Als werkloze Duitser kun je beter in China zijn

Nu de werkloosheid onder jongeren in Europa groeit, lonkt China. Vijf jaar geleden gebeurde dat nog aan de hand van multinationals in Azië. Nu vertrekken werkzoekenden op de bonnefooi naar China.

Peking. De jeugdwerkloosheid in Europa neemt toe; in Griekenland en Spanje is inmiddels meer dan 50 procent van de jongeren werkloos. Portugal volgt beide landen op de voet. Voor Vera Peneda uit Lissabon reden om in Peking te wonen. „Ik ben één van de pioniers. Via een uitwisselingsprogramma belandde ik vijf jaar geleden in China, zonder al te veel werkervaring. En toen brak thuis de financiële crisis uit. Van mijn vroegere studiegenoten hoor ik de meest vreselijke verhalen. Zij zijn net als ik begin dertig, hebben geen werk en zitten de hele dag thuis. Dan kun je beter in China zijn. Een geschikte baan vinden is hier een stuk makkelijker dan in Portugal.”

Sinds het in Zuid-Europese landen echt bergafwaarts gaat, ziet Peneda het aantal Portugezen en Spanjaarden in Peking gestaag groeien. „Je wilt niet weten hoeveel mailtjes ik krijg van vrienden van vrienden met vragen over de arbeidsmarkt hier.” Niet onbegrijpelijk volgens haar, want het salaris dat Peneda in China krijgt voor haar baan in de media, zou ze thuis nooit ontvangen. „In Europa zou ik zo’n 1.000 euro per maand verdienen, hier krijg ik 15.000 tot 20.000 yuan.” Dat is omgerekend tussen de 1.800 euro tot 2.500 euro.”

Sophie D’Agestino is net aangekomen in Peking. „Voor mij is de toekomst rooskleuriger hier”, zegt ze terwijl ze haar hippe, neonkleurige fiets voor de deur van haar werkplek parkeert. De 21-jarige Schotse was op zoek naar een baan in de vormgeving. „Ik hoorde dat Chinese bedrijven grote behoefte hebben aan westerse werknemers, zeker in de designwereld waar ik in afgestudeerd ben.” Binnen een week had ze haar eerste aanbieding binnen, maar dat bedrijf betaalde te weinig. Een paar weken later vond D’Agestino een fulltime baan bij een Chinees bedrijf.

Hoewel Nederland tot de EU-landen met de laagste jeugdwerkloosheid behoort, groeit de emigratie vanuit Nederland naar China ook fors; in twee jaar met 52 procent. Veelal zijn dit Chinezen die terugkeren naar het land van herkomst, maar er zitten ook jonge goudzoekers tussen, zoals Mark Smit. „Ik wil een baan in de marketing, maar die liggen in Nederland niet voor het oprapen.”

Ooit belandde de 27-jarige uit Losser voor zijn studie in Peking. Hij besloot om niet naar Nederland terug te keren. „Een paar jaar geleden waagden young professionals de sprong naar China alleen als er een groot bedrijf achter hen stond. Dat is nu anders. Ik ben echt niet de enige die hier op eigen houtje aanklopt bij Chinese bedrijven.”

Een geldig werkvisum is niet binnen een dag geregeld. Maar volgens Smit weten slimme jongeren dat te omzeilen. „Je kunt via via altijd wel een tijdelijk werkvisum regelen, als je maar genoeg betaalt.”

Niet alle Europeanen houden het vol in China. Spanjaard Miguel Blanes kwam een jaar geleden naar China en kreeg als architect razendsnel een baan. „Ja, ze zijn dol op Europese architecten.” Volgens hem verliep de samenwerking met zijn Chinese werkgever aanvankelijk vlekkeloos. „Totdat ik na anderhalve maand bij de baas werd geroepen. Het werk ging goed, zei mijn baas. Ik presteerde naar behoren. Toch wilde het bedrijf mijn jaarcontract openbreken. Ik moest hetzelfde werk gaan doen, maar in plaats van 25.000 yuan (3.000 euro) zou ik per direct slechts 12.000 yuan (1.500 euro) per maand ontvangen. Graag of helemaal niet, luidde de boodschap.”

Blanes besloot te vertrekken. „Het is een harde wereld. Ik hoor van meer buitenlandse werknemers in China dat een contract ondertekenen „als het ondertekenen van nat papier is”. Blanes woont nu tijdelijk, werkloos, in Spanje en maakt opnieuw plannen om in het buitenland werk te zoeken. De bestemming dit keer? Mexico.