'Hij besmette mij met zijn enthousiasme'

Wie inspireerde Kees Vrijdag (61), scheidend secretaris bij de Kamer van Koophandel, en de ‘verbindingsofficier’ die Rotterdam verkoopt aan de buitenwereld?

Ken je het vlaggenmuseum in Rotterdam? Die 230 vlaggen van verschillende landen die langs de Maas wapperen, vlakbij de Erasmusbrug? Een idee van Hans Horsting.

Hans Horsting was mijn baas bij de Kamer van Koophandel in Rotterdam. Maar hij was meer. Hij was Mister Rotterdam. Bij zijn afscheid kwamen we erachter dat hij zestig nevenactiviteiten had bekleed.

Hij is nu 81 jaar. Hij wandelt nog steeds rond in Rotterdam. Hij is klein, tenger, een tikje schriel. Hij heeft ‘terminaal blond’ haar. Dat zijn zijn woorden. Maar hij bemoeit zich nog steeds met een aantal zaken. Dat zit in hem. Hij bemoeide zich altijd overal mee.

Hij haalde mij naar de afdeling City Marketing. Toen heette die afdeling nog promotie en communicatie. Ik vond het een eer dat hij dacht dat ik dat goed zou kunnen.

Hans Horsting was overal. Spin in het web. Hij kende alles en iedereen. Ik leerde van hem de kracht van een goed netwerk. ‘Oh, die bel ik wel even’, zei hij dan.

Dat meganetwerk van hem zette hij in voor de stad. Er is een prijs naar hem genoemd, die wordt uitgereikt aan iemand die zich onbaatzuchtig inzet voor de stad. Dit jaar kreeg een jonge Marokkaanse ondernemer de H.H. Horstingprijs.

Hij was een voorbeeld voor me. Die energie, die drive. Daar kon je alleen maar tegenop kijken. Hij besmette mij met zijn enthousiasme. Ik was onder de indruk van zijn charme en de manier waarop hij altijd iedereen voor zich kon winnen en alles aan elkaar kon stekkeren. Zonder autoritair te zijn.

Hij haalde een internationaal congres over festivals naar Rotterdam. Hij had in Amerika gezien hoe gunstig festivals voor een stad kunnen uitpakken: Het is een feest en het brengt geld op. Dat wilde hij ook.

Zijn liefde voor de stad werd mijn liefde voor de stad. En die liefde ging ver. Ik begon ’s morgens om acht uur. Maar dan was hij al op kantoor geweest en alweer weg. Lagen er briefjes op mijn bureau: denk je daaraan? En daaraan? Op Hemelvaartsdag zaten we er ook. Dat vonden we normaal. Een man van: een dag heeft 24 uur en dan heb je de nacht nog.

Het ging hem makkelijk af. Pas toen hij weg was merkte we dat hij naast het voorzitten van de vergadering ook notuleerde. Met dank aan meneer Horsting heb ik zelf ook een stuk of acht nevenfuncties.