Verborgen corruptie

Is er in Nederland een probleem met ambtelijke of politieke corruptie? Na het vertrek door de zijdeur van wethouder en senator Jos van Rey uit Roermond eerder deze week, ligt die vraag op tafel.

Niet dat we weten wat daar exact aan de hand is. Maar kennelijk vond de politicus het zelf raadzaam om zijn functies op te geven, in de slagschaduw van een onderzoek door het Openbaar Ministerie. Het staat al wel vast dat de wethouder een partijgenoot bevoordeelde bij een sollicitatie naar het burgemeesterschap.

Nederland scoort in internationale vergelijkingen consequent een plaats bij de minst corrupte landen ter wereld. Er zijn echter aanwijzingen dat illusies hier het zicht op de realiteit verhullen. Uit onderzoek in 2005 van de bestuurskundige Leo Huberts en de criminoloog Han Nelen naar corruptie in het openbaar bestuur bleek dat er jaarlijks aanleiding is voor zo’n 180 onderzoeken. Meestal betroffen die omkoping, meestal van ambtenaren. Behalve als het om kleinere gemeenten gaat: dan blijken ook de politici, in het bijzonder de wethouders, een risicogroep te vormen.

Vrijwel altijd gaat het dan om bevoordeling van het locale bedrijfsleven. Het risico is daar groter door de kleine schaal, de directe band met de kiezer, de nabijheid tot het ambtelijke apparaat en dus de mogelijkheid voor de politicus om te handelen. Hoe kleiner de kloof tussen burger en politiek, hoe groter de kans op corruptie, zo lijkt het. Corruptie komt voor bij de inkoop van goederen en diensten, het verlenen van vergunningen of het delen van geheime informatie, vaak in de vastgoedsfeer.

De mate waarin corruptie wordt opgemerkt hangt verder in hoge mate samen met de bereidheid erop te controleren. Defensie blijkt erg alert op onregelmatigheden bij de inkoop, vooral bij de Luchtmacht. Andere sectoren waar ook veel geld omgaat melden dan weer onwaarschijnlijk weinig onderzoek. Eenduidige registratie van corruptie ontbreekt intussen. De neiging om corruptie disciplinair af te doen of met ontslag, is aanmerkelijk groter dan via aangifte en een publiek proces. Er zijn heel wat terreinen waar ‘onvoldoende naar corruptie wordt gekeken’, aldus de onderzoekers. Zoekt en gij zult vinden, is het advies. Maar wie wat vindt heeft de neiging dat stil af te handelen, is de realiteit.

De Nederlandse samenleving is niet onkwetsbaar voor corruptie, zo kwam onlangs naar voren uit een evaluatie van Transparency International. De nieuwe wet Financiering politieke partijen is naar internationale normen onder de maat. Locale politieke partijen vallen er bijvoorbeeld niet onder. Voor Nederlandse ministers en staatssecretarissen bestaat geen rapportageplicht van privé zakelijke of economische belangen. Alleen het ministerie van Defensie verbiedt het snel wisselen tussen politieke en particuliere functies. Bij andere ministeries wordt de draaideur tussen publieke en private sector niet gehinderd. Naar de oorzaak is het gissen.

Parlementariërs hebben intussen wel een geschenkenregister, maar geen gedragscode. Wat lobbyisten in het parlement komen doen, en wie ze zijn – het valt nergens publiekelijk na te slaan. De wet Openbaarheid van bestuur functioneert hier slecht. Partijen hebben in Nederland nog steeds een behoorlijke invloed op topbenoemingen in het openbare bestuur. De onafhankelijkheid van parlementariërs is in orde. Maar ze hebben maar weinig macht. Met anderhalve man ondersteuning zijn ze niet tot zelfstandig onderzoek in staat. En over de SP-fracties, die hun halve salaris moeten inleveren, merkt Transparency op dat het ze eerder partijwerknemers maakt dan onafhankelijke volksvertegenwoordigers. Met de bescherming van klokkenluiders is Nederland laat en niet erg royaal.

We moeten het hier in de strijd tegen corruptie hebben van onafhankelijke instanties als de Rekenkamer, de Ombudsman, de media, de Rechtspraak en het parlement. Dat werkt redelijk tot goed. Maar het kan beter. Het bedrijfsleven kan fiscaal en strafrechtelijk nog vrij makkelijk wegkomen met omkoping in het buitenland. De Rechtspraak is hier integer – maar er zijn twijfels mogelijk over de toedeling van zaken aan individuele rechters. Hoe dat exact gebeurt is onbekend. Hoe de media hier hun eigen integriteit feitelijk bewaken is ook onhelder. Corruptie, we weten nog niet de helft. En we hoeven ons geen illusies te maken.