De vader zit vast, maar zijn dochter blijft in Soedan

Wie: Mustafa E. (45)

Waar: meervoudige kamer rechtbank Utrecht

Wat: heeft zijn dochter aan het wettige gezag van haar moeder onttrokken door haar in Soedan bij zijn broer achter te laten.

Neda is nu negen jaar. Sinds haar vierde woont ze in Soedan, bij familie van haar vader. Hij bracht haar daar naartoe toen het gezin op vakantie was in buurland Egypte. Tegen de wens van haar moeder in, is ze in Soedan achtergelaten.

De vader van Neda is daarvoor al veroordeeld. Hij kreeg acht jaar en negen maanden gevangenisstraf, voor het onttrekken van Neda aan het wettelijk gezag. De zaak werd uitgevochten tot aan de Hoge Raad.

Maar vandaag staat Mustafa E. opnieuw voor de rechter, in Utrecht. Want Neda woont nog altijd bij het gezin van zijn broer in Soedan. Mustafa is daarom voor hetzelfde feit opnieuw aangehouden in zijn cel. Hij is veroordeeld voor onttrekking tussen 2007 en 2009, nu staat hij terecht voor de periode 2009-2012.

Het OM eist de maximale straf tegen hem: 9 jaar. En als Neda niet terugkomt, zal het OM hem blijven vervolgen, tot zijn dochter achttien is, laat officier van justitie M. Storm merken. Voor ze aan haar requisitoir begint, vraagt ze Mustafa indringend of hij de consequenties van zijn gedrag aanvaardt, nu hij wellicht weer een lange gevangenisstraf opgelegd krijgt.

„Ik vraag u: wilt u uw leven doorbrengen in de gevangenis?”

„Of zegt u: ik wil tóch meewerken aan de terugkeer van Neda naar Nederland?”

Haar laatste poging: „Ik zal daar dan in mijn eis rekening mee houden.”

Mustafa E. zegt: „Geen commentaar.”

Mustafa ziet er modern uit. Hij draagt gympjes onder een baggy spijkerbroek en een bril met dik, zwart montuur, zoals grafisch vormgevers die graag dragen. Zijn haar wordt grijs bij de slapen.

Dat Neda nog niet terug is, komt door haar vader, zegt de officier. Zelfs in gevangenschap heeft hij de sleutel in handen. Toen hij Neda in 2007 bij zijn broer achterliet heeft hij amanu gezegd. Volgens de officier betekent dat: ‘Ik geef jou iets in bewaring en je geeft het aan mij terug.’ Zolang haar vader dat niet herroept, is de familie niet vrij om Neda te laten gaan, zegt de officier.

Tijdens de zitting beantwoordt Mustafa geen vragen, maar aan het einde vertelt hij wel over zijn motieven. Dan heeft zijn advocaat al verteld dat zijn cliënt „uit liefde” voor zijn dochter heeft gehandeld. Om haar te beschermen tegen „de overvloedige seksuele invloeden en de alom aanwezige genotsmiddelen” in de Nederlandse maatschappij.

Als Mustafa gaat spreken buigt hij zich naar de rechters. Hij beklemtoont bijna elke lettergreep, alsof het hem moeite kost woede te onderdrukken. „Ik ben geboren en opgevoed in een echte islamitische maatschappij. Stilte. „Het resultaat was uitstekend.” Stilte .

Zo’n opvoeding wil hij ook voor zijn dochter. Op de internationale school waar ze nu naar toe gaat, behaalt ze „goede resultaten”.

De familie van Mustafa geeft de moeder van Neda twee à drie keer per jaar de gelegenheid haar dochter te zien. Volgens de officier kan zij geen band opbouwen met haar dochter omdat die bezoekjes „onder begeleiding en volledige controle van de familie” verlopen. De moeder is niet bij de zitting. Ze vertelde haar verhaal wel aan tijdschrift Linda. Zij en haar dochter kunnen elkaar niet meer verstaan, Neda spreekt alleen Arabisch. Tijdens de bezoekjes deden ze spelletjes, luisterden naar muziek en dansten samen.

Mustafa begrijpt dat het „moeilijk” is voor de moeder om gescheiden van haar kind te leven. Maar niet moeilijker dan voor hemzelf. En hij zou een slechte vader zijn als hij de taak die hij van god heeft gekregen, niet uitvoerde. Dus zet hij door: „Koste mij wat kost.”

De advocaat van Mustafa rekent de rechtbank voor dat zijn cliënt in totaal nog 36 jaar gevangenisstraf opgelegd kan krijgen voor zijn dochter achttien is. Buiten de zaal zegt hij: „Meer dan je krijgt voor moord op een kind.”

Twee weken later legt de rechtbank Mustafa zeven jaar gevangenisstraf op. De rechtbank noemt het „niet ondenkbeeldig” dat de band tussen moeder en dochter steeds minder hecht zal worden en dat rekenen ze Mustafa zeer ernstig aan. De straf is lager dan de eis omdat de rechtbank rekening houdt met het feit dat Mustafa al eerder acht jaar en negen maanden opgelegd heeft gekregen voor de ontvoering van zijn dochter.