NAC viert eeuwfeest met zege op AZ

NAC heeft die typische kenmerken van een cultclub: een rijke geschiedenis met weinig succes. Maar als NAC thuis speelt – voorheen aan de Beatrixstraat, nu in het Rat Verleghstadion – is het altijd gezellig, zelfs als daar geen sportieve aanleiding voor is. En als NAC weer eens wint, verhoogt dat onmiddellijk de feestvreugde, zoals gistermiddag tegen AZ. Met een hartverwarmende inzet en een 2-1 overwinning zette NAC zijn honderdste verjaardag extra luister bij.

NAC is een bijzondere club, en dat is hij. Vanwege de sfeer voor, tijdens en na wedstrijden. Een wedstrijd van NAC is een feestelijke voetbalmis die altijd rijkelijk wordt besprenkeld met bier. Zo ging dat aan de Beatrixstraat, toen een ‘Avondje NAC’ het voorportaal van de Bredase kroegen was, en zo gaat het tegenwoordig buiten en binnen de met grandeur ingerichte skyboxen.

Hoewel de enige landstitel uit 1921 stamt, heeft NAC altijd goede voetballers voortgebracht. Rat Verlegh natuurlijk, de speler naar wie het stadion is vernoemd, maar ook grote namen als Daan Schrijvers, Kees Rijvers, Kees Kuijs, Leo Canjels, Frans Bouwmeester, Nico Rijnders, Ad Brouwers, Bertus Quaars, Martin Vreijssen, Ton Lokhoff en niet te vergeten de legendarische (en bebrilde) doelman Peter van der Merwe.

NAC heeft ook een geschiedenis van rode cijfers. De club stond enkele keren op de rand van een financiële afgrond. Maar ook typisch NAC: het sterfhuis wordt steeds keurig gemeden. Altijd is er wel weer een bron waaruit op de valreep geld voortkomt. Het gevolg van een wiebelbeleid is dat bestuurders gaan en komen, evenals directieleden. De laatste die sneuvelde was directeur Theo Mommers in 2011.

Het stadion is ook zoiets: in 1996 in gebruik genomen, kosten 29 miljoen gulden. Dit bedrag zou NAC opbreken. Nadat de club opnieuw in geldproblemen was gekomen werd het stadion in 2003, à raison van 30 miljoen euro, gekocht door de gemeente Breda. NAC werd van eigenaar huurder. Een degradatie, maar wel een die de club er weer bovenop hielp.

NAC zou NAC niet zijn als het jubileumfeest gisteren werd ontsierd door een incident. Anthony Lurling, een echte clubspeler, was boos op trainer John Karelse. Die had hem gepasseerd, omdat Lurling geblesseerd zou zijn. Volgens de speler, die zichzelf topfit verklaarde, „een lulverhaal”.

Bij NAC blijft het altijd onrustig. Zelfs na 100 jaar.