Marx zonder happy end

Maandag begint de Maand van de Geschiedenis. De bankencrisis en het jaar 2008 horen thuis in het rijtje historische aardverschuivingen.

Bernard Hulsman

Boekrecensent

This three-picture sequence shows images over the years from the New York Stock Exchange (NYSE) in New Tork City. At left traders work the floor of the NYSE in an undated photo; traders on October 19, 1987 (CENTER) when the Dow Jones dropped over 500 points, then the largest decline in modern time; and on October, 6, 2008 (RIGHT) as Wall Street tumbled following the opening bell in the fallout from the credit crisis, triggering concerns about the economy, and the Dow falling below 10,000 for the first time in four years. Economists interviewed by AFP about the reforms likely to result from the current crisis spoke in the broad context of some of the great economic events in the 80 years since the crash of 1929. AFP PHOTO / FILES
This three-picture sequence shows images over the years from the New York Stock Exchange (NYSE) in New Tork City. At left traders work the floor of the NYSE in an undated photo; traders on October 19, 1987 (CENTER) when the Dow Jones dropped over 500 points, then the largest decline in modern time; and on October, 6, 2008 (RIGHT) as Wall Street tumbled following the opening bell in the fallout from the credit crisis, triggering concerns about the economy, and the Dow falling below 10,000 for the first time in four years. Economists interviewed by AFP about the reforms likely to result from the current crisis spoke in the broad context of some of the great economic events in the 80 years since the crash of 1929. AFP PHOTO / FILES AFP

Niet 2001, toen Arabische terroristen de Twin Towers in New York vernietigden, maar 2008 is het belangrijkste jaar van het eerste 21ste-eeuwse decennium, vindt de Britse historicus David Priestland. Het jaar 2008 hoort thuis in het rijtje 1917, 1929, 1945, 1968 en 1989, jaren waarin de wereld politieke, sociale en economische aardverschuivingen kende, zo begint hij Merchant, Soldier, Sage. A New History of Power. Vier jaar geleden begon de bankencrisis die uitdijde tot een financiële crisis en uitmondde in de huidige schuldencrisis waarmee voorlopig vooral Europa worstelt.

Hoe deze crisis precies eindigt, weet ook Priestland niet, maar wel wat de oorzaak is: de overheersing van de merchants, de handelaren, zoals hij bankiers, ondernemers en andere kapitalisten noemt. Die kregen, met dank aan de Britse premier Margaret Thatcher en de Amerikaanse president Ronald Reagan, in de jaren tachtig eerst ruim baan in de westerse wereld en na de val van de Muur in 1989 ook in (voormalige) communistische landen als Rusland en China. Hun opvatting dat de markt alles beter regelt dan de overheid werd in bijna de hele wereld gemeengoed. Maar het najagen van winst op korte termijn en de ongebreidelde wereldwijde kapitaalstromen die daarmee gepaard gaan, moesten wel tot een crisis leiden, betoogt Priestland.

Zelf noemt Priestland Merchant, Soldier, Sage een essay, maar het is een ongekend ambitieus boek. Terwijl geschiedenis steeds meer een vak is geworden van detailstudies, doet Priestland juist de grote greep. De hele wereld gaat hij te lijf met zijn stelling dat de geschiedenis wordt voortbewogen door de strijd van drie elitegroepen die hij aanduidt met het begrip kasten: ‘handelaren’, ‘soldaten’ en ‘wijzen’.

Met soldaten bedoelt hij de tot gewapende strijd geneigde elite, zoals koningen en aristocraten in het oude Europa of de latere staatsinstellingen die verbonden zijn met het leger. De ‘wijzen’ bestaan uit de clericale-intellectuele bovenlaag die in bijvoorbeeld het middeleeuwse Europa voornamelijk bestond uit priesters en monniken en in moderne tijden uit bureaucraten en technocraten bij overheid en bedrijfsleven. Priestlands poging om met de strijd tussen de drie kasten de loop van de wereldgeschiedenis te verklaren, heeft ongetwijfeld te maken met zijn specialisme: de geschiedenis van het communisme – veel in zijn benadering doet dan ook marxistisch aan.

Merchant, Soldier, Sage begint met de tijd dat de mens overstapte van de jacht op de landbouw en stammen plaatsmaakten voor kasten. Ook kijkt hij, in de voetsporen van Marx, over de grenzen van Europa heen en gaat hij na hoe in het oude China, Japan en India de kastenstrijd verliep. Maar uiteindelijk schenkt hij toch verreweg de meeste aandacht aan de geschiedenis van Europa en de VS in de afgelopen honderd jaar.

Een paar pagina’s wijdt hij aan Ayn Rand (1905-1982), de Amerikaanse schrijfster van Russische oorsprong die met haar opvatting dat de ondernemende en creatieve Übermensch niets in de weg mag worden gelegd, nog altijd grote invloed heeft op Amerikaanse economen en politici. Zo is ook Alan Greenspan, de vroegere directeur van de Fed, de Amerikaanse centrale bank en wegens zijn deregulering van het bankwezen volgens Priestland een van de hoofdschuldigen van de huidige crisis, een fervent aanhanger van Rands Nietzscheaanse gedachtegoed.

Ook Priestlands gedachte dat de sociaal-maatschappelijke opvattingen van een mens vooral worden bepaald door zijn beroep, doet denken aan de marxistische stelling dat de economische ‘onderbouw’ de culturele ‘bovenbouw’ bepaalt. Verder deelt hij met marxisten de opvatting dat weerkerende crises onvermijdelijk zijn: die volgen steeds op een periode waarin een kaste overheersend is. Zo voerde in nazi-Duitsland de kaste van de soldaten de boventoon en werd oorlog onvermijdelijk.

Maar anders dan Marx zeker wist, zullen de crises volgens Priestland niet leiden tot een communistische heilstaat. En ook niet tot een einde van de geschiedenis, zoals de historicus Francis Fukuyama begin jaren negentig aankondigde toen het neoliberale gedachtegoed aan zijn onweerstaanbare, wereldwijde opmars was begonnen. Crises leiden tot een herschikking van de macht van de verschillende kasten, totdat er toch weer één kaste te veel macht naar zich toe trekt en er opnieuw een crisis volgt.

De meeste woorden wijdt Priestland aan de kaste van de handelaren. Uitgebreid laat hij zien dat het 16de-eeuwse Nederland en het latere Engeland de eerste staten waren waar handelaren in de macht deelden. In Nederland gingen de handelaren in de kuststeden een verbond aan met de aristocraten in het achterland die met handelsgeld een oorlogsmachine tegen de Habsburgse overheersers opzetten.

Na de industriële revolutie werd de kaste van handelaren uitgebreid met die van fabrikanten en ondernemers. Ze kregen ook in landen als Duitsland een vooraanstaande positie. Opnieuw ging de nu uitgebreide handelarenkaste een verbond aan met de ‘soldaten’ van hun land. Toch gelooft Priestland, anders dan marxisten, niet dat dit verbond leidde tot WO I. Daarvoor waren roekeloze staatslieden, leden van de kasten van wijzen en soldaten, verantwoordelijk.

Na WO I moesten de staat en de kaste van wijzen daarom vooral in de VS een stap terugdoen en kregen de handelaren en ondernemers ruim baan. Priestland beschrijft de gay twenties in de VS en Europa als een tijdperk van ongebreideld kapitalisme dat griezelig veel lijkt op de neoliberale decennia die de wereld nu achter de rug heeft. Ook toen was het onderscheid tussen zakenbanken en spaarbanken verdwenen waardoor bankiers konden gokken met het spaargeld van hun klanten. En ook toen nam de inkomensongelijkheid toe, maar konden zelfs slecht verdienende arbeiders zich dankzij goedkoop krediet overgeven aan consumentisme.

In de VS leidde dit tot een kolossale vastgoedbubbel die al voor de beurskrach van 1929 begon leeg te lopen, bijna precies zoals de huidige crisis begon met Amerikaanse rommelhypotheken die waardeloos werden. De economische crisis die in de jaren dertig op de krach volgde, had dan ook dezelfde oorzaak als de huidige: de overheersing van de kaste van handelaren.

Als schuldigen van de crisis van de jaren dertig moesten de handelaren na 1945 een stap terugdoen. Oost-Europa werd communistisch en in West-Europa en de VS ontstonden, onder leiding van ‘wijze’ technocraten, verzorgingsstaten met een grotere inkomensgelijkheid. Het financiële akkoord van Bretton Woods uit 1944 reguleerde met onder meer vaste wisselkoersen de internationale kapitaalstromen. Al eerder waren banken onder scherp toezicht gesteld.

Het lukt Priestland niet om de loop van de geschiedenis helemaal te verklaren aan de hand van de strijd tussen de drie kasten. Zo maakt hij al vroeg melding van boeren die lang het grootste deel van de wereldbevolking uitmaakten. In de 19de eeuw komen daar arbeiders bij. Die verenigden zich in vakbonden en politieke partijen en werden zo een macht waarmee de oude kasten rekening moesten houden.

De crisis van de verzorgingsstaat in de jaren zeventig kan hij alleen verklaren door jongeren en bohémienachtige ‘creatievelingen’ als groep te introduceren. Die deden met hun verzet in de jaren zestig tegen de technocratische bestuurders van de verzorgingsstaten het voorwerk voor de latere neoliberale ideologen en politici. Door de uitbreiding met allerlei groepen krijgt Priestlands driekastenmotor van de geschiedenis, net als het marxisme, iets van een theorie die altijd wel kloppend is te krijgen. Als het driekastenmodel tekortschiet, tovert hij nieuwe bevolkingsgroepen uit zijn hoge hoed die van doorslaggevend belang voor de loop van de geschiedenis blijken te zijn.

Desondanks biedt Merchant, Soldier, Sage een brede en erudiete analyse van de huidige financiële crisis. En daar laat Priestland het niet bij. Hij is niet een historicus die alleen maar achteruitkijkt, maar doet ook aanbevelingen die uit zijn betoog volgen. De belangrijkste hiervan is dat de kaste van de handelaren hoognodig moet worden beteugeld. De deregulering van het internationale financiële verkeer moet gedeeltelijk worden teruggedraaid en banken moeten onder een verscherpt toezicht van de overheid worden geplaatst. Hij vindt het ook hoog tijd voor eerherstel van de verzorgingsstaat en een nieuwe herverdeling van inkomens.

Veel illusies dat dit ook allemaal gaat gebeuren, maakt Priestland zich niet. Het neoliberale geloof is in de afgelopen dertig jaar zo diep geworteld dat de meeste politici vier jaar na het begin van de crisis nog altijd geen alternatief voor de markt zien. Ze hebben niets van de geschiedenis geleerd, stelt hij somber vast: hun antwoord op de crisis is meestal ‘nog meer markt’ en ze vinden nog steeds dat voor alles de macht van de overheid moet worden bestreden. Het ziet er voorlopig dan ook niet naar uit dat de kaste van handelaren haar macht moet delen. Grappig genoeg is het zo bezien nog maar de vraag of 2008 leidt tot een sociaal-economische aardverschuiving en inderdaad thuishoort in het rijtje 1917, 1929, 1945, 1968 en 1989.

Ga voor meer informatie naar maandvande geschiedenis.nl

David Priestland: Merchant, Soldier, Sage. A New History of Power. Allen Lane, 331 blz. € 29,90