Opinie

Documentaire over stijl Stedelijk het leerzaamst

Jeremy Baker (l) als directeur Ann Goldstein in ‘Koefnoen’ (AVRO).
Jeremy Baker (l) als directeur Ann Goldstein in ‘Koefnoen’ (AVRO).

Ann Goldstein, de Amerikaanse directeur van het Stedelijk Museum in Amsterdam, kreeg wel eens het verwijt dat ze te weinig zichtbaar was in de media. In dit weekeinde van de heropening bereikte ze echter de hoogst bereikbare status: een parodie in Koefnoen (AVRO).

Geïmiteerd door Jeremy Baker blijkt Goldstein stiekem heel goed Nederlands te verstaan en spreken, zodat ze de fictieve Simboldt Bietenbrug (Paul Groot) en Kees Wokhuis (Owen Schumacher) van het afgewezen architectenbureau Translucent op hun nummer kan zetten, als die haar achter haar rug om beschimpen. Uiteraard deugt er volgens de snobs niets van het ontwerp, waarin „de semipublieke ruimte vergeefs een dialoog aangaat met urban space.”

Het zijn ongeveer de meest kritische woorden die de AVRO op deze feestdag wijdt aan het Stedelijk. In het verslag van de openingsactiviteiten (AVRO/NOS) herken je de aanwezige kwaliteit, ook in de muzikale intermezzi van zulke uiteenlopende artiesten als het Matangi Kwartet, Wende en de Jeugd van Tegenwoordig. Het is allemaal zo veel en zo kort gemonteerd dat het een beetje amechtig wordt.

Gerenommeerde kunstenaars als Marlene Dumas, Richard Serra en Jan Dibbets willen geen kwaad woord horen over de veranderende condities waaronder het Stedelijk moet opereren. En ook daarna, in de talkshow Opium TV weerklinkt vooral het hosanna. Alleen choreograaf Hans van Manen is iets te eigenzinnig om de deuren in te trappen die Cornald Maas voor hem openhoudt: waarom zou je balletten in een museum uitvoeren, daar zijn toch theaters voor?

Het meest informatieve en spannende programma over het Stedelijk was op zaterdagmiddag bij de AVRO te zien in de documentairerubriek Close-Up. Veel van de bespiegelingen over het Stedelijk gaan over het roemruchte verleden. Ook in De stijl van het Stedelijk lijkt dat aanvankelijk het referentiekader. De grafische vormgeving en de affiches van Sandberg en Crouwel waren immers essentieel in de communicatie van het Stedelijk als motor van moderniteit.

Maar regisseur Lex Reitsma volgde vooral vier jaar de weg naar de keuze van een nieuwe huisstijl en maakt aan de hand van dat ene aspect goed duidelijk wat er nu speelt. Goldsteins voorganger Gijs van Tuyl had een internationale pitch uitgeschreven, gewonnen door een tamelijk ongewoon voorstel van Pierre di Sciullo.

Vrij snel na haar aantreden brak Goldstein met Di Sciullo en ging in zee met een veel simpeler aanpak van Armand Mevis en Linda van Deursen. Als je goed kijkt, zie je in de beelden van Reitsma aanwijzingen dat het niet gaat om een gril van de nieuwe machthebber. Veel van Van Tuyls medewerkers zagen het niet zitten en grepen nu wellicht hun kans. Heel leerzaam.