‘Ontslagen voor Stedelijk pijnlijk’

Bij het Stedelijk Museum in Amsterdam moeten 31 mensen vertrekken. Een flinke domper na de feestelijke heropening.

De euforie over het feestelijk heropende Stedelijk Museum in Amsterdam heeft niet lang geduurd. De directie maakte gisteren bekend dat er 31 mensen moeten vertrekken; 28 van hen worden ontslagen. Drie vertrekken via natuurlijk verloop.

Daarmee vervalt 1 op de 6 banen bij het museum. Vakbond Abvakabo FNV noemt dit „nogal cru, omdat net met veel bombarie de heropening is geweest”.

Erik Gerritsen, de ex-directeur van het Concertgebouw die is aangesteld als zakelijk directeur ad interim bij het Stedelijk, geeft toe dat de ontslagen „pijnlijk” zijn. „Maar wij hebben niet zelf voor deze timing gekozen. Het is een ongelukkig toeval. Dat het museum verbouwd en feestelijk heropend zou worden, is een besluit dat jaren geleden werd genomen, in een ander economisch tijdsgewricht. De ontslagen zijn een direct gevolg van de bezuinigingen op de subsidie. Wij krijgen twee miljoen minder dan nu en vier miljoen minder dan we hadden gevraagd.”

Kon u geen andere oplossing bedenken dan mensen ontslaan?

„We hebben eerst diepgaand gekeken hoe we onze eigen inkomsten kunnen verbeteren. Dat kan onder meer door de openingstijden met 20 procent te verruimen. Het museum gaat twee uur per dag langer open, en ook op maandag. We denken ook meer geld te kunnen halen uit educatie en reizende tentoonstellingen. Desondanks moeten we pijnlijke maatregelen nemen.”

Vergen ruimere openingstijden niet juist meer personeel?

„Aan de kassa, bij de suppoosten en op de marketingafdeling natuurlijk wel. Maar niet overal. We maken minder tentoonstellingen, daar zijn minder mensen voor nodig.”

Welke exposities vervallen?

„We zouden 23 à 24 grote en kleine tentoonstellingen per jaar maken en dat worden er 15 à 16. Sommige plannen schuiven we door. Aernout Mik gaat volgend jaar gewoon door. We zullen wel iets meer van de eigen collectie tonen in plaats van tentoonstellingen met extern werk. En sommige tentoonstellingen worden kleiner. Heel grote tentoonstellingen, blockbusters, zoals die over Malevitsj die we in 2013 hebben gepland, gaan alleen door als we genoeg zekerheid hebben over de financiering. Dat is nu nog niet zo, maar ik heb er vertrouwen in dat het ons wel gaat lukken.”

Het aankoopbudget voor nieuw werk gaat ook omlaag. Wat blijft er over van de internationale ambities van het Stedelijk Museum?

„Het aankoopbudget was al niet hoog, zo’n 1 miljoen euro. Dat is straks 800.000 euro. Maar het museum heeft de afgelopen jaren ook veel schenkingen gehad van mensen die zich ermee verbonden voelen. Die kring willen we uitbouwen met een Stedelijk Museum Fonds.

„De internationale reputatie van het museum is nog steeds groot. De directeur van het MoMA, Glenn Lowry, was hier laatst. Hij liep likkebaardend rond. Wat het Stedelijk groot heeft gemaakt, is de connectie met kunstenaars, de gave om nieuw talent op tijd te ontdekken en een podium te bieden. Dat hoeft niet altijd veel geld te kosten.”

Waarom is het Stedelijk niet eerder begonnen met het opzetten van een kring van gevers?

„Dat klinkt alsof wij helemaal geen gevers hebben. Er zijn genoeg mensen die regelmatig bijdragen. We hebben ook de Rabobank als sponsor binnengehaald. Maar nu pas hebben we een huis waarin we onze mecenassen kunnen ontvangen.”