Bellen met een schoon geweten

De miljardenwinsten van Apple en Samsung roepen een tegenreactie op: de Nederlandse FairPhone moet eerlijk geproduceerd worden. En hij komt er. Over anderhalf jaar is de schone smartphone te koop. Echt.

„Nee joh, ik heb helemaal geen telefoon. Ik raak die dingen toch altijd kwijt.”

Zelf is Bas van Abel, drijvende kracht achter de FairPhone, in ieder geval eerlijk. De afgelopen twee jaar probeerde hij de wereld warm te maken voor een duurzame smartphone die milieu en mens zoveel mogelijk spaart. Tot nu toe was de FairPhone een idee op papier. Maar deze week, op het Amsterdamse media- en technologiefestival Picnic, vertelde Van Abel dat het toestel over anderhalf jaar op de markt verschijnt tussen de 200 en 250 euro gaat kosten.

Bas van Abel steekt er zijn hand voor in het vuur: die FairPhone komt er echt. Er is een bedrijf in de maak, de FairPhone-startup heeft een Londense huisvesting, er is steun van grote providers (Vodafone en KPN). Nu alleen nog een sexy toestel „en een Bono of George Clooney die er straks mee rond wil lopen.” Want uiteindelijk moeten er gewoon telefoons verkocht worden.

FairPhone vraagt aandacht voor de manier waarop grote technologiebedrijven als Apple en Samsung miljardenwinst maken. Dat gaat vaak ten koste van eerdere schakels in het productieproces. Smartphones, waarvan er dit jaar 400 miljoen verkocht worden, zijn grootverbruikers van tin, kobalt en schaarse edelmetalen. Die worden onder moeilijke omstandigheden gewonnen in landen als Congo – oorlogsgebied – Indonesië of China. Zowel de VS als Europa willen dat bedrijven eerlijker zijn over het gebruik van ‘conflictvrije mineralen’.

De telefoons worden in elkaar gezet in fabrieken waar de werkdruk te hoog is. Apple kreeg veel kritiek over de omstandigheden in de Foxconn-fabrieken, waar arbeiders de vraag naar iPhones en iPads amper bij kunnen benen. Van Abel: „Uiteindelijk trok Apple zich dat aan; er is nu veel verbeterd bij Foxconn.”

Maar er staat meer op zijn verlanglijstje. Zo moet een FairPhone makkelijk te recyclen en te repareren zijn. Juist op dit punt laat met name Apple het in zijn ogen afweten. In de nieuwste gadgets zijn onderdelen vastgesoldeerd of verlijmd, zodat je ze niet zelf kunt vervangen. Sterker nog: sommige gadgets zijn met goed fatsoen niet eens open te krijgen. Vandaar Van Abels slogan: „If you can’t open it, you don’t own it.”

Dat geldt ook voor de software. De besturingssystemen van smartphones willen alleen programma’s installeren die via de officiële winkel gedownload zijn. De FairPhone moet gebruik gaan maken van Firefox OS, ontworpen door de non-profit Mozilla-groep die ook de Firefox webbrowser maakt. Van Abel: „Ook al zitten we momenteel op de Google-campus in Londen, we gebruiken niet hun Android systeem. Maar als Google zou participeren in FairPhone kunnen we alsnog overschakelen op Android. We zijn pragmatisch: die telefoon moet zo snel mogelijk op de markt komen.”

FairPhone wil de goede bedoelingen van alle duurzame denkers bundelen in één tastbaar apparaat: de hackers die software kraken, de geeks die zelf hun telefoon willen bouwen, organisaties die recycling promoten of streven naar betere arbeidsomstandigheden in de assemblagehallen. Van Abel: „Genoeg mooie initiatieven, maar ze werken nog gescheiden van elkaar. FairPhone brengt alle disciplines samen.”

KPN heeft al toegezegd de Fair-Phone in zijn portfolio op te nemen en met Vodafone en T-mobile zijn ze in gesprek. Dat is een essentiële stap om afzet te garanderen en een lening los te peuteren bij een bank – er is 2,5 miljoen euro nodig. Tegelijkertijd druist het kortingsmodel dat providers hanteren in tegen de principes van FairPhone: een telefoon die je ‘voor nul euro’ krijgt bij een abonnement stimuleert noch het duurzame gebruik noch het waardebesef van de consument.

Maar, zegt Van Abel, „als we onderdeel worden van de industrie, moéten het wel via die regels spelen om het systeem van binnenuit te veranderen.  Op de lange termijn zouden we misschien niet met grote providers moeten samenwerken, op de korte termijn wel.” Eventuele investeerders in FairPhone hoeven de eerste vijf jaar niet op dividend te rekenen. „Als we eenmaal gaan cashen gaat een groot deel van de winst naar een stichting. Onze aandeelhouders weten in wat voor soort product ze investeren.”

De FairPhone moet de rest van de industrie „inspireren, niet beconcurreren”. Van Abel hoopt dat de elektronicabranche zal veranderen als de kledingindustrie. Bedrijven als Nike en Gap lagen onder vuur omdat ze goedkope arbeidskrachten uitbuitten en stelden hun beleid bij.

Maar hoe zal de Tony Chocoloney of Triodos onder de telefoons er uit zien? Van Abel – van huis uit ontwerper – weet het nog niet precies. „Uiteindelijk is het ontwerp maar een kleine stap in de hele keten. 99 procent van de telefoons wordt gebouwd op basis van een ontwerp dat de fabrikant levert, waar je zelf nog je hoesje omheen mag doen. Maar reken er maar op dat de FairPhone een sexy toestel wordt. En je kunt er zelfs gewoon je moeder mee bellen.”