'Olieprijzen zijn structureel te hoog'

Saoedie-Arabië verhoogt de olieproductie. Het gevolg: de prijzen dalen. De Amerikaanse president Obama is, voor de verkiezingen, opgelucht.

Je klanten te vriend houden. Dat moet de drijfveer geweest zijn van de Saoedische olieminister toen hij de afgelopen dagen bekend liet maken dat hij bereid is de olieproductie te verhogen. Olie-importerende landen keken er al een tijd naar uit. Een ingreep van het grootste OPEC-land zou de almaar stijgende olieprijzen vast weer kunnen laten zakken.

Vorige week waren die prijzen een aantal psychologische grenzen genaderd of zelfs gepasseerd: een vat Brent kwam in de buurt van 120 dollar, de Amerikaanse WTI-olie piekte even boven de 100 dollar. De meest psychologische grens van allemaal was de prijs die Amerikanen aan de benzinepomp betaalden: 3,87 dollar per gallon (3,8 liter). In het voorjaar was datzelfde niveau reden tot grote ongerustheid over de koopkracht van Amerikanen en het herstel van de economie.

De Saoedische aankondiging lijkt te werken: sinds maandag is de prijs van een vat Brent-olie gedaald tot 108 dollar vanmorgen. In de VS eindigde de prijs gisteren op 91,98 dollar, een daling van 7 procent sinds het begin van de week.

Eén klant zal in het bijzonder zijn gerustgesteld: de Amerikaanse president Obama. Zo kort voor de verkiezingen was de verleiding groot om een deel van de strategische oliereserves op de markt te brengen en zo de benzineprijs te drukken. Maar die reserves zijn uitsluitend voor echte noodgevallen en zijn tot nu toe alleen aangeroerd tijdens de Golfoorlog en na orkaan Katrina. De afgelopen weken waren voor beleggers als een spelletje doet-‘ie het of doet-‘ie het niet. Met de prijsdaling van deze week is de kans dat de voorraden worden aangesproken flink afgenomen, maar het Witte Huis „houdt alle opties open”, zei een woordvoerder gisteren.

Dinsdag had de woordvoerder dezelfde boodschap naar buiten gebracht, nadat de olieprijs maandag aan het einde van de handelsdag binnen een half uur met 4 dollar was gedaald. Niemand heeft een echte verklaring voor deze mysterieuze ‘flashcrash’. Waren het de aanhoudende geruchten over inzet van de reserves? Handel met voorkennis over de Saoedische productieverhoging? Het blijft vooralsnog onopgehelderd.

Waarschijnlijk is het niet zo vreemd dat de regering-Obama voorlopig alle opties openhoudt, aangezien er de laatste weken ook allerlei prijsopdrijvende factoren zijn geweest. De aankondiging van de Europese Centrale Bank, begin deze maand, om onbeperkt obligaties van Europese probleemlanden op te kopen leidde tot hoop dat de economie wereldwijd zou aantrekken en de vraag naar olie zou toenemen. Datzelfde gebeurde vorige week toen het Amerikaanse stelsel van centrale banken besloot om voor onbepaalde tijd 40 miljard dollar per maand uit te trekken voor het opkopen van hypotheekobligaties.

Gisteren deed Japan hier een schepje bovenop. De Bank van Japan maakte bekend zijn opkoopfonds met 10.000 miljard yen (98 miljard euro) te verruimen. Doel is de yen in waarde te laten zakken zo Japanse exportproducten aantrekkelijker te maken.

De lichte stijging die het Japanse nieuws op de oliemarkten teweeg bracht werd gisteren echter ruimschoots teniet gedaan door de Saoedische voornemens, zegt Hans van Cleef, sectoreconoom economie bij ABN Amro. „Het effect was minimaal.” Hij voorspelt dat de olieprijzen de komende weken verder zullen zakken.

Beleggers hadden een groot deel van de Amerikaanse ‘kwantitatieve verruiming’ al ingeboekt, zegt hij. „Dat ze nu verkopen betekent dat ze hun winst nemen.” Een andere mogelijke prijsdemper is volgens Van Cleef de Amerikaanse fiscal cliff (‘budgettaire afgrond’) die nog boven de markt hangt. Als het Congres er voor het einde van het jaar niet in slaagt een compromis te vinden om de staatsschuld terug te dringen, treedt er per 1 januari een aantal bezuinigingen in werking. Dat zou de economische groei kunnen schaden en de vraag naar olie doen afnemen.

Of de berichten van de afgelopen dagen goed nieuws zijn voor Nederlandse automobilisten is nog de vraag, zegt Paul van Selms van het consumentenplatform United Consumers. „Als je de daling van de laatste dagen bekijkt verwacht je een daling van de prijs aan de pomp. Maar de olieprijzen zijn structureel hoog. Je kunt eigenlijk geen zinnig woord zeggen over de toekomstige benzineprijs. Het is hoe dan ook afwachten of de Saoedi’s de productie daadwerkelijk verhogen.” Van Selms denkt niet dat we dit jaar nog 2 euro gaan betalen aan de pomp. „Dat is een wel heel psychologische grens.”