Opinie

Dirk Kuijt en andere mysteries

TV-kijkers die morgen de voetbalwedstrijd Roemenië-Nederland volgen, mogen zich verheugen op het duel dat daarna volgt. Het gesprek tussen bondscoach Louis van Gaal en Hans Kraay de eeuwige junior. Oftewel tussen de buitengewoon bijzondere hoogleraar en zijn domste student, over wie hij zich afvraagt: hoe hebben ze die ooit kunnen toelaten?

Na die vervelende wedstrijd van vrijdag, Nederland-Andorra, was de weerzin van het gezicht van Van Gaal af te scheppen als Kraay zijns inziens weer eens een negatieve of domme vraag stelde.

Of het geen zoethoudertje was dat Dirk Kuijt tot reserveaanvoerder is benoemd, terwijl hij nauwelijks in de basis zal spelen? Getergd antwoordde de bondscoach dat de rol van Kuijt buiten het veld heel belangrijk is. Maar wat is dan die rol? Helaas verzuimde junior daarnaar te vragen. Zegt Kuijt na afloop tegen de spelers dat ze hun vuile kleding netjes in de wasmand moeten gooien? Troost hij de nieuweling in wiens schoen een drol was gedeponeerd – voetbalhumor – die hij pas bemerkte nadat hij hem had aangetrokken? We weten het niet.

Voetbal zit vol geheimzinnige rituelen. Spelers die voor de wedstrijd gebukt in een kring gaan staan, luisterend naar de echte aanvoerder. Wat zou die zeggen? Jongens, het is de bedoeling dat we vandaag winnen? Zou er dan ooit een speler terugzeggen: ‘Oh ja, joh? Dat wist ik niet!’

Invalaanvoerder was vrijdag Kevin Strootman, omdat de eerste aanvoerder, Wesley Sneijder, geblesseerd is en de reserveaanvoerder dus niet in het basiselftal start. Dat snappen wij leken niet.

Ook niet de constatering van Kraay dat Ruben Schaken, die langs de zijlijn zijn eerste interland speelde, grotendeels met zijn rug naar het spel stond. „Je zal wel gelijk hebben”, besloot Van Gaal dit deel van het interview, om er van af te zijn. Maar wat deed Schaken dan? Waren zijn ogen gericht op de tribunes, om te zien wie er zoal naar zijn debuut was komen kijken?

We weten het niet. Te dom.