De club van Coen, Faas en 'Kromme'

Feyenoord speelt voor de beker vanavond tegen Xerxes. Bij de vroegere semiprofclub speelden de Feyenoorders Moulijn, Treijtel en Van Hanegem.

Xerxes. Club met een rijke voetbalhistorie. Drie van de beste Nederlandse spelers ooit droegen het blauw-witte zebrashirt: Faas Wilkes, Coen Moulijn en Willem van Hanegem.

Sportpark Faas Wilkes heet het voetbalcomplex van de huidige hoofdklasser bij de zaterdagamateurs. Wijlen Wilkes was in de jaren 40 bij Xerxes een wereldster in wording. De dribbelaar met de functionele kapbeweging was in de jaren 50 publiekslieveling bij de internationale topclubs Inter en Valencia, voordat hij middenjaren 60 op het oude nest terugkeerde en afbouwde.

Wilkes vormde in Oranje een ‘gouden binnentrio’ met Abe Lenstra en Kees Rijvers. De lange Rotterdammer dreef de kleine Fries en de nog kleinere Brabander soms tot wanhoop. Als Lenstra weer eens verzuchtte dat voetbal toch echt met elf tegen elf werd gespeeld, antwoordde Wilkes: „Abe, als ik er vier voorbij ben, is het nog maar zeven tegen elf.”

Ruim een decennium na het vertrek van Wilkes werd Xerxes in de jaren zestig een nationale topclub. Hans Dorjée, Wim Kleinjan en Ab Fafié waren andere bekende namen in die tijd. En niet te vergeten Eddy Treijtel, de vroeg kalende doelman die net als de Rotterdamse helden Moulijn en Van Hanegem met Feyenoord de Europa Cup en wereldbeker won.

Van Hanegem bleef eerder deze week het antwoord schuldig toen hem werd voorgelegd of het bekerduel van vanavond tussen Xerxes en Feyenoord speciale gevoelens bij hem losmaakt. „Het is toch gewoon een bekerwedstrijd? Of niet dan?”, zei de oud-voetballer van Xerxes en Feyenoord desgevraagd.

Maar toen ‘De Kromme’ in zijn geheugen groef, kwamen de herinneringen naar boven. „Iedereen heeft het vooral over Xerxes, omdat we in 1967 in de Kuip met 1-0 wonnen van Feyenoord. Dat maakte wel wat los.”

Van Hanegem speelde in zijn eerste seizoen bij Xerxes de thuisduels op Spangen, waar vanavond onder zijn toeziend oog het bekerduel met Feyenoord plaatsheeft. „Ik werd steeds Wim Hanegem genoemd. Toen ik een keer zei dat ik van adel was maakten ze er Von Hanegem van”.

Van Hanegem was bij Xerxes semiprof. „Ik werkte in die tijd nog in de bouw. Dat kan je je nu niet meer voorstellen. Ik stond om zes uur op om te gaan werken en tegen vier uur ging ik trainen. Daarna terug met de trein van Rotterdam naar Utrecht. En dan ’s avonds laat eindelijk eten. Dan moest je voorkomen dat je niet met je kop in het bord in slaap viel. En de volgende dag weer hetzelfde.”

In zijn tweede jaar was de Brasserskade in Delft de thuishaven van Xerxes. De club ging daarna failliet en Van Hanegem maakte de overstap naar Feyenoord waarmee hij in 1970 eerst de Europa Cup won en later de wereldbeker. Samen met wijlen Moulijn, die als laatdertiger na vele gloriejaren nog een ietwat treurige rentree bij Xerxes maakte.