Tijd voor een Nederlandse Lente

Terwijl de blanke, goed opgeleide vrouw in Nederland genoegen neemt met een parttime baan en hierdoor de top zelden bereikt, werken jonge vrouwen met niet-westerse roots zich snel een weg naar boven. Tijd voor een gekleurde emancipatiegolf, betoogt Monique Samuel.

Illustratie Arcadio Esquivel

Vanavond wordt voor de tweede maal de kleurrijke lijst gepresenteerd in het MC Theater in Amsterdam. Deze lijst, die als tegenhanger dient van de overwegend blanke Opzij top-100, toont niet alleen dat Nederland zowel onder vrouwen als mannen enorm veel onderschat talent en potentieel kent, maar ook dat dit talent vaak met een kleur, en soms met een hoofddoek, door het leven gaat. Terwijl de Hollandse Vinex-vrouw vooral druk is met zichzelf, maakt de jonge allochtone generatie een opmerkelijke opmars. Het wordt tijd voor een nieuwe emancipatiegolf in Nederland.

De bevordering van emancipatie is sinds jaar en dag een belangrijk speerpunt van de Nederlandse overheid. Het ministerie van Buitenlandse Zaken heeft tal van potjes om de positie van vrouwen buiten de grenzen te verbeteren. De nadruk op externe emancipatie is mooi, maar ook misleidend. Vrouwenrechten worden nog steeds voornamelijk geassocieerd met ontwikkelingshulp. Gebrekkige emancipatie blijft hierdoor een ‘buitenlands’ fenomeen. Maar terwijl Afrikaanse zakenvrouwen zich een weg naar boven werken en al eeuwenlang de ruggengraat van de samenleving vormen en Arabische vrouwen zich laten horen via sociale media en zo de gendersegregatie van binnenuit verbreken, verdwijnt de hoog opgeleide jonge Vinex-vrouw tussen bijkeuken en sportschool.

Het lijkt wel of de generatie van de powervrouw niet verder komt dan de Nina Brinken en Neelie Kroesen, rechtse blanke zakentycoons die zich op Merkeliaanse wijze een weg door de mannenwereld van het grote geld en de vuile politiek weten te banen. Zie ook de vertrouwde namen op de Opzij top-100. Eng vind ik ze. Onsympathiek ook. Maar ze staan tenminste wel hun mannetje. Wanneer gaan de overige vrouwen van Nederland nu eens hun vrouwtje staan?

Tijdens mijn onderzoek naar het moderne Midden-Oosten werd ik als jonge vrouw vaak op zeer persoonlijke wijze geconfronteerd met de vele beperkingen die Arabische vrouwen dagelijks worden opgelegd. Tegelijkertijd zag ik een vechtlust en kracht bij deze vrouwen die de meeste Hollandse vrouwen vreemd is. Die andere kant durven media en politici ons niet te laten zien. Die is te confronterend. Liever lezen we over gesluierde vrouwen die geen auto mogen rijden, dan over jonge zakenvrouwen met grote zonnebrillen op (waarbij velen van ons voor het gemak vergeten dat zodra er in Nederland een man in de auto stapt de vrouw ook prompt het stuur uit handen geeft). Zo ligt de arbeidsparticipatie in het snel ontwikkelende koninkrijk Jordanië het hoogst onder vrouwen boven de veertig, staat Egypte in de top van landen met de meeste vrouwelijke bloggers en behoren Libanese vrouwen tot de hoogst opgeleiden ter wereld. Leg dat naast de arbeidsparticipatie of het maatschappelijke engagement van Nederlandse vrouwen en je voelt de pijn. De Nederlandse vrouw fietst in de sportschool of shopt met vriendinnen, laat haar man, vriend of rijke minnaar in haar onderhoud voorzien en heeft een parttime baantje voor de gezelligheid. Ze hebben niets te klagen, hoogstens veel te zeuren.

Intussen neemt het aantal vrouwen in de Tweede Kamer gestaag af en is de opmars van vrouwen bij de overheid gestagneerd, zo bleek uit recent onderzoek van de Volkskrant. Het eerdergenoemde ministerie van Buitenlandse Zaken blijft een blank mannelijk bolwerk. Om nog maar te zwijgen over het kabinet-Rutte I dat het blankste, mannelijkste en oudste kabinet in jaren was.

Ook met het aantal vrouwen in de top van het bedrijfsleven wil het niet vlotten. Zo meldde Opzij eind 2011 dat het nog zeker 28 jaar zou duren voordat 30 procent van de top in Nederland uit vrouwen zal bestaan. Van de 716 zittende bestuurders en commissarissen waren slechts 66 vrouw. Nederland glijdt steeds verder af op de internationale gender-gap index. Dit heeft voor een deel met de onwil van mannen te maken om vrouwen op hoge functies te zetten of zelf parttime te werken. Het grootste probleem ligt echter bij de Nederlandse vrouw zelf, die weliswaar veel beter vertegenwoordigd is in het hoger onderwijs maar na haar studie liever tijd voor man, kinderen en hobby’s vrijmaakt en het vooral te druk heeft met zichzelf.

Het is frappant dat in een macholand als Spanje een hoogzwangere vrouwelijke minister van Defensie het defilé af kan nemen terwijl in Nederland vrouwen niet verder komen dan staatssecretaris van gezondheidszorg. Het is verbijsterend dat een ‘bananenrepubliek’ als Burkina Faso een vrouwelijke president kan hebben terwijl in Nederland partijen amper een vrouwelijke lijsstrekker naar voren durven te schuiven omdat ze (terecht?) vrezen voor zetelverlies.

Gelukkig zijn er ook positieve ontwikkelingen in Nederland. Jonge vrouwen met niet-westerse roots werken zich razendsnel een weg naar boven. Terwijl hun broers en neven niet veel verder komen dan het mbo, gebruiken deze meiden het Nederlandse onderwijs als een springplank naar de top. Onder geen enkele groep neemt het aantal universitair geschoolden vrouwen zo snel toe als onder Marokkaanse meisjes. Deze powervrouwen studeren niet om daarna door hun man in een flatje met schotelantenne te worden weggemoffeld, maar om daadwerkelijk als vrije en zelfstandige vrouwen hun levensstandaard te verbeteren en een bijdrage te kunnen leveren aan de Nederlandse maatschappij. Ze komen van ver maar zullen nog veel verder gaan om zich voor eens en altijd aan hun marginale positie te onttrekken en zich krachtig te profileren. Dit zijn vrouwen met een bite.

Er zijn vele jonge verrassende ijzersterke talentvolle vrouwen die tot dusver veelal worden genegeerd door de Nederlandse politiek, de media en het zure feministische establishment, maar evengoed deze samenleving opschudden en hopelijk uit haar comateuze toestand doen ontwaken. De kleurrijke lijst met 100 krachtige, sterke, en unieke vrouwen vormt slechts het topje van de zandduin waarvan de vele korreltjes opstuiven, uit elkaar dwarrelen en op de stromen van een warme Zuiderwind door het land waaien. Laat die koude in zichzelf gekeerde ijsberg maar smelten. Nederland snakt naar lente in de polder.

Monique Samuel is een Egyptisch-Nederlandse politicoloog en auteur van Mozaïek van de Revolutie – een kijkje achter de voordeur van mijn nieuwe Midden-Oosten, dat is verschenen bij uitgeverij De Geus.