Provoceren is er hier niet meer bij

Twee leden van Pussy Riot zijn zaterdag overgebracht naar twee Russische strafkolonies. Naar welke, dat weet zelfs hun familie nog niet. De kolonies zijn geen Goelagkampen meer, maar het regime is er wel streng.

1103512 Russia, Kineshma. 04/24/2012 An employee at the Female Penal Colony No. 3 of the Administration of the Federal Penitentiary Service (UFSIN) of Russia for the Ivanov region monitors the work of inmates at the colony's sewing shop. Iliya Pitalev/RIA Novosti
1103512 Russia, Kineshma. 04/24/2012 An employee at the Female Penal Colony No. 3 of the Administration of the Federal Penitentiary Service (UFSIN) of Russia for the Ivanov region monitors the work of inmates at the colony's sewing shop. Iliya Pitalev/RIA Novosti RIA Novosti

Correspondent Rusland

Duizend vrouwen met dezelfde grauwe hoofddoekjes en gewatteerde jassen, honderd vrouwen per barak. Voor hen een stuk of vijftien buiten-wc’s. Dat zal Nadezjda Tolokonnikova (23) van Pussy Riot aantreffen in kolonie FKU-IK-14, ongeveer vierhonderd kilometer van Moskou, in de Russische republiek Mordovië. Gisteren maakte haar man bekend dat Tolokonnikova zaterdag waarschijnlijk naar deze kolonie is getransporteerd. Ook haar advocaat vermoedt het. De autoriteiten gaven de locatie niet prijs.

Medeveroordeelde Maria Aljochina (24) zou helemaal naar Perm zijn overgebracht, meer dan 1.100 kilometer van Moskou, aan de voet van het Oeralgebergte.

Rusland telt zo’n vijftig strafkolonies voor vrouwen, waar gemiddeld duizend vrouwen per kamp hun straf uitzitten.

„Ze moeten goed opletten, netjes zijn en vooral proberen om met iedereen in het kamp een gemeenschappelijke taal te vinden”, luidt het telefonisch advies van Svetlana Bachmina (43) aan de nieuwe kampbewoners. De juriste uit Moskou bracht zelf ruim twee jaar door in kolonie FKU-IK-14, tot 2008. Ze werd veroordeeld voor verduistering bij oliebedrijf Yukos, net als oprichter Michail Chodorkovski en zijn zakenpartner Platon Lebedev. Zij zitten al jaren in strafkolonies in Karelië en Archangelsk, in het hoge noordwesten.

„Netjes zijn.” Het zal even wennen zijn voor de vrouwen van Pussy Riot, die van provoceren hun vak maakten. Nadezjda Tolokonnikova is de vrouw die in 2008 protesteerde tegen een nieuw regeringsinitiatief voor het krijgen van meer kinderen, door voor de camera groepsseks te hebben in het biologiemuseum van Moskou. Haar blote lichaam was enorm: vier dagen later zou ze bevallen van haar dochter Gera, die nu vier is. Het is niet het soort daad dat door iedereen begrepen zal worden in een kolonie waar nieuws uit de buitenwereld slechts mondjesmaat en via de staatstelevisie binnenkomt.

Onder de groepsnaam Pussy Riot trokken Tolokonnikova, Aljochina en een tiental andere vrouwen uit de punkprotestbeweging afgelopen jaar de aandacht met acties in neonkleurige panty’s en bivakmutsen. Voor hun optreden in de grootste kathedraal van het land werden ze in augustus veroordeeld tot twee jaar kolonie met aftrek van voorarrest. Die grijze tijd gaat nu, na een vergeefs hoger beroep, in. De vrouwen hadden hun straf liever in de stadsgevangenis uitgezeten. Het verzoek werd afgewezen.

Russische strafkolonies zijn geen pretparken, maar ook geen Siberische Goelagkampen. Hoeveel kritiek er naar Europese maatstaven ook te geven is op de rechtszaak en de veroordeling van de leden van Pussy Riot en op het griezelige feit dat hun familie en zelfs hun advocaat nu moet gissen waar ze beland zijn: ze zijn niet ’s nachts door de geheime politie uit hun bed gelicht, op transport gezet en tewerkgesteld in eeuwige sneeuw. In de werkkampen van Stalin werden honderdduizenden gevangenen gebruikt als economisch goed, als machine, totdat ze erbij neervielen. Opgebruikt. Die praktijk bestaat al een halve eeuw niet meer.

Maar het regime in IK-14 is nog altijd niet zachtaardig: opstaan om zes uur, ochtendgymnastiek tot zeven uur (altijd buiten), ontbijt, om half acht naar de naaifabriek, om één uur naar de mensa, dan weer werkkleding naaien tot vier of vijf uur. Om zes uur ’s avonds inspectie, vervolgens avondeten en om tien uur naar bed. De soepen en pappen die de gevangenen eten, geven genoeg energie om in het naaiatelier te kunnen werken, niet veel meer dan dat, ook niet minder. Het grootste probleem is tuberculose.

Mordovië is drassig. Juriste Bachmina vertelde na haar vrijlating in de krant hoe ze de aankomst in het kamp waar Tolokonnikova terechtkomt had ervaren. „Ik had geluk: de laatste twee jaar was het eind april steeds heel koud, waardoor 90 procent van de muskieten dood was gegaan. Gewoonlijk zijn het er zoveel dat het net een rookgordijn is”, aldus Bachmina.

Veel vrouwen weten niet wat ze met ‘vrije’ tijd aan moeten. In het weekend ontstaan er vaak opstootjes, aldus Bachmina. Voor gevangenen met zelfdiscipline is dit het moment om een eigen stempel op het leven te drukken. Bachmina hielp kampgenoten met haar juridische kennis. Chodorkovski schreef een boek over de opkomst en ondergang van zijn olieconcern.

In het kamp mag je vier keer per jaar drie dagen samen zijn met partner of gezin. Bachmina, telefonisch: „Er is een speciaal gebouwtje, met een kamer van acht vierkante meter waarin twee bedden en een tafel staan. Er is een keukentje. De ene deur komt uit op het kamp, de andere deur op de buitenwereld. Aan die kant komt de familie binnen. Dan gaat de deur op slot.”

De vrouwen die na de drie dagen uit het gebouwtje komen, zijn vaak een paar dagen heel depressief, vertelt de juriste. Haar man besloot hun kleine kinderen het verdriet niet aan te doen van eerst een weerzien, dan het onvermijdelijk afscheid van hun moeder. Bachmina zag haar kinderen drie jaar niet.

Er zitten veel drugsverslaafde meisjes met aids in FKU-IK-14. Veel vrouwen zonder opleiding. Ook vrouwen die hun eigen kinderen vermoordden omdat ze niet langer voor hen wilden zorgen. De Pussy Riot-vrouwen moeten er verder rekening mee houden dat bewakers provocaties uitvoeren, juist bij gevangenen die de staat overmatig hebben geïrriteerd. „Tijdens de treinreis naar het kamp werd er een simkaartje in mijn tas gestopt. Toen doorzochten ze mijn spullen en kwamen ze met dat kaartje aan”, zegt Bachmina. Ze kreeg meteen tien dagen tucht. Dat is het ergste niet. Met elke overtreding schuift ook de mogelijkheid op vervroegde vrijlating op.

IK-14 is geen Goelagkamp meer, maar de kolonie in Mordovië staat wel op de grondvesten van een Goelagkamp: Doebravlag. De regio ontwikkelde zich pas in de jaren dertig, toen dwangarbeiders een spoorlijn naar Moskou aanlegden. De lokale economie draait volledig om de circa vijftien kolonies. Er zijn aparte kampen voor mannen, vrouwen, buitenlanders, tbc-lijders, met strengere en minder strenge regimes.

Tolokonnikova is zeker niet de eerste ‘andersdenkende’ die er terechtkomt. In de jaren zestig tot tachtig was Mordovië dé plek waar politieke gevangenen belandden. De dissidente schrijver Andrej Sinjavski (pseudoniem Abram Terts) schreef er zijn werk Wandelingen met Poesjkin. Volgens zijn vrouw zijn vrolijkste boek.

Sinds enkele jaren staat er in het vrouwenkamp een houten kerkje. Bachmina kwam er graag om zich even af te zonderen van de massa. Het is de vraag of de leden van Pussy Riot tot rust komen in een onderkomen van het instituut dat ze beschimpt hebben, ten koste van twee jaar vrijheid.

Misschien kunnen zij beter doen wat de wegens terroristische voorbereidingen veroordeelde politicus-schrijver Edoeard Limonov deed tijdens zijn verblijf in kamp-13 in Saratov: mediteren. Niet dagdromen, je lot volledig accepteren, steeds weer met je aandacht naar je handen of je voeten gaan. Of je nu moet marcheren, het aquarium van de kampdirectie poetsen of een andere zinloze strafbezigheid uitvoeren: ga er helemaal in op, is het devies van Limonov. Het verlicht het verblijf.

Nadezjda Tolokonnikova en Maria Aljochina zullen op zichzelf aangewezen zijn in de kampen. Bachmina: „Het ergste is de massaliteit, steeds al die vrouwen in dezelfde lompen met gezichten waar alleen nog uitzichtloosheid en weerloosheid vanaf straalt.”

De jonge vrouwen van Pussy Riot moeten blijven beseffen dat dit vroeger of later ophoudt, drukt de juriste hun op het hart. „Het is een vreselijke tijd. Maar er komt een moment dat ze hun familie weer zien. Ze moeten zichzelf in acht nemen, hun gezondheid, omdat het leven daarna weer doorgaat.”