Iedereen een tijger op de borst

De tijgertrui van Kenzo is de modehit van deze herfst. Sinds twee Amerikaanse winkeleigenaren (zonder ontwerpervaring) de leiding hebben, is het merk weer cool.

Kenzo’s tijgerweater in het wild.
Kenzo’s tijgerweater in het wild. Team Peter Stigter

In de pas vernieuwde Kenzo-winkel aan Place de la Madeleine in Parijs loopt een hip Aziatisch meisje met een asymmetrisch kapsel de paskamers uit in een groene sweater met daarop een tijgerkop en het woord ‘Kenzo’. Het is maat XXL en het meisje – iel en hooguit 1.60 meter – verzuipt erin. „Weet u zeker dat-ie er niet meer in een kleine maat is?”, vraagt ze voor de tweede keer aan de verkoopster. Die herhaalt dat in heel Parijs alleen nog XXL verkrijgbaar is. Het meisje draalt nog tien minuten in de veel te grote sweater voor de spiegel. Wanhopig knoopt ze een riem om haar middel in de hoop hem als een jurk te kunnen dragen, maar moet het dan toch opgeven: hij past haar echt niet.

De tijgersweater van Kenzo kan gerust de grootste modehit van deze herfst genoemd worden. En dat terwijl amper anderhalf jaar geleden niemand nog overwoog het woord Kenzo in kapitalen op z’n borst te dragen.

Kenzo Takada (1939), de Japanse modeontwerper die zich in 1964 in Parijs vestigde, beleefde zijn hoogtijdagen in de jaren zeventig. De manier waarop hij Westerse en Aziatische invloeden met elkaar vermengde, werd als zeer vernieuwend beschouwd. Vooral zijn ongebruikelijke combinaties van prints en kleuren baarden opzien. In 1999 ging hij met pensioen en vanaf 2003 stond de Italiaanse ontwerper Antonio Marras aan het roer. Die ging verder met Kenzo’s etnische prints en gaf er een superromantische, maar niet erg modieuze draai aan. Jarenlang kwam het meeste geld binnen via de parfums die Kenzo sinds 1988 op de markt bracht.

In juli 2011 werd aangekondigd dat Marras na negen jaar zou worden vervangen door Carol Lim en Humberto Leon: het Amerikaanse duo achter concept store Opening Ceremony. Tien jaar geleden openden ze het eerste filiaal in New York, en inmiddels zitten ze ook in Tokio, Los Angeles en Londen. In hun altijd originele assortiment worden grote modehuizen afgewisseld met jong, obscuur talent. Het is de eerste keer dat een groot modehuis winkeliers – zonder ontwerpachtergrond – de creatieve leiding gaf. Maar Lim en Leon lijken dankzij hun retailervaring precies te weten wat verkoopt.

Hun eerste zet was even ongebruikelijk als briljant: het omlaag schroeven van veel van de prijzen. In de modewereld is het gebruikelijker dat prijzen juist verhoogd worden, om zo de illusie van exclusiviteit te wekken. Maar de tijgersweater kost 195 euro en varianten met minder borduurwerk heb je vanaf 150 euro. Onder (modieuze) mannen zijn de kleurrijke baseballcaps met logo populair; die kosten 40 euro. Overigens hangen in de winkel ook truien van 510 euro, jassen van 890 euro en een katoenen jurk met druivenopdruk voor 1.100 euro.

Ook de stijl van het huis is aangepast. Sinds het aantreden van Lim en Leon – die zowel de mannen- als de vrouwenlijn voor hun rekening nemen – is Kenzo jong, vrolijk en pretentieloos. De gezaghebbende modekrant Women’s Wear Daily omschreef Opening Ceremony onlangs nog als „een conglomeraat van coolheid” en precies dat imago weten Lim en Leon ook op Kenzo over te brengen. Opzichtige logo’s zijn eigenlijk al jaren uit de mode, maar het duo heeft die trend eigenhandig gekeerd. Wie ‘Kenzo’ op z’n borst heeft staan, lijkt opeens een graantje mee te pikken van hun coolheid.

Begin deze maand presenteerden Leon en Lim hun derde damescollectie tijdens de Parijse modeweek. De collectie was een referentie aan Jungle Jap, de eerste Parijse winkel die Kenzo in 1970 opende. Er waren safari-jasjes, uitvergrote luipaardprints, tropische bloemen en veel groen en kaki. De korte, oversized jasjes met op de rug een tijger en de tekst ‘Jungle Kenzo Paris’ zouden zomaar eens het verkoopsucces van volgende zomer kunnen worden.