Opinie

Haagse realiteiten en Brusselse vergezichten

Een regeringsformatie in Den Haag herbergt altijd het gevaar politiek navelstaren te cementeren in een regeerakkoord, ongeacht de rest van de wereld. Op 7 november 1989 werd het kabinet-Lubbers III gevormd. Het regeerakkoord codificeerde Haagse compromissen. Twee dagen later viel de Berlijnse muur. Den Haag was nergens op voorbereid. Het verbod op de pitbullterriër domineerde de Kameragenda.

Een Tweede Kamerdelegatie bezocht onlangs Europees president Van Rompuy, auteur van zogenoemde ‘vergezichten’. Hij bepleit alles wat eindigt op ‘Unie’: een politieke, monetaire, militaire en bankenunie. Van Rompuy handelt in processen waarin alle deelnemers worden opgesloten voordat ze het doorhebben.

Voor de zomer leek de bankenunie een vergezicht. Aanvankelijk zou het herkapitaliseren van noodlijdende banken gebeuren via het Europees Stabiliteitsmechanisme, na de totstandkoming van ‘effectief en operationeel bankentoezicht’. Dit laatste duurt jaren. Vorige week, op de 26ste euroreddingstop, werd besloten dat herkapitaliseren mogelijk is vanaf 1 januari 2013. Effectief toezicht is er dan niet, maar wordt verondersteld. Dit is een juridische mythe. Mediterraan Europa heeft nu vers geld nodig. Het vergezicht is dan niet ver.

De VVD en de PvdA passen in de coalitieonderhandelingen op dat hun niet overkomt wat Lubbers overkwam in 1989. De komende jaren gaat het hele Europese verdragensysteem op de helling. Alles zit scheef in elkaar. Zo zijn alle verdragsbepalingen over de euro geschonden. Europa zit klem in drie breuklijnen: een noord-zuidkloof, een eurozone- en niet-eurozonekloof en een concurrentiekloof met de rest van de wereld. Aan voortmodderen zit een grens. Heronderhandelingen zijn onvermijdelijk. Het Haagse regeerakkoord moet ruimte laten voor een onderhandelingspositie in Europa.

Voorzitter Martin Schulz van het Europees Parlement nam in de Volkskrant een voorschot, met het woord Kompetenzordnung. Schulz, die graag van zich afblaft als Euro-Feldwebel, gaf staatsecretaris Knapen onder uit de zak. Knapen had gezegd dat het Europees Parlement de burger niet vertegenwoordigt. Dit is juist; het is ook de visie van het Duitse Grondwettelijk Hof. Dit stelde dat het Europees Parlement niet representatief is, omdat niet elke stem hetzelfde gewicht heeft. Voor een Duitse zetel zijn 800.000 stemmen nodig en voor een Luxemburgse 80.000.

De Europese Unie heeft geen Ordnungspolitik. Brussel leidt een bureaucratisch proces; alles behoort tot Brussels eigen competentie. Schulz noemt vier hoofdterreinen voor Europees beleid: internationale handel, muntunie, migratie en milieu. Hij vergeet de interne markt – de essentie van Europese integratie en de sterkste troef. Als Genosse Schulz zich al als Vordenker opwerpt, moeten de VVD en de PvdA niet achter de feiten aanlopen. Zij moeten werken aan een Europese hervormingsagenda waarmee Nederland uit de voeten kan. Wat kan erin staan?

1Bevoegdheidsverdeling. De Europese Unie moet zich bezighouden met vijf kerntaken: de interne markt en de vier terreinen van Schulz. Ook buitenlands beleid is een kerntaak, maar mondt meestal uit in een coalition of the willing. Door de concentratie op hoofdtaken kunnen andere gebieden – sociaal beleid, toerisme, cultuur, sport – in handen blijven van de lidstaten. De Europese werktijdenregeling of plannen voor een Europees minimumloon veroorzaken slechts structurele werkloosheid.

2Een Europese senaat. Nationale parlementen moeten een grotere rol spelen bij het afdwingen van de bevoegdheidsverdeling. Vertegenwoordigers van nationale parlementen vormen een Europese senaat. Deze beoordeelt voorstellen van de Commissie en verwerpt ze zo nodig. Het Comité van de Regio’s en het Europees Economisch Sociaal Comité worden afgeschaft. De Europese Commissie wordt verkleind naar twaalf commissarissen, om bureaucratische overproductie te voorkomen.

3Flexibilisering. Het probleem van Europese integratie is dat Brussel te veel werkt met eenheidsrecepten. Europese regelgeving wordt een korset dat iedereen in ademnood brengt. Zo heeft de eurozone een exitprocedure nodig voor een geordend vertrek en, indien mogelijk, een geordende terugkeer. De mythe van de onomkeerbaarheid van de euro zet de hele eurozone op barsten. In het immigratiebeleid moeten er bandbreedtes komen. Waarom kan de minimumleeftijd voor gezinshereniging niet verschillen per land, binnen een bepaalde marge?

De filosofie van Europese integratie als de ‘steeds nauwere Unie’, uitmondend in een federale entiteit, is mislukt. Integratie is een balanceerkunst tussen uniformiteit en diversiteit. Te veel uniformiteit breekt de EU op. Hiervoor is Europa te divers.

De nieuwe coalitie moet niet het verleden cementeren, maar vooruitlopen op een onderhandelingspositie. In Brussel bestaat geen heldendom – alleen de slag om belangen.

Derk Jan Eppink is journalist, publicist en zit in het Europees Parlement voor de Belgische partij Libertair, Direct, Democratisch.