De rijke regio's willen eigen geld eerst

Schotten, Vlamingen en Catalanen willen hun eigen weg gaan. Kan Europa dat er bij hebben? Vanzelf spreekt de solidariteit niet meer.

D insdag stuurde de president van de Generalitat Catalonië een felicitatiebrief naar zijn collega Alex Salmond, de premier van Schotland. Die had een dag eerder een akkoord ondertekend over een referendum waarin de Schotten ja of nee kunnen zeggen tegen onafhankelijkheid. Weliswaar pas over twee jaar, maar toch „een historisch akkoord’’, schreef regiopresident Artur Mas in zijn gelukwens. Deze afspraak „overstijgt Schotland en het Verenigd Koninkrijk en het Verenigd Koninkrijk en zet een internationale standaard.”

Die dag was de toon van de conservatieve Spaanse krant ABC heel wat somberder. Het is een gevaarlijk toneelstukje, volgens de krant. Premier David Cameron heeft ingestemd met een referendum omdat hij er van uit gaat dat de Schotten nee zeggen. Dan is Londen voor decennia van het gedonder af. De Schotse ‘separatisten’ weten dat ook wel, maar hopen wat financiële voordeeltjes uit het vuur te slepen, schreef ABC in een commentaar. „Dit proces is erg gevaarlijk voor de Europese Unie, waar verscheidene natiestaten – in het bijzonder Spanje en België – leven met de spanning van een hevige afscheidingsschok.”

Schotland, Catalonië, Vlaanderen. Een referendum, de dreiging met een referendum, en de spectaculaire opmars van een partij die een scheiding van tafel en bed wil met de Walen. Drie regio’s die zich aan elkaar spiegelen. De regionationalisten gaan bij elkaar op bezoek en moedigen elkaar aan: het kan, deze correctie op de geschiedenis. Ze praten over Tsjechoslowakije: nu een naam uit oude atlassen, maar het is nog geen twintig jaar geleden dat Tsjechië en Slowakije uit elkaar gingen. En dat grotendeels in pais en vree.

Europa biedt kansen aan ‘staatloze naties’, culturele minderheden binnen de landsgrenzen. ‘Nationalisten’ in Friesland, de Savoye en Occitanië, Wales en Silezië hebben doorgaans minder moeite met Brussel dan met de nationale hoofdsteden. De EU soms zelfs steun om regionale identiteiten te versterken, in de vorm van regiofondsen en programma’s voor minderheidstalen die de ‘tussenlaag’ van nationale regeringen omzeilen. Bij een dergelijk aanbod verbleken zorgen over Brusselse bureaucratie.

Maar Europa maakt onafhankelijkheid van de natiestaat niet per se aantrekkelijk. Je moet er wel financieel op vooruit gaan, van onafhankelijkheid. Corsica kent al jarenlang een separatistische beweging, maar het Franse eiland zou nooit zichzelf kunnen bedruipen. In het Italiaanse Zuid-Tirol wordt de roep van de Duitstalige meerderheid om onafhankelijkheid gesmoord door de geldstroom uit Rome. De overeenkomst tussen de bewegingen van de Vlamingen, Schotten en Catalanen is dat zij denken dat grotere zelfstandigheid goed is voor hun portemonnee. Indirect, door beter bestuur, maar ook omdat ze relatief rijk zijn.

Kan de EU dit erbij hebben, politieke onrust door afscheidingsbewegingen? Waarom eigenlijk niet? De Catalanen en de Schotten zijn uitgesproken pro-Europees, en ook De Wever kan in gloedvolle tonen praten over het Europese Brussel. Cultureel gezien past de eigenheid die de Schotse, Catalaanse en Vlaamse nationalisten willen onderstrepen, naadloos in het veelkleurige mozaïek dat Europa wil zijn. Het sluit ook aan bij de gedachte van een Europa van de regio’s, die regionale bestuurders uit allerlei landen ertoe heeft gebracht om een eigen lobbykantoor in te richten bij de Europese burelen. ‘Echte’ Europeanen die geloven in federalisering, hebben altijd al de rol van de natiestaat willen inperken. Alleen: wie in Brussel ziet de komst van nog een cohort tolken als een positieve ontwikkeling?

Toch is het regiostreven een veeg teken voor de samenhang in Europa. Schotland met zijn olie, het economisch sterke Vlaanderen en Catalonië: als de boodschap is, wij gaan lekker voor onszelf zorgen, dan komt de gedachte van solidariteit als een leidend beginsel binnen de Europese Unie verder onder druk.

Volgens De Morgen is dat de essentie, althans in Vlaanderen. Eigen geld eerst. De krant schreef: „Het succesrecept van De Wever is dat hij de weinig vruchtbare splitsingsromantiek van het oude Vlaams-radicalisme heeft ingeruild voor een in deze crisistijd actueler conservatief-economisch centennationalisme. Het harde discours tegen de ‘linkse belasting-regering van Di Rupo’ verschilt niet zoveel van de eurokritiek in andere landen tegen solidariteitsmechanismen die de Grieken of de Spanjaarden boven water houden.’’

Dat speelt ook in Catalonië, al hebben de separatisten een dubbele boekhouding. De vijf miljard euro steun die Barcelona aan Madrid heeft gevraagd, staat niet op de balans. Elders in Europa wordt eveneens beter opgelet wat de rest van de familie uitgeeft. De Italiaanse kranten staan de laatste weken vol berichten over curieuze uitgaven van lagere overheden – de clichébeelden van een spilziek zuiden en een nijver noorden blijven dit keer uit, omdat de grootste schandalen gelijkelijk over het land zijn verdeeld: Lombardije, Lazio, Sicilië.

Ook in Beieren broeit het. De federale Duitse structuur met zestien deelstaten laat veel eigen ruimte. Maar bij de tijdgeest horen rekensommetjes. En al werd de dag van de Duitse eenheid, op 3 oktober, dit jaar gevierd in München, steeds meer inwoners van deze Zuid-Duitse deelstaat realiseren zich dat zij nettobetaler zijn aan Duitsland.

Illustratief voor de stemming is het boek dat journalist Wilfried Scharnagl, die politiek actief is geweest in de CSU, in augustus publiceerde. De titel is: Bayern kann es auch allein. „Landkaarten zijn niet voor de eeuwigheid’’, zegt de auteur.

Als een regio zich van een EU-lidstaat afscheidt, wat dan? De Europese Commissie draait om de zaak heen. Vorige maand nog zei Commissievoorzitter José Manuel Barroso dat nieuwe staten opnieuw een aanvraag moeten indienen – het ging om Schotland. Eerder deze maand zei vice-voorzitter Viviane Reding dat geen enkele regel stelt dat Catalonië uit de EU moet stappen als het onafhankelijk wordt. Nu, na de gele golf in Vlaanderen, het akkoord in Schotland en de oplopende temperatuur in Barcelona, heet het in Brussel dat deze uitspraken allemaal hypotheses waren. De Commissie zal zich uitspreken als er sprake is van „een gedetailleerd, precies scenario’’, zei de woordvoerder afgelopen week. Wat geldt als een precies scenario, blijft in het ongewisse.

En, leuk detail: voor toetreding van nieuwe leden is unanieme goedkeuring van de bestaande leden nodig. Zou Madrid ruimhartig ja zeggen tegen Catalonië als nieuw EU-lid?