Dit is een artikel uit het NRC-archief De artikelen in het archief zijn met behulp van geautomatiseerde technieken voorzien van metadata die de inhoud beschrijven. De resultaten van deze technieken zijn niet altijd correct, we werken aan verbetering. Meer informatie.

Politie, recht en criminaliteit

Ivorianen vrezen dat alleen de verliezers straf krijgen

In Ivoorkust is het eerste proces begonnen over het verkiezingsgeweld van 2011, tegen topmilitairen van ex-president Ggagbo.

De rechtszaal in Abidjan, de economische hoofdstad van Ivoorkust, barst al twee dagen uit zijn voegen. Veel Ivorianen willen het eerste grote proces over het verkiezingsgeweld van eind 2010 en begin 2011 meemaken. Het Paleis van Justitie wordt zwaar bewaakt. De situtie is gespannen na een serie aanslagen op het leger in Abidjan.

Terecht staan generaal Dogbo Blé Brunot en zeven andere officieren die vochten aan de kant van oud-president Laurent Gbagbo. Ze worden onder meer verdacht van moord, verkrachting, diefstal, verduisteringen en het opzetten van milities.

Dogbo Blé was commandant van de beruchte Republikeinse Garde, een pijler van Gbagbo’s veiligheidsapparaat. Hij speelde een belangrijke rol in de korte burgeroorlog die uitbrak na de presidentsverkiezingen van november 2010. Gbagbo weigerde zijn nederlaag te erkennen, waarna er gevechten uitbraken tussen Gbagbo’s troepen en die van zijn rivaal, huidig president Alassane Ouattara. Er vielen zeker 3.000 doden, het merendeel burgers.

Vanuit een basis naast het presidentiële paleis coördineerde Dogbo Blé de strijd om Abidjan. Hij is onder meer aangeklaagd voor de moord op kolonel die volgens geruchten dreigde over te lopen naar Ouattara.

Dogbo Blé zelf liep als een van de weinige commandanten niet over toen Franse militairen het paleis van Gbagbo belegerden en de strijd beëindigden. Gbagbo werd gearresteerd en eind 2011 overgebracht naar de gevangenis in Scheveningen, in afwachting van zijn proces voor het Internationaal Strafhof wegens misdaden tegen de menselijkheid.

Veel Ivorianen zien de rechtszaken in Abidjan en Den Haag niet als gerechtigheid. Want niet alleen Gbagbo’s troepen hebben oorlogsmisdaden begaan. Volgens een rapport van een Ivoriaanse onderzoekscommissie hebben aanhangers van Ouattara ook ruim 700 mensen vermoord. Maar terwijl 120 mensen uit het Gbagbo-kamp zijn aangeklaagd, gaan Ouattara’s mannen vrijuit. Rebellencommandanten die worden beschuldigd van marteling en buitenrechtelijke executies hebben promotie gemaakt in het nieuwe leger.

Dit voedt de onrust in het verdeelde land. Sinds vorige maand zijn bij aanslagen op controleposten en legerbases twintig mensen om het leven gekomen. Volgens de regering zitten strijders van Gbagbo achter de aanvallen. Zij zouden hun bevelen krijgen van Gbagbo-aanhangers die naar buurland Ghana zijn gevlucht.

Laurent Akoun, secretaris-generaal van Gbagbo’s partij Ivoriaans Volksfront, kreeg zes maanden celstraf wegens verstoring van de openbare orde. Hij spreekt van een „politiek vonnis”. De voormalige woordvoerder van Gbagbo is op aandringen van Ivoorkust opgepakt in Ghana en wacht op uitlevering. En vorige maand werden zes Gbagbo-gezinde kranten gesloten omdat ze foto’s hadden gepubliceerd van de oud-president in de gevangenis.

Gbagbo’s aanhangers zien hierin een bevestiging dat in Ivoorkust alleen verliezers gestraft worden. Volgens de denktank International Crisis Group dreigt „het gebrek aan onafhankelijke gerechtigheid (..) de gematigden in de armen te drijven van militante pro-Gbagbo-haviken, die nog net zo vastbesloten zijn groepen tegen elkaar op te zetten als tijdens de crisis.” Dat gevoel leeft ook bij het publiek in de rechtszaal in Abidjan.