Na kwaliteitsgebrek nu ook tekort aan mentaliteit

Veel trainers klaagden over de gebrekkige inzet. „Het verschil tussen goed en slecht spelen is zo klein. Hard werken is het belangrijkste.”

Het is een jaarlijkse aderlating voor de eredivisie, als de buitenlandse topclubs klaar zijn met hun zomerse strooptocht over de Nederlandse velden. Afgelopen zomer werd de vaderlandse voetbaltop weer beroofd van een heel bataljon smaakmakers: Luuk de Jong, Ola John, Jan Vertonghen, Karim El Ahmadi, Bas Dost, Oussama Assaidi, John Guidetti, Rasmus Elm, om er een paar te noemen. Dat het niveau er in Nederland niet beter op vooruitgaat, werd al duidelijk toen Feyenoord, AZ en Heerenveen niet eens de voorronden van de Europa League overleefden. Afgelopen week liet zien dat het voor Ajax (Champions League), FC Twente en PSV (beide Europa League) nog zwaar genoeg zal worden ‘Europees te overwinteren’.

Het constante weglekken van de beste spelers leverde de afgelopen jaren vaak spektakel op in de eredivisie, met kolderieke, onvoorspelbare wedstrijden, en verrassende kampioenen. Maar dat gebrek aan topkwaliteit maakt het des te opmerkelijker dat veel trainers zich de afgelopen weken moesten druk maken over de mentaliteit van hun spelers. Wie niet kan rekenen op een diepe vijver aan toptalent kan op zijn minst verwachten dat de spelers hun werk naar behoren uitvoeren, was de boodschap die Gertjan Verbeek (AZ), Frank de Boer (Ajax) en Dick Advocaat (PSV) lieten horen. Of, zoals Johan Cruijff ooit zei: „Het verschil tussen goed en slecht spelen is zo klein. Het belangrijkste is hard werken.”

De Boer was gisteren laaiend, in de rust van het beladen uitduel tegen ADO Den Haag, waar Ajax weer puntverlies leed. „Ik heb vanmorgen heel weinig op het bord gezet”, zei De Boer. „Eigenlijk alleen gezegd dat het vandaag om mentaliteit gaat. We moeten er hier vanaf de eerste seconde klaar voor zijn. Dat waren we niet. Die mentaliteit zat niet in de voetbaltas, zoals Leo Beenhakker dat vroeger altijd zei. Pas na een uur toonden we dezelfde agressiviteit als ADO. Dan zie je dat we beter zijn. Hopelijk hebben we hier nu eindelijk eens van geleerd. Want woensdag spelen we voor de beker bij FC Utrecht. Dan krijgen we weer zo’n wedstrijd.”

Met het derde gelijkspel deze competitie liep de achterstand van de landskampioen op koploper FC Twente tot zes punten op. Ook al weet De Boer dat Ajax de laatste twee titels haalde na een enorme inhaalrace in het voorjaar, zijn ploeg laat het vaker afweten tegen straatvechtersploegen als ADO Den Haag en FC Utrecht. Dat het een keer niet loopt kan gebeuren, maar voor een coach is niets frustrerender dan een ploeg die denkt dat het allemaal vanzelf gaat.

Het overkwam gisteren ook AZ, dat, ondanks zijn technische superioriteit in Breda met 2-1 verloor bij NAC, nadat er een helft lang niets aan de hand was. „Waarschijnlijk was de focus niet goed genoeg”, dacht Maarten Martens. En Nick Viergever: „We worden afgetroefd op agressiviteit. We hebben over ons heen laten lopen.” Ook AZ-trainer Verbeek had het niet meer in de hand gehad. „Te slap”, luidde zijn oordeel. Het begint bij de instelling: „Dat is altijd zo”, zei hij tegen de NOS. „De tegenstander is agressiever. We beginnen met de verkeerde instelling aan de tweede helft. Dan overkomt het je. Je hebt van die wedstrijden waarin je op basis van instelling wordt afgetroefd .”

De selectie van PSV heeft al jaren een mentaliteitsprobleem, wat onacceptabel is voor een club waarin tientallen miljoenen euro’s omgaan. De spelers van coach Advocaat, eerder onder de hoede van zijn vaak beschimpte voorganger Fred Rutten, zijn nauwelijks vooruit te branden in uitwedstrijden waarin het mes op tafel moet. Een week geleden, toen FC Utrecht de mouwen had opgestroopt in de Galgenwaard, leverde PSV een collectieve wanprestatie. „Het kan niet zo zijn dat de tegenstander het elke keer op instelling van je wint”, foeterde Advocaat, die zijn ploeg ook al had zien verliezen bij RKC Waalwijk. In de midweekse ontmoeting voor de Europa League in het Oekraïense Dnjepropetrovsk overkwam het PSV nog maar eens. In de gemoedelijke eigen omgeving willen de spelers wel vlammen, zoals gisteren tegen het kwaliteitsarme Feyenoord.

Tot nu toe weet alleen FC Twente zich te onttrekken aan de malaise die heerst bij de traditionele topclubs. De ploeg van trainer Steve McClaren dankt dat mede aan een tamelijk eenvoudig programma. Maar de landskampioen van 2010 levert wel altijd strijd. Misschien is Luc Castaignos het beste voorbeeld. De jonge Rotterdamse spits beleefde, voorzichtig uitgedrukt, een moeizame week waarin hij tal van kansen om zeep hielp, maar hij kon gisteren aan het slot van de met 1-0 gewonnen wedstrijd tegen Heerenveen niet meer op zijn benen staan van vermoeidheid. FC Twente heeft met de maximale score uit zes wedstrijden al een straatlengte voorsprong op Ajax (6 punten), PSV (6), Feyenoord (8) en AZ (10). De seizoensstart betekent zelfs een evenaring van het clubrecord uit 1968-’69. Uitgerekend bij Ajax kan FC Twente zaterdag dat record verbeteren. Maar voor een topwedstrijd zal de ploeg van De Boer zich ongetwijfeld wel kunnen opladen.