Geliefd om haar laconieke toon

Door toneel en televisie werd Kitty Janssen een van de populairste actrices van het land.

AndrŽ van den HEUVEL (1927),acteur,beeldhouwer met zijn vrouw, de actrice Kitty JANSSEN. foto VINCENT MENTZEL/NRCH==F/C==Amsterdam, 12 juni 2007
AndrŽ van den HEUVEL (1927),acteur,beeldhouwer met zijn vrouw, de actrice Kitty JANSSEN. foto VINCENT MENTZEL/NRCH==F/C==Amsterdam, 12 juni 2007 ©Vincent Mentzel 2007

„Haar entree in de schijnwerpers wekt grote verwachtingen”, oordeelde het Algemeen Handelsblad in 1951, toen Kitty Janssen haar toneeldebuut maakte bij de Nederlandse Comedie, het eerbiedwaardigste toneelgezelschap uit die tijd. Daarna volgde een carrière die vele tientallen toneel- en tv-rollen omvatte en meer dan veertig jaar heeft geduurd. Decennia lang was ze door haar veelvuldige televisiewerk een van de bekendste en populairste actrices van het land. Gisteren is ze overleden, 82 jaar oud.

Kitty Janssen werd aanvankelijk vooral bekend door kittige jongemeisjesrollen in het lichtere repertoire, dat destijds ook door de grote gezelschappen werd gespeeld, ter afwisseling van het zwaardere werk. Met veel raffinement suggereerde ze de schijn van argeloze onschuld in komedies van schrijvers als Feydeau, Roussin en Moliére. Allengs groeide ze uit tot een actrice wier laconieke toon een hoge mate van geloofwaardigheid opriep. Dat maakte haar ook bij uitstek geschikt voor een naturelmedium als de televisie.

Kitty Janssen werkte achttien jaar lang in vaste dienst bij de Nederlandse Comedie en vier jaar bij de zuidelijke toneelgroep Globe. Daarna, vanaf 1972, vormde ze samen met haar (tweede) echtgenoot André van den Heuvel de directie van Katrijn Theaterprodukties dat elk jaar een eigen voorstelling uitbracht waarin ze vaak zelf de hoofdrollen speelden. Hun eerste productie was een alom bejubelde herneming van het baanbrekende Wie is bang voor Virginia Woolf?, waarin Kitty Janssen haar grote aanhang verbaasde – en zelfs schokte – door als een liederlijk verloederde Martha ver buiten haar oevers te treden. Deze krant prees hun „zeer zorgvuldig uitgebalanceerd spel, dat zeer diep doordringt tot het punt waar spelletjes geen grapjes meer zijn”. In de latere Katrijn-jaren zagen ze zich, om publiek te blijven trekken, ook wel eens genoodzaakt een stuk van minder allooi te kiezen, en daardoor onder hun eigen niveau te werken. Tot halverwege de jaren tachtig bleven ze als vrije producenten actief.

Nog in 1995 vertolkte Kitty Janssen een omarolletje in de tv-comedy M’n dochter en ik. Een van haar tegenspelers was de acteur Dick van den Toorn, haar zoon uit haar eerste huwelijk. Daarna was Kitty Janssen niet meer aan het werk te zien.