Musea willen weer langjarige subsidies

De Nederlandse musea willen langer dan vier jaar kunnen rekenen op subsidie om zo het beheer van gebouwen en collecties veilig te stellen. Dat blijkt uit het advies van een commissie van museumdirecteuren onder leiding van Irene Asscher-Vonk, emeritus hoogleraar sociaal recht van de Radboud Universiteit. De leden van de Nederlandse Museumvereniging en de Vereniging Rijksgesubsidieerde Musea hebben het advies gisteren overgenomen.

Staatssecretaris Zijlstra (Cultuur, VVD) heeft de subsidietermijn van vier jaar juist opnieuw ingevoerd. Voor de financiering van programmering van activiteiten kunnen volgens de museumcommissie wel voor een kortere termijn afspraken gemaakt worden.

De musea willen ook terug naar een systeem van visitaties en de subsidies niet meer afhankelijk maken van het oordeel van adviesraden zoals Zijlstra heeft ingevoerd. In zijn advies over de rijkssubsidies voor de komende vier jaar ging de Raad voor Cultuur voorbij aan de conclusies van deze visitatiecommissies en leverde de raad stevige kritiek op veel musea. Dat gebeurde ook in sommige steden.

De musea vinden ook dat door de verzelfstandiging van zowel veel rijksmusea als gemeentelijke musea de verantwoordelijkheden van de verschillende overheden en van de musea beter vastgelegd moeten worden in een nieuwe Museumwet.

Met dit advies willen de musea de Raad voor Cultuur voor zijn, die op verzoek van de staatssecretaris naar verwachting eind dit jaar een advies uit zal brengen over de toekomst van het museale stelsel.

De musea willen veel en vergaand samenwerken. Dat is nodig omdat volgens de commissie veel middelgrote en kleinere musea door de bezuinigingen grote risico’s lopen. Zo zullen de musea veel meer hun collecties moeten uitwisselen en waar dat mogelijk is centraal opslaan. Fusie van musea ligt volgens de commissie ook voor de hand, al moeten ze dat individueel beslissen. Alliantievorming en collectie-uitwisseling worden als andere mogelijkheid aangegeven.

In de adviescommissie zaten prominente museumdirecteuren van onder andere het Rijksmuseum, het museum Boijmans Van Beuningen en het Van Gogh Museum.

Asscher-Vonk: geen fusies musea van bovenaf: pagina 19