Fraudeursdromen

‘Heb je de bon nodig?’ Iedereen die weleens klusbedrijven over de vloer krijgt, kent die vraag. Zelf heb ik nog niet zo heel lang een eigen huis, en de eerste keer antwoordde ik in mijn naïviteit: „De bon… eh… nou… waaróm?” Waarop de schilder/timmerman geroutineerd toehapte: „Kijk, dan ken ik een mooi prijsje voor je maken…”

Een paar maanden later stond er een schoorsteenveger op de stoep, een gerimpeld kereltje in een blauwe stofjas. „We zijn bij uw buren bezig en nou zie ik dat er geen kapjes op uw kanalen zitten. Krijg je geheid vochtschade door. Ik ken ze zo plaatsen. Werkt u toevallig bij de Belastingdienst? Nee? Als u geen bon nodig hebt, maken we een mooi prijsje…”

Zelfs als doodgewone burger ontkom je er niet aan bloot te staan aan de verleidingen van fraude en corruptie. Probeer maar eens een legale schoonmaakster te vinden. Zwart klussen lijkt het standaardaanbod, wit is voor sukkels, en belastinginspecteurs. Stilzwijgend is dat de norm. Niemand heeft het erover. Samen hebben we de wereld mooi tuk.

Zo stel ik me voor dat het ook gaat in fraudegevallen van het type Jos van Rey en Ton Hooijmaijers. Kun jij me helpen een projectje erdoor te krijgen? Kijk, als jij mij wat gunt… Denk er even over na. Ik heb een leuke villa aan de baai van Saint-Tropez. Dat is goed voor je, even er tussenuit… Dan kunnen we een mooi prijsje maken.

Ho, wacht eens! Een paar tientjes besparen op zwart klussen is wel even wat anders dan tonnen steekpenningen en grootschalige vastgoedfraude. O ja? Het verschil is alleen gradueel, niet principieel.

Ik heb Jort Kelder eens op Radio 1 horen beweren dat je in vermogende kringen voor sukkel doorgaat als je eerlijk je belastingaangifte invult. Op z’n minst zet je privé-uitgaven op een zakelijke balans. Hoeveel van de vingers die nu vol leedvermaak naar Bram Moszkowicz wijzen, hebben niet zulke slimme aangiften in elkaar getikt?

Het verschil is gradueel. De balk en de splinter. Slim vals spelen vestigde zich geleidelijk als een gangbare cultuur in bepaalde vriendenkringen, in bepaalde beroepssectoren, in de mens.

Wat mij meer schokt is het volslagen middelmatige van de fraudeursdromen. Altijd kopen ze zeiljachten, Rolexen, villa’s in badplaatsen vol filmsterren. Altijd toeren ze rond in Porsches. Jongetjes zijn het, met dromen gevormd door dezelfde series en films.

Saint-Tropez… Wat een treurnis. Nooit zijn het stadjes als Arles of Lucca. Dan heb je al die miljoenen en kun je nog niets beters verzinnen dan een slechte B-film na te spelen. Slagerszoon Jos van Rey verzamelde statustrofeeën om erbij te horen.

Wie zijn schoonmaakster een jaaropgave stuurt, werpe de eerste steen.

Christiaan Weijts schrijft op deze plek een wisselcolumn met Margriet Oostveen.