Reclassering wil slachtoffer inspraak geven in taakstraf dader

Reclassering Nederland wil slachtoffers vragen wat voor soort taakstraf de daders volgens hen moeten uitvoeren. Dat zegt Sjef van Gennip, bestuursvoorzitter van Reclassering Nederland vandaag in NRC Handelsblad.

Van Gennip denkt dat inspraak slachtoffers genoegdoening kan geven.

“Een vrouw wier auto meerdere malen was beschadigd, wilde graag dat de dader een half jaar lang elke zaterdag haar auto zou wassen. Ik dacht: waarom niet?”

Reclassering Nederland begeleidde in 2011 bijna 26.000 werkstraffen. Zij probeert nu al daders een straf te laten doen die samenhangt met de aard van het delict. Van Gennip is ervan overtuigd dat de impact dan groter is. “Zo kan iemand die met drank op heeft gereden de omgeving van een revalidatiekliniek schoonhouden. Dan ziet hij welke gevolgen zijn gedrag kan hebben.” Project-X-relschoppers kregen taakstraffen die ze ín Haren moeten doen.

Van Gennip wil slachtoffers benaderen voordat de zaak naar de rechter gaat. Hij wil dan ook informeren of het slachtoffer wil dat de dader een gebieds- of contactverbod krijgt. Dat zijn voorwaarden die een rechter moet opleggen. De reclassering kan zelf de invulling van een werkstraf bepalen. De rechter stelt alleen het aantal uren vast.

‘Slachtoffers willen niet alleen maar celstraf voor daders’

Van Gennip denkt niet dat slachtoffers alleen celstraf willen voor hun daders.

“Die mevrouw van die beschadigde auto wilde liever een schone auto. Dat leek haar beter dan die jongen opsluiten.”

Reclassering Nederland onderzoekt momenteel hoe het idee het beste uitgevoerd kan worden. Van Gennip: “Iemand die daar geen behoefte aan heeft, moet niet ongevraagd een reclasseringsmedewerker op zijn dak krijgen.”

‘Idee is de moeite waard’

Voorzitter Herman Bolhaar van het college van procureurs-generaal laat weten het idee van de Reclassering “de moeite waard” te vinden.

“De wijze waarop de taakstraf wordt ingevuld, bijvoorbeeld door een taakgestrafte iets terug te laten doen in een buurt, kan bijdragen aan herstel van verhoudingen.”

    • Merel Thie