‘Reve-biografie is monument van onfatsoen’

De omstreden biografie ligt nu (nog) in de boekhandel / Foto NRC Handelsblad

Het derde deel van de Gerard Reve-biografie dat vrijdag vervroegd verscheen, is ‘een lange karavaan van ongeoorloofde citaten’. Biograaf Nop Maas had geen toestemming om de ongepubliceerde Reve-citaten te publiceren waarvan Joop Schafthuizen het auteursrecht bezit. En áls de toestemming al gegeven was, is die ongeldig omdat de weduwnaar van Reve destijds zwaar depressief en dus wilsonbekwaam was.

Dat was de belangrijkste argumentatie van Schafthuizens advocaten in het kort geding tegen Maas en zijn uitgeverij Van Oorschot, dat de Amsterdamse rechtbank gisteren behandelde. Schafthuizen, zelf niet bij de zitting aanwezig, wil De late jaren 1975-2006 onmiddellijk uit de handel laten halen.

Eerder verbood de rechter publicatie van de citaten, omdat Schafthuizen daarvoor nooit schriftelijk toestemming had gegeven. Het gerechtshof stelde Maas en Van Oorschot in juni toch nog in het gelijk: doorslaggevend was Schafthuizens aanvankelijke mondelinge instemming met publicatie (‘Stuur maar naar de zetter’). Voor hij zijn toestemming introk waren in goed overleg met Maas al tientallen passages geschrapt en geanonimiseerd.

In augustus startte Schafthuizen een bodemprocedure. ‘Uitgeverij Van Oorschot frustreert die door de biografie nu snel de schappen in te jassen,’ fulmineerden zijn advocaten. Met in de hand een onvoordelige Volkskrant-recensie noemden zij de biografie een ‘karaktermoord’ op Reve, een ‘verkapte exploitatie’ van Schafthuizens bezit en een ‘monument van onfatsoen’, omdat in het uiteindelijke boek ‘talloze overeengekomen wijzigingen niet overgenomen waren’.

‘Het boek is conform de drukproef waar Schafthuizen al twee jaar op zit,’ reageerden de raadsmannen van Maas en Van Oorschot. Daarop suggereerde de advocaat van Schafthuizen dat het ‘theoretisch mogelijk’ was dat de uitgever een ander manuscript ter zitting opvoerde dan de door Schafthuizen gewijzigde versie. ‘Infaam!’ reageerde uitgever Wouter van Oorschot. De advocaten van Maas en Van Oorschot meenden dat er ‘geen nieuwe feiten of argumenten’ waren die het kort geding rechtvaardigden. De rechter doet vandaag aan het eind van de middag uitspraak.