Waar zijn de gestolen werken van de Kunsthal? De politie heeft geen idee

Eén van de werken die twee weken geleden werd gestolen uit de Kunsthal. ‘Le pont de Waterloo à Londres’ van Claude Monet (1901)

Ruim twee weken geleden werden er zeven kostbare schilderijen uit de Rotterdamse Kunsthal gestolen, waaronder een Picasso, twee Monets, een Matisse en een Gaugain. Twintig agenten werden er op de zaak gezet. Hoe gaat het met het onderzoek?

Er zijn enkele vage camerabeelden verstrekt en er zijn volgens de politie meer dan 100 bruikbare tips binnengekomen over de inbraak. Maar een echt spoor heeft de politie nog niet, schreven redacteuren Daan van Lent en Pieter van Os deze week in NRC Handelsblad.

De beelden van de kunstroof

En dat is geen goed teken. Tachtig procent van gestolen kunst komt nooit terug. En als gestolen kunst niet binnen een paar dagen opduikt is de kans miniem dat ze überhaupt nog ooit opduikt, stelt Noah Charney van de Association for Research intro Crimes against Art.

“De enige hoop is dat de inbrekers na het tevergeefs zoeken van een koper, alsnog aankloppen bij verzekeraar, Kunsthal, of eigenaar, in de hoop op losgeld.”

Soms duikt gestolen kunst ‘plotseling’ op in een steegje

Aan het overgrote deel van de zaken die wel zijn opgelost, gingen onderhandelingen vooraf, schrijven Van Lent van Van Os. Het precieze percentage is onbekend, want verzekeraar, musea en eigenaren brengen zoiets liever niet naar buiten.

“Het vergroot de prikkel tot stelen en bovendien is het in sommige landen verboden in te gaan op afpersing. Liever zeggen zij dat het oliedom is kunst te stelen, omdat die niet is te verkopen. Het aantal gevallen waarbij gestolen kunst plotseling opduikt in een grijze tas in een steegje, is opvallend groot.”

Helemaal ‘plotseling’ is dat vaak niet volgens Charney. Deals worden zo verdoezeld.

“De roof in Rotterdam doet mij denken aan diefstal uit het Bührle Museum in Zürich, in 2008. Vier werken werden gestolen, van vergelijkbare kunstenaars als in Rotterdam. Niet veel later werden twee schilderijen teruggevonden in een auto, recht tegenover het museum. Deuren niet op slot. De eigenaren hebben nooit erkend losgeld te hebben betaald, maar wat denk je zelf?”

Wellicht duikt het werk dus opeens op aan de Westzeedijk in Rotterdam. Nog een lichtpuntje is dat het werk van beroemde kunstenaars een grotere kans heeft om ooit nog op te duiken dan gemiddelden laten zien. Zo bekenden een man en een vrouw gisteren in de rechtbank van Miami schuld aan het verkopen van een gestolen schilderij van Matisse. Het duo probeerde deze zomer het doek, met een geschatte waarde van 2,3 miljoen euro, voor 570.000 euro te verkopen aan undercover-FBI-agenten.

Bekijk onze In Beeld over de kunstroof

Hard-core criminelen of kunstliefhebbers?

Volgens Julian Radcliffe van het Londense Art Loss Register in Londen houden criminele twintig procent van de gestolen kunst in bezit, onder meer om te gebruiken voor strafvermindering. Kees Houtman, inmiddels geliquideerd, leverde in 1993 een bekend voorbeeld. Hij wees de plek aan waar twee gestolen Van Goghs zich bevonden. Opvallend was dat het openbaar ministerie niet in beroep ging tegen een milde celstraf voor Houtman voor hasjhandel.

Sandy Nairne, de directeur van de National Portrait Gallery in Londen, beschrijft in zijn boek Art Theft (2011) dat geroofde kunst geliefd is als onderpand en onderlinge handelswaar bij drugsbendes.

Maar wie heeft de doeken nu in bezit? De politie heeft nog geen idee. Een politiewoordvoerder:

“We weten zelfs nog niet waar we de daders moeten zoeken, in de wereld van hard-core criminelen of in die van de kunst.”

Uiteraard bestaat er een kans dat verzekeraar Aon in alle stilte al onderhandelt met de Kunsthalrover. De politie wil daar niet over zeggen. Maar als dat zo is, schrijven Van Lent en Van Os, waarom heeft de politie nog altijd meer dan twintig man op de zaak zitten?

    • Lex Boon