Haagse routiniers moeten harde bezuinigingen gaan verkopen

Het kabinet-Rutte II is nagenoeg rond. Een ploeg van Haagse routiniers, met buitenstaander Lodewijk Asscher als verrassende vicepremier. Vooral de PvdA-bewindslieden zullen hun ervaring hard nodig hebben bij het verdedigen van keihard (bezuinigings)beleid.

Dertien ministers, zeven staatssecretarissen. Eén ongebruikelijk experiment – buitenstaander Lodewijk Asscher (PvdA) als vicepremier – en verder vooral ministers met een grote Haagse ervaring. Het tweede kabinet-Rutte is in de eerste plaats een gezelschap van bestuurlijke routiniers.

Acht van de dertien ministers bezetten eerder een kabinetspost. En de bewindslieden die niet eerder deel uitmaakten van de regering, hebben op één na allemaal hun sporen in Den Haag verdiend.

Minister van Financiën Jeroen Dijsselbloem (PvdA) trad al in 2000 toe tot de Tweede Kamer. Minister van Wonen en Rijksdienst Stef Blok was VVD-fractievoorzitter. Minister van Buitenlandse Handel en Hulp Lilianne Ploumen (PvdA) was partijvoorzitter en werkte een hele reeks bestuurlijke functies in het ontwikkelingswerk af. Jeanine Hennis-Plasschaert (VVD, Defensie) werkte bij de Europese Commissie en voor een Amsterdamse wethouder alvorens ze parlementariër in Brussel en Den Haag werd.

De grote uitzondering is hier dus Lodewijk Asscher. De man die in Amsterdam op handen wordt gedragen en er nooit een enorm geheim van maakte dat hij oren heeft naar het leiderschap van de PvdA. Maar ook een man die in zijn Amsterdamse bestuurlijke loopbaan weinig ervaring opdeed met de zeden en gewoonten van het Haagse bestuurscentrum.

De Amsterdamse krant Het Parool merkte in het weekeinde op dat Asscher in de hoofdstad, waar de PvdA amper oppositie van betekenis heeft, altijd voor een vol thuisstadion met een leeg uitvak speelde. Een ontevreden publiek is dan automatisch een zeldzaamheid.

In Den Haag zal dezelfde Asscher zijn gezag niet automatisch toegeworpen krijgen. Daar moet hij het verdienen. Hij gaat leiding geven aan een groep PvdA-ministers die niet alleen weet hoe Den Haag werkt, maar de laatste maanden ook liet merken dat zij in de eerste plaats loyaal is aan partijleider Diederik Samsom. Voor minister van Financiën Dijsselbloem, met Samsom al ‘rode ingenieur’ in 2002 en nu medeonderhandelaar bij de formatie, geldt dat zelfs al tien jaar.

Dus ook als ze er de komende tijd in de PvdA alles aan doen om de indruk weg te nemen van een machtsstrijd tussen Asscher en Samsom, zal de buitenwereld gemakkelijk aanwijzingen vinden voor een dergelijke strijd. Zeker Nu Samsom ervoor heeft gekozen het PvdA-geluid in de Kamer te laten horen.

Bij de VVD ligt het duidelijker. Afgezien van Hennis-Plasschaert en Blok keren de VVD-ministers van het vorige kabinet terug. Het leiderschap van Rutte is onbetwist. Minder helder is hoe de verhouding met de Kamerfractie uitpakt nu Blok, geen man die de individuele ontplooiing van zijn Kamerleden stimuleerde, wordt vervangen door Halbe Zijlstra.

Ook in de zogenoemde zeshoek, waar alle financieel- en sociaal-economische beslissingen worden voorbereid, is Asscher de enige nieuwkomer in Den Haag. Het VVD-smaldeel weet van de hoed en de rand. Rutte en Edith Schippers (Volksgezondheid) keren terug, terwijl Henk Kamp (Economische Zaken) van alle nieuwe bewindslieden verreweg de meeste Haagse ervaring heeft. Hij begint – na Defensie, Volkshuisvesting en Sociale Zaken – aan zijn vierde ministerie.

Asscher wordt in de zeshoek vergezeld door zijn partijgenoten Dijsselbloem (Financiën) en Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken). Plasterk deed Onderwijs in het kabinet-Balkenende IV en was financieel woordvoerder in de afgelopen periode.

Wat in die zeshoek ook opvalt is dat de meeste pijnlijke maatregelen op het bord van PvdA-bewindslieden terechtkomen. Asscher moet bezuinigingen op de WW en een reeks andere bezuinigingen op het arbeidsmarktbeleid doorvoeren. Dijsselbloem heeft op Financiën – it comes with the job – maar één keuze: zuinigheid prediken. En Plasterk mag, met Blok, het rijksambtenarenapparaat kleiner maken en de ambtenarensalarissen verder bevriezen. Dat belooft geen prettig overleg met bonden.

In de buitenlandhoek is het beeld minder eendimensionaal. Daar hebben de PvdA'ers Timmermans en Ploumen de overhand tegenover Hennis-Plasschaert. Een interessante testcase wordt het bezoek dat Rutte vanaf volgende week maandag, vermoedelijk onmiddellijk na de bordesscène, aan Turkije brengt. Turkije is een belangrijke handelspartner, zo houdt werkgeversorganisatie VNO-NCW niet op te benadrukken. De PvdA, zeker Timmermans, heeft al jaren sympathie voor het idee van Turkse toetreding tot de EU, al maakte het verkiezingsprogramma een voorbehoud.

Bij gebrek aan een staatssecretaris voor Europese Zaken valt de Europese Unie voortaan onder Timmermans, een uitgesproken pro-Europese politicus. Al bereidde de PvdA’er zich de laatste weken zichtbaar voor op enige matiging. Op zijn Facebookpagina bepleitte hij enkele weken terug ‘realistische’ Europapolitiek.

Op de overige departementen blijft veel bij het oude. Ivo Opstelten en staatssecretaris Fred Teeven keren terug op Veiligheid en Justitie. De harde hand in de criminaliteitsbestrijding blijft zo in alle opzichten een VVD-thema. Melanie Schultz van Haegen kan voor haar partij hetzelfde doen inzake infrastructuur en 130 kilometer per uur. Voor de PvdA mag op haar beurt Jet Bussemaker bewijzen dat investeren in onderwijs een klassiek sociaal-democratisch thema blijft.

Zo is de nieuwe ministersploeg rond. Een kabinet dat de maatschappij met keihard beleid zal confronteren. Bestuurlijke ervaring kan dan geen kwaad. Ook al loopt het kabinet het gevaar dat continuïteit belangrijker lijkt dan vernieuwing.