Mulisch in 1992 getroffen door beroerte

WFA23T:HARRY MULISCH:AMSTERDAM;31OCT2010-WFA00:HARRY MULISCH80JAAR:AMSTERDAM;29JUL07- Foto Harry Mulisch. Vandaag 29 juli is Harry Mulisch 80 jaar geworden, hij viert zijn verjaardag op het terras van het Amstel Hotel in Amsterdam. WFA/rvz/strRein van Zanen WFA/rvz/str.Rein van Zanen
WFA23T:HARRY MULISCH:AMSTERDAM;31OCT2010-WFA00:HARRY MULISCH80JAAR:AMSTERDAM;29JUL07- Foto Harry Mulisch. Vandaag 29 juli is Harry Mulisch 80 jaar geworden, hij viert zijn verjaardag op het terras van het Amstel Hotel in Amsterdam. WFA/rvz/strRein van Zanen WFA/rvz/str.Rein van Zanen Harry Mulisch

Harry Mulisch is in 1992, in de afrondingsfase van zijn hoofdwerk De ontdekking van de hemel, getroffen door een beroerte. Dat valt te lezen in het zojuist verschenen Logboek, een bondig notitieboekje dat de schrijver in 1991 en 1992 bijhield.

Mulisch bevond zich in New York ten tijde van de beroerte. Bij de datum 12 maart 1992 valt er te lezen: “Daar begon het plotseling. Er hing mij iets boven het hoofd. Ik was niet helemaal waar ik was, mijn linkerhand begon te tintelen, even later ook mijn linkervoet. Het is onaangenaam als je een steentje in je schoen hebt, maar na een minuut zat mijn hele linkerschoen vol steentjes en al die steentjes bij elkaar vormden mijn linkervoet. Toen ik Lexington Ave. bereikte, besefte ik dat er iets grondigs mis was. Mijn hele linkerbeen en de linkerkant van mijn gezicht waren gevoelloos geworden.”

Mulisch zocht hulp in een bank en werd vervolgens met een ambulance naar het New York Hospital gebracht. In het Logboek verwijst Mulisch op dat moment naar de geboorte van zijn zoon Menzo, die enkele maanden daarvoor werd geboren. “Dat was de tweede keer dit jaar, dat ik in een ambulance zat; de eerste keer in januari, met K in barensnood. Wie krijgt er nu ook binnen twee maanden een kind en een beroerte!”

‘K’ is Kitty Saal, de levenspartner van Mulisch en de moeder van Menzo Mulisch.

De neuroloog van dienst is eerst van mening dat Mulisch een ‘aanval van complicated migraine’ heeft doorstaan, maar herziet dit oordeel wanneer Mulisch ‘in de loop van de middag in een oven werd geschoven voor een scanning van de hersenen’. De conclusie luidt dan dat de schrijver ‘een zeer lichte haemorrhage’ heeft gehad.

Een dag later, na enkele testen, koppelt Mulisch de gebeurtenissen aan zijn boek De ontdekking van de hemel, waar hij op dat moment tot in hoofdstuk 62 in is gevorderd. “Dit alles heeft te maken met De ontdekking van hemel. Vermoedelijk heb ik het over mezelf afgeroepen.”

Wel moet Mulisch zijn gewoonte om “elke dag een fles wijn te drinken, soms ook wel een liter” van de dokter opgeven. Het roken van een pijp (wat Mulisch in die tijd nog deed) was geen probleem.

Tien dagen later, terug in Amsterdam, neemt Mulisch de schade door met zijn neuroloog. “Ik mag van ‘geluk’ spreken: als de slagader een paar centimeter naar voren was gebarsten, was ik verlamd geweest.”

Het kost Mulisch vervolgens enkele weken voordat hij het werk aan De ontdekking van de hemel weer kan hervatten. Eind september dat jaar bezorgt Dolf Hamming, destijds directeur van Mulisch’ uitgeverij De Bezige Bij, het ‘nulde’ (dus het eerste) exemplaar van De ontdekking van de hemel bij de schrijver thuis.

Het Logboek is gisteren gepresenteerd, nadat er eerder delen uit werden gepubliceerd in het inmiddels opgedoekte tijdschrift Hollands diep hadden gestaan. Eerst zou het Logboek al in 2008 verschijnen, maar dat hield Mulisch zelf op het laatste moment tegen. Om het boekje publicabel te maken, zouden er zaken in aangepast moeten worden, wat volgens de bezorgers van nu, Arnold Heumakers en Marita Mathijsen, tegen de wil was van Mulisch. “Hij achtte ingrepen in de tekst noodzakelijk, maar dat botste met zijn opvatting over de status van een reeds voltooide tekst.”