Engeland moet begroting aanpassen

Mervyn King heeft het opnieuw gedaan. De gouverneur van de Bank of England (BoE) had het bezuinigingsbeleid van de Britse regering aanvankelijk té expliciet gesteund, en helpt haar nu zich te excuseren voor het missen van haar begrotingsdoelen. Dat valt buiten het bestek van zijn mandaat, maar minister George Osborne van Financiën, zou er goed aan doen te profiteren van Kings goedkeuring. De geringe mondiale groei zou Engeland moeten aansporen zijn doelen te wijzigen in plaats van zijn begrotingsbeleid verder te verscherpen.

De loslippigheid van de gouverneur is onwenselijk, omdat de BoE onpartijdigheid moet uitstralen. Het begrotingsbeleid gaat over politieke keuzes. De oppositie denkt dat de coalitie de verkeerde keuzes heeft gemaakt. De cijfers lijken die stelling te bevestigen: het doel van de regering voor 2012/ 2013 was het tekort met 4,6 procent terug te brengen. In de eerste vijf maanden van het begrotingsjaar is het tekort echter, exclusief de overdracht van de pensioenverplichtingen van Royal Mail, met 21,8 procent gestegen.

Merkwaardig genoeg betekent dit niet dat de regering de begrotingsregels zal schenden. Het eerste voorschrift is dat de begroting aan het eind van de periode van vijf jaar „in relatie tot de conjunctuur” in evenwicht moet zijn. Het conjuncturele element in deze formule biedt de nodige ruimte voor aanpassingen.

Het tweede voorschrift is dat de staatsschuld in verhouding tot het bruto binnenlands product (bbp) in 2015/2016 moet zijn gedaald. Die vaste datum is onhandig, maar gelukkig specificeert de regel het vereiste schuldenniveau niet. Zelfs als de schuld hoger uitvalt, kan zij als percentage van het bbp toch dalen. Maar belangrijker is dat een realist ervan moet uitgaan dat de staatsschuld hoger zal uitkomen dan de momenteel voorspelde piek van 76,3 procent van het bbp in 2014/2015.

Het doorvoeren van extra bezuinigingen en belastingverhogingen om aan de doelstellingen te voldoen zal er beslist voor zorgen dat het voorzichtig ontluikende herstel in Engeland teniet wordt gedaan, met als gevolg lage groei en tegenvallende belastinginkomsten.

De ingewikkelde werkelijkheid is dat zowel de eurocrisis als de bezuinigingen de groei hebben geremd. Bezuinigingen blijven cruciaal, maar de dreun van de recessie in de eurozone zou de regering ervan moeten weerhouden ze op te voeren. In plaats daarvan zouden enige stimuleringsmaatregelen verstandig kunnen zijn – zelfs als dat betekent dat het begrotingstekort op korte termijn oploopt.

Doelstellingen zorgen voor discipline en zijn belangrijk. Maar het zou fout zijn je blind te staren op middellangetermijndoelstellingen en de huidige wanorde in de eurozone te negeren.

Vertaling Menno Grootveld