'Kutbio' draait de klok jaren terug

Alsof de Fifty Shades-trilogie alleen nog niet genoeg is, komt Naomi Wolf met een hysterische lofzang op de vagina.

Recensent Boeken

‘Kut ruikt lekker’, luidde een cover van Opzij in 1974. Hedy d’Ancona, de latere staatssecretaris en minister en een van de oprichters van het feministische maandblad, kan bijna veertig jaar later nog met een mengeling van gêne en zelfspot vertellen hoe ze het ‘kutblad’ onder de neus van potentiële abonnees duwde. Natuurlijk werkte het niet, evenmin als Germaine Greers slogan ‘Kut is prachtig’ van een paar jaar eerder. Hoe vrouwen ook werd voorgehouden dat ze van hun geslachtsorgaan moesten houden om gelukkig te worden, een heuse ‘kut-is-mooi-beweging’ (door Gerrit Komrij ‘onwelriekende gleuvenbrigade’ genoemd) kwam niet van de grond.

Maar misschien is de tijd daar nu wel rijp voor. Na het wereldwijde succes van de Vagina Monologen en de huidige hype rond E.L. James’ Shades of Grey-trilogie heeft de Amerikaanse feministe Naomi Wolf een gat in de markt ontdekt. Het woord kut (cunt) mogen we voor dat gat niet meer gebruiken, we moeten vagina zeggen of ‘Godin’, zo dicteert Wolf in Vagina. A New Biography. Wie nog nooit iets van of over deze trendgevoelige schrijfster heeft gelezen, zou kunnen denken dat deze allerminst ‘nieuwe’ lofzang op het vrouwelijk geslachtsorgaan een parodie is. Alles wat niet belachelijk maar bevrijdend was aan het feminisme van de jaren zeventig wordt er op een semiwetenschappelijke toon in bestreden.

Wolf vecht een vorige oorlog uit. Vrouwen die geen vaginaal orgasme krijgen (volgens vele onderzoeken de overgrote meerderheid), geen g-spot ontdekken en alleen klaarkomen door stimulatie van de clitoris, houden niet genoeg van hun Godin. Dergelijke beweringen, gebaseerd op eigen ervaringen, want Vagina is uiteraard ook een sappige memoir, maken van deze ‘kutbiografie’ een traditioneel anti-feministisch boek. Een clitoraal orgasme is volgens Wolf niet optimaal en wie dat ontkent liegt of is dom.

Misschien dat deze misleidende voorlichting de reden is dat deze hysterische ode aan de flamoes in de Angelsaksische pers zo uitvoerig wordt besproken. Tegengesproken, welteverstaan. Vrijwel alle recensenten nemen flink de ruimte om hun lezers te waarschuwen Wolfs inzichten vooral niet serieus te nemen. The New York Review of Books, The New Yorker, The Guardian en andere zichzelf respecterende bladen maken Wolf compleet belachelijk. Dat is niet zo moeilijk, maar de interessante vraag is waarom een feministe dergelijke ‘lulkoek’ de wereld inzendt. Want we mogen ons dan ooit kapotgelachen hebben om de cover van Opzij en om Germaine Greer die in Suck Magazine vrouwen opriep om een foto van hun vagina op te sturen of ‘langs te komen met je kut, dan krijg je er een kusje op’, die acties van de gleuvenbrigade dienden wel een doel: het uit de taboezone halen van vrouwelijke lust en promiscuïteit.

Naomi Wolf is duidelijk van een andere school dan de op seksuele bevrijding gerichte tweede-golffeministen. Al in The Beauty Myth, de bestseller waarmee ze in 1991 op 29-jarige leeftijd wereldfaam verwierf, herkauwde ze de theorie van feministe Susan Brownmiller dat vrouwen in patriarchale samenlevingen tot (lust)object worden gereduceerd. In de gevulgariseerde versie van deze opvatting is vrijwel iedere uiting van seksuele lust pornografisch en leven wij in een ‘geseksualiseerde samenleving’. Het zal fans van The Beauty Myth dan ook pijnlijk treffen dat Naomi Wolf in Vagina zo plastisch haar vaginale orgasmes beschrijft in de periode voordat ze getroffen werd door een ‘medische crisis’.

Maar deze koersverandering is schijn. Evenals haar omstreden boek Promiscuities: The Secret Struggle for Womanhood (1998) en de door Wolf zeer geprezen Grey-trilogie van E.L. James is Vagina een erg braaf boek. De strekking ervan luidt dat ultieme seksuele bevrediging voor vrouwen slechts bereikt kan worden met een vaste, dienstbare partner die van hen houdt en hun vagina als een Godin aanbidt. Wat ouderwets. Kennelijk is Wolf zelf nog altijd niet zo bevrijd dat ze haar dictaten kan binnenhouden en eenieder het hare kan laten. Maar zonder dictaten wellicht geen boek.

Naomi Wolf was tot 2005 getrouwd met de Amerikaanse journalist David Shipley, met wie ze twee kinderen heeft. Uit Vagina blijkt dat ze twee jaar na haar scheiding een relatie kreeg met een man die haar ‘grote emotionele en fysieke vreugde’ gaf. Totdat het in 2009 – ze is 46 – misging omdat ze geen vaginale orgasmes meer kreeg. Ze stortte in een depressie. ‘Ik voelde dat ik op een of andere manier bezig was datgene te verliezen wat me tot vrouw maakte en dat ik niet kon aanvaarden daarmee voor de rest van mijn leven genoegen te moeten nemen.’

Dus op naar de gynaecoloog die haar doorverwees naar een specialist in het zenuwstelsel van het bekken. De bekkenzenuw van Wolf zat beklemd, waardoor ze geen vaginale orgasmes meer kreeg, maar na een succesvolle operatie lukt dat nu wel weer. Uit dankbaarheid schreef ze Vagina. Tijdens haar medische onderzoeken kreeg ze te horen hoe belangrijk de zenuwen van het bekken zijn voor seksueel genot en welk verband er bestaat tussen optimale orgasmen en hersenen. Een orgasme maakt dopamines vrij, verhoogt de creativiteit en de intellectuele prestaties en is te vergelijken met de staat van verlichting die mystici kunnen bereiken.

Van haar arts hoorde Wolf dat bij sommige vrouwen de zenuwen zich meer in de vagina vertakken, bij andere meer in de clitoris. Daarop viel ze van verbazing bijna van de onderzoekstafel. ‘Dat was dus de verklaring voor vaginale versus clitorale orgasmen? De loop van de zenuwbanen? Niet cultuur, niet opvoeding, niet het patriarchaat, niet het feminisme, niet Freud? […] Ik had nooit gelezen dat de beste manier om een orgasme te bereiken, als vrouw, voornamelijk afhangt van basale neurologische bedrading.’ Deze medisch-biologische vaststelling brengt de verbaasde Wolf terug naar prefreudiaanse en prefeministische tijden. In de 19de eeuw was vrouwelijke seksualiteit alleen bespreekbaar in termen van biologische mechaniek, aangelengd met een scheut religie en mystiek. En zo is het voor haar nog steeds.

Wat ik meestal kan waarderen in Wolfs boeken zijn haar uitstapjes naar de literatuur, waaronder nu dus niet alleen Shakespeare, de gezusters Brönte, Virginia Woolf en andere klassieken, maar ook E.L. James. Logisch dat Wolf bewondering voor Fifty Shades aan de dag legt. De manlijke held Christian Grey doet daarin immers niets liever dan zijn geliefde orgasmen bezorgen door haar heilige graal, haar Godin, op alle denkbare manieren te dienen. Toch loopt Wolf een beetje achter op de huidige trend van vrouwelijke softporno, waarin vrijgevochten twintigers er lustig op los neuken zonder zich ook maar een moment druk te maken over de manier waarop ze aan hun gerief komen. Áls ze maar komen, liefst tientallen keren per dag: onder de douche, tijdens het ontbijt, in de lift van het kantoor, op het bureau van de baas, in de limousine op weg naar het societybal, op de wc, waar dan ook.

De recente Amerikaanse bestseller Bared to You van Sylvia Day, net in vertaling verschenen onder de titel Verslaafd aan jou, heeft Wolf niet meer in haar beschouwingen kunnen betrekken. Spijtig, want hoewel dit eerste deel van een trilogie bijna letterlijk de verhaallijn volgt van Fifty Shades of Grey, zit het intelligenter in elkaar en is het veel beter geschreven. Zo goed, dat je van de seksscènes opgewonden kunt raken zonder, zoals bij James’ proza, te worden afgeleid door het bizar krakkemikkige taalgebruik.

Jammer dat de Nederlandse vertaling van Bared to You matig is (‘Het zou onverdraagzaam voor me zijn als hij met een ander naar bed ging’), maar de ‘boodschap’ komt goed over: een lofzang op de seksuele bevrijding van vrouwen, zoals gepropageerd tijdens de tweede feministische golf. Hoofdpersoon Eva Tramell wordt uitverkoren door Gideon Cross, de rijkste en aantrekkelijkste vrijgezel van Manhattan. Ze hebben zes uur seks per dag. Voor zijn geld hoeft Eva dat niet te doen, want ze is zelf miljonair met een goede baan en een mooi huis. Ze is gewoon gek op haar ‘seksgod’ .

Nogal komisch zijn de feministische traktaatjes waarmee de hitsige passages doorspekt zijn. Na een gloedvol beschreven befscène, staat er ineens: ‘Hij genoot met volle teugen van me, maar er sijpelde ook respect door.’ Of, na een heftig orgasme van Gideon, waarbij zij niet is klaargekomen: ‘Ik weet dat je behoefte hebt aan gelijkwaardige uitwisseling’, zei hij streng. ‘Ik kan je niet laten gaan als je het gevoel hebt dat ik je heb gebruikt.’ Er gaat dan ‘een wrange tederheid’ door Eva heen. ‘Hij had naar me geluisterd. Het kon hem echt schelen.’

Net als Wolf val ik van de bank bij dit soort teksten, niet van verbazing maar van het lachen. Geweldig hoe Day het al te serieuze jaren zeventig-feminisme omzet in kleffe teksten van een geilaard om voor elkaar te krijgen wat geilaards door de eeuwen heen altijd voor elkaar hebben gekregen. Verslaafd aan jou is een humoristisch boek dankzij de hyperbolen en grappige omdraaiingen, zoals ook het eerste deel van James’ trilogie parodistische trekken heeft.

Humor is in Naomi Wolfs Vagina niet te vinden. In het hoofdstuk ‘The worst word there is’ vertelt ze dat een vriend een feestje organiseerde om te vieren dat ze een uitgever had gevonden voor haar vagina-bio. Alle gasten kregen de opdracht van pastadeeg een vagina te maken. Iedereen had erg zijn best gedaan en Naomi was ontroerd. Totdat de gastheer zei: ‘ik noem dit cuntini’. Wolf kreeg ter plekke een hartverzakking en leed na de cuntini-party zes maanden aan een writer’s block. Hoe zou cuntini in Nederlandse vertaling heten? Ik opteer voor spakuttie of kutteroni, maar we hebben natuurlijk een traditioneel Hollands gerecht dat de lading van dit boek veel beter dekt: kut met peren.

Naomi Wolf: Vagina. A New Biography. Virago, 400 blz. €19,99

Sylvia Day: Verslaafd aan jou. Crossfire 1. Vert. Marike Groot en Ineke de Groot. Bruna, 320 blz. € 15,-