Op jacht, letterlijk

Ik met de jagers. Foto NRC
Ik met de jagers. Foto NRC Ik met de jagers. Foto NRC

Het is half door het Frans, half door mijn met angstvisioenen gevulde nacht, dat ik niet helemaal begrijp waar we daarna naar toe gaan. Ik dacht naar een bos, honden uit de aanhangwagen en schieten maar. Maar het blijkt naar een houten hut waar vier andere mensen in hetzelfde soort jassen als wij achter dampende kopjes koffie op ons wachten. Onze medejagers, want jagen doe je dus niet alleen.

Een man genaamd Jean-Paul tekent de opstelling waarin er vandaag gejaagd zal worden. Nu was ik niet van plan om de hele dag met hoog opgetrokken wenkbrauwen kritische vragen te stellen over het jagerschap, aangezien ik zelf ook gewoon tot spekreepjes verwerkte varkens uit de bio-industrie eet enzo. Maar ik maakte me toch wel een beetje zorgen over wat ik zou doen als ik, bijvoorbeeld oog in oog met een kleine bambi, een pistool in mijn had gedrukt zou krijgen en mijn bloedlustige medejagers zoiets zouden roepen als: “Show us you’re a man!” Helemaal niet nodig, zo blijkt, want om een pistool vast te houden heb je een diploma nodig. En ik word samen met Jean-Francois opgesteld in een positie die sowieso het leukste is: trekking. Dat houdt in: wij jagen samen met de hondjes op de grond de wilde dieren op, terwijl onze medejagers op strategische plekken met hun geweer in de aanslag wachten tot er een dier langskomt.

Een geweer! Foto NRC / Raoul de Jong

Een geweer! Foto NRC / Raoul de JongEen geweer! Foto NRC / Raoul de Jong

Op wilde zwijnen, vossen en herten gaan we jagen. Wilde zwijnen en herten om te eten, vossen omdat de vos geen natuurlijke vijanden meer heeft. Van elk soort mag er maar een beperkt aantal geschoten worden per jaar en er is een strenge controle. Zo doodde deze jagerscommune vorig jaar maar negen herten en twee vossen.

Het bos waarin we jagen ligt in een dal. Een wild stuk bos, zonder paden voor mensen. De hondjes - kleine harige mormeltjes met namen als Ancienne, Kelly en Steward - krijgen een halsband met een bel, zodat we ze kunnen horen. Ik vraag Jean-Francois of hij er per ongeluk wel eens een heeft doodgeschoten, maar dat is nog nooit gebeurd.

Steward, Kelly, Ancienne en de anderen. Foto NRC / Raoul de Jong

Steward, Kelly, Ancienne en de anderen. Foto NRC / Raoul de JongSteward, Kelly, Ancienne en de anderen. Foto NRC / Raoul de Jong

Zonder commando begrijpen ze wat ze moeten doen. Neus dicht op de grond, verspreiden ze zich door het bos op zoek naar sporen. Wanneer een van hen wat vindt, begint hij te janken. De anderen rennen naar hem toe. Als ze hetzelfde ruiken, janken ze ook en weten wij dat er wat aan de hand is. Gezamenlijk volgen ze dan het spoor tot ze het dier hebben gevonden. Vaak loopt het spoor dood. En soms is het Ancienne, die overspannen is en gewoon heel erg houdt van janken.

Terwijl de hondjes hun ding doen lopen Jean-Francois en ik een beetje rond. Hiken is een beter woord, want dit bos is dus niet voor mensen. Glijdend, ons vastgrijpend aan takken, tussen bramenstruiken, een heuvel af, naar een riviertje beneden.

Julien, Jean-Francois en Laure. Foto NRC / Raoul de Jong

Julien, Jean-Francois en Laure. Foto NRC / Raoul de JongJulien, Jean-Francois en Laure. Foto NRC / Raoul de Jong

Ik vraag Jean-Francois hoe het voelt om iets dood te schieten. Meestal gaat het te snel om er echt wat bij te voelen, zegt hij. Het dier raast voorbij en jij moet mikken. Al doet het daarna toch altijd een beetje pijn. Doden is voor hem niet het punt. Voor hem gaat het om het in de natuur zijn en het samenwerken met de hondjes.

“Jij werkt toch voor een krant?” vraagt hij me dan. Want hij zelf heeft heel lang voor een krant gewerkt. Jarenlang was hij verantwoordelijk voor vijf regionale dagbladen. Maar, hetzelfde verhaal als al die vorige keren deze reis: hij had een auto, een huis, geld en aanzien, maar was niet gelukkig. Hij geloofde niet in wat zijn krant de wereld instuurde. Mensen worden bang van wat ze in kranten lezen, weemoedig en gesloten.

Jean-Paul maakt de opstelling. Foto NRC / Raoul de Jong

Jean-Paul maakt de opstelling. Foto NRC / Raoul de JongJean-Paul maakt de opstelling. Foto NRC / Raoul de Jong

Dus heeft hij de krant verlaten en is zijn eigen krant begonnen, samen met de liefde van zijn leven, Laure, zijn vrouw. Bien Dit, heette het krantje, helemaal in kleur, met alleen maar goed nieuws. Geen politiek, geen criminaliteit, geen economie. En alleen maar lokaal, heel dichtbij, zo goed als om de hoek. Want dat is het gebied waarin een normaal mens werkelijk invloed heeft.

Alles deden ze zelf, hij en Laure: foto’s maken, artikelen schrijven, interviews houden, het tijdschrift opmaken en het vinden van sponsors. De krant verspreidden ze gratis, 90.000 exemplaren. Slechts zes maanden met verlies. Daarna liepen de adverteerders vanzelf binnen en stond de telefoon continu gloeiend rood.

Bien dit! Foto NRC / Raoul de Jong

Bien dit! Foto NRC / Raoul de JongBien dit! Foto NRC / Raoul de Jong

Ze sloegen verschillende aanbiedingen af om het krantje door het hele land te verspreiden, want dat was niet waarvoor ze het deden. Tot Laure ziek werd, heel erg. Toen was de beslissing snel genomen: binnen een paar maanden verkochten ze hun krant en hun huis en vonden het prachtige terrein van mijn oude camping. Waar ze kippen en ganzen en schapen en konijnen houden. Met alle ruimte en evenveel tijd. Jean-Francois zegt: je moet nooit bang zijn om te veranderen, om te kijken waar de situatie om vraagt. Ze hadden prachtige jaren toen ze hun droomkant maakten, maar werken, zelfs werk waar je al je passie in kwijt kunt, is niet alles wat er is. Soms is het genoeg om met de mensen te kunnen zijn van wie je houdt.

Na een paar uur belt Julien, de zoon van Jean-Francois. Ongeduldig: wanneer komen de honden nou eens zijn kant op? Ook La Presidente van de jagerscommune heeft een aantal uur op een en dezelfde plek staan bibberen, maar vond dat daarentegen wel prima. Ze keek naar de vogels en luisterde naar de wind.

Er wordt uiteindelijk niks geschoten. Als het ons gelukt is Ancienne voorbij een aantal paarden te loodsen, stappen we met zijn allen terug in de auto’s en rijden naar een boerderij een stukje verderop om Kelly op te halen, die daar in wild excitement over een spoor verdwaald is geraakt.

Jean-Francois roept de hondjes. Foto NRC / Raoul de Jong

Jean-Francois roept de hondjes. Foto NRC / Raoul de JongJean-Francois roept de hondjes. Foto NRC / Raoul de Jong

Jean-Francois met Steward (of Kelly?). Foto NRC / Raoul de Jong

Jean-Francois met Steward (of Kelly?). Foto NRC / Raoul de JongJean-Francois met Steward (of Kelly?). Foto NRC / Raoul de Jong

Jean-Francois en La Presidente. Foto NRC / Raoul de Jong

Jean-Francois en La Presidente. Foto NRC / Raoul de JongJean-Francois en La Presidente. Foto NRC / Raoul de Jong

In het bos. Foto NRC / Raoul de Jong

In het bos. Foto NRC / Raoul de JongIn het bos. In het bos. Foto NRC / Raoul de JongIn het bos.

In de jagershut. Foto NRC / Raoul de Jong

In de jagershut. Foto NRC / Raoul de JongIn de jagershut. Foto NRC / Raoul de Jong

Raoul kreeg voor zijn tocht van de ANWB Human Nature travel gear, een rugzak en een jack van The North Face en een iPad van Mangrove.