al tientallen jaren voort en is nog altijd niet opgelost. De vooruitzichten op vrede zijn op dit moment buitengewoon klein. In Israël is een rechtse regering onder leiding van premier Netanyahu aan de macht, die weinig voelt voor het afstaan van land aan de Palestijnen. Aan Palestijnse zijde is men verdeeld en hebben veel leiders, zowel van Fatah als van Hamas, geen gezag meer bij hun volk.

Obama: druk op Israël, maar zonder resultaat

In het algemeen geldt dat Amerikaanse presidenten zich pas in hun eventuele tweede termijn echt sterk maken voor vrede in het Midden-Oosten. Te veel druk leggen op Israël zou schadelijk kunnen zijn voor je kans op herverkiezing, luidt het adagium. Obama koos er echter voor van vrede tussen Israël en de Palestijnen vanaf het begin van zijn eerste termijn een prioriteit te maken. Dat achtte de president noodzakelijk voor zijn wens de betrekkingen met de islamitische wereld te verbeteren.

De eerste buitenlandreis van Obama ging naar de Egyptische hoofdstad Kairo en niet naar Israël. In een toespraak tot de moslimwereld eiste Obama van Israël dat het zou ophouden met het bouwen van Joodse nederzettingen op bezet Palestijns gebied. Obama stuurde de ervaren gezant George Mitchell naar de regio om de Israëlische premier Netanyahu onder druk te zetten. Met het realiseren van zo’n ‘bouwstop’ zouden rechtstreekse onderhandelingen tussen Israël en de Palestijnse Autoriteit kunnen worden hervat.

Uiteindelijk kwam er een vage, tijdelijke bouwstop, maar die werd door Israël in de praktijk geschonden. De Palestijnen lieten ook geen kans onbenut weer van de onderhandelingstafel weg te kunnen lopen. Veel verder dan een handdruk tussen Netanyahu en de Palestijnse president Abbas kwam Obama niet. De vredesbesprekingen liepen direct alweer spaak en een bekoelde relatie tussen Obama en Netanyahu was het gevolg.

Dat was allemaal in 2009. Sindsdien was het hopeloos vastgelopen vredesproces voor de regering-Obama geen topprioriteit meer. De verwachting is dat Obama als hij herkozen wordt opnieuw zal proberen Israël te dwingen tot concessies aan de Palestijnen. Los van het vredesproces was de relatie tussen de VS en Israël onder Obama trouwens sterk als altijd: zo vond er nooit eerder zoveel militaire samenwerking plaats en steunde Amerika Israël bij het realiseren van het anti-raketsysteem Iron Dome bij Gaza.

Romney: Obama liet Israël in de steek

Over Obama’s beleid in de richting van Israël is zijn Republikeinse tegenstrever Romney de laatste jaren zeer kritisch geweest. De president heeft volgens hem gefaald bij zijn aanpak van het vredesproces en de kans op vrede alleen maar verkleind door in conflict te raken met Netanyahu. Obama heeft Israël “onder de bus gegooid”, aldus Romney. En dat terwijl er volgens de Republikein geen twijfel mag zijn over de loyaliteit van Amerika in de richting van Israël.

Romney heeft zijn kritiek op Obama als het gaat om Israël op een paar punten concreet gemaakt. Zo vindt hij het slecht dat Obama Israël in zijn eerste termijn niet heeft bezocht en een aantal keren heeft geweigerd Netanyahu te ontmoeten. Romney heeft beloofd dat Israël het eerste land is dat hij als president zal bezoeken. Ook vindt de Republikein dat Obama te weinig heeft gedaan om te voorkomen dat Iran een kernmacht wordt. In dat opzicht zou de president Israël eveneens in de steek hebben gelaten.

Een hoop kritiek op Obama dus, maar wat Romney precies anders zou doen om het vredesproces weer vlot te trekken is niet helemaal duidelijk. In zijn belangrijke buitenlandspeech begin oktober zei hij dat hij zich net als Obama zal commiteren aan het doel van “een democratische, welvarende Palestijnse staat die zij aan zij en in vrede en veiligheid leeft met de Joodse staat Israël”. Volgens Romney kan alleen hij als nieuwe president een nieuwe impuls geven aan het vastgelopen vredesoverleg. De Republikein wil in ieder geval niet alleen druk zetten op Israël, maar ook op het Palestijnse leiderschap.

Dit is deel drie van zeven afleveringen over de verschillen tussen Obama en Romney als het gaat om het Amerikaanse buitenlandbeleid. De zeven afleveringen zullen iedere dag tot aan de verkiezingsdag van 6 november op dit blog worden gepubliceerd.

Lees ook aflevering één, over de dreiging van Iran, en aflevering twee, over het geweld in Syrië.