Griekse politie slaat er keihard op los

Amnesty International waarschuwt voor toegenomen politiegeweld bij Griekse betogingen. „De politie is geïnfiltreerd door neonazi’s.”

AFP PICTURES OF THE YEAR 2011 Protestors clash with riot police on June 15, 2011 during a demonstration near the parliament in the center of Athens. Thousands of demonstrators besieged the Greek parliament on June 15 in a large anti-austerity protest marred by violence, leaving at least a dozen injured ahead of a critical reform vote in parliament. AFP PHOTO / ARIS MESSINIS
AFP PICTURES OF THE YEAR 2011 Protestors clash with riot police on June 15, 2011 during a demonstration near the parliament in the center of Athens. Thousands of demonstrators besieged the Greek parliament on June 15 in a large anti-austerity protest marred by violence, leaving at least a dozen injured ahead of a critical reform vote in parliament. AFP PHOTO / ARIS MESSINIS AFP

Athene. Veldslagen tussen demonstranten en rellenpolitie zijn een vast ritueel geworden in Griekenland, waar de economische crisis inmiddels drie jaar duurt. Zwart geklede jongeren met brommerhelmen, knuppels en molotovcocktails staan dan in een wolk van traangas tegenover dik ingepakte politiemannen met knuppels en schilden, die soms zwaar geweld niet schuwen.

Amnesty International wijdde vorige week zelfs een rapport aan politiegeweld tijdens betogingen in Europa. De meeste zaken hierin komen uit Griekenland, al worden ook Spanje en Roemenië genoemd. Een Griekse betoger bungelde tien dagen op het randje van de dood nadat de politie met een brandblusser op zijn hoofd had geramd. Ook is gericht geschoten met rubberen kogels, met een motor ingereden op een betoging en gevaarlijk veel traan- en rookgas gebruikt.

Een opzienbarend voorbeeld van politiegeweld speelde op 30 september, toen een groep anarchisten werd gearresteerd nadat een antifascistische betoging op geweld uitliep. Ze zeggen dat de politie hen heeft geslagen en vernederd. „Een smeris schopte in mijn ballen, terwijl ik op de grond lag, verlamd door een illegaal stroomstootwapen”, vertelt T. (29), een van de dertien mannen en twee vrouwen om wie de zaak draait. Op het kantoor van hun advocaat laten ze een botbreuk, een brandwond door een stroomstootwapen, een hoofdwond en een blauw dijbeen zien.

Ze willen niet herkenbaar in de krant, uit angst voor vergelding door extreem-rechts. Politiemannen zouden dreigen hun namen en adressen door te geven aan de ultranationalisten, die hun eigen knokploegen hebben. Ze zeggen ook dat de politie is geïnfiltreerd door de neonazi-beweging Gouden Dageraad.

Het onderzoek in deze zaak loopt nog, maar het bewijst hoe verstoord de relatie tussen Grieken en politie is. Hoewel de dictatuur al bijna veertig jaar voorbij is, zien veel burgers de politie nog altijd als onderdrukkers. Kleine kinderen spreken al over ‘smerissen’ in plaats van agenten. Tijdens betogingen wordt ‘varkens, moordenaars’ gescandeerd. Na elke demonstratie doen moeilijk verifieerbare verhalen de ronde over agenten in burger die voor escalatie zorgen.

Bij het incident eind september riep een politieman, volgens T.: „We gaan je vermoorden, net als je opa in de Tweede Wereldoorlog.” Toen begon in Griekenland een burgeroorlog die tot 1949 duurde. Communisten vochten daarin tegen royalistische regeringstroepen.

Nu de economische crisis de tegenstellingen aanscherpt, lijken die tijden soms te herleven. Extreem-rechts haat ‘communisten’ net zo erg als immigranten en voorspelt een nieuwe burgeroorlog. Extreem-links trekt ten strijde tegen ‘fascisten’, waarmee vaak ook de politie wordt bedoeld. Op Twitter worden hashtags als ‘marteling’ of ‘junta’ gebruikt, een vergelijking met de militaire- en politiedictatuur tussen 1967 en 1974.

Volgens advocaat Dimitri Katsaris worden linkse betogers en anarchisten in deze tijden van economische malaise door de regering gebruikt als zondebok. „Net als de joden door Hitler”, zegt hij zonder aarzeling.

Minister Dendias van Openbare Orde wijst beschuldigingen van marteling resoluut van de hand. Volgens Dendias zijn op het politiebureau geen stroomstootwapens gebruikt of wonden aangebracht met sigaretten. Over wat op straat voor, tijdens en na de arrestaties is gebeurd, houden de minister en de politiewoordvoerder zich op de vlakte. „Mogelijk is er sprake van lichte verwondingen opgelopen tijdens de botsingen tussen bewoners, betogers en de politie.”

In een interview op Skaï TV sprak Dendias het vermoeden uit dat berichtgeving uit de koker komt van „een bepaalde politieke stroming”, een verwijzing naar extreem-links. Sinds het einde van de rechtse onderdrukking in 1974, en zeker sinds links in 1981 aan de macht kwam, gold geweld tegen de politie als een soort verzetsdaad waartegen niet werd opgetreden. In het publieke debat werd links politiek geweld vergoelijkt, vertelt historicus Angelos Avgoustidis. Voor geweld door politie gold het omgekeerde. De berichten over mishandeling door de politie, en aanwijzingen dat de militante Gouden Dageraad grote aanhang heeft onder agenten, doen vrezen dat „de pendule nu te ver naar de andere kant door slingert”, zegt Avgoustidis.

„Burgers wantrouwen ons nog altijd”, zegt Nikos Tetradis (48), gepensioneerd politieman. Dat komt doordat de staat de politie na de burgeroorlog niet alleen inzette voor ordehandhaving, maar ook om linkse Grieken te onderdrukken en bijvoorbeeld de pers te controleren.

Dat wantrouwen geldt tegenwoordig niet zozeer voor de reguliere politie, zegt Tetradis, als wel de MAT, de speciale eenheden die worden ingezet bij demonstraties. Het zijn de agenten die de meeste molotovcocktails naar hun hoofd krijgen, maar die er zelf ook het hardst op los slaan. Vaak worden ze van buiten Athene aangevoerd. „De rekruten met de laagste cijfers op de politieacademie moeten naar MAT. Niemand kiest daar zelf voor.”