Ze hadden nooit moeten trouwen

In een nieuwe, schitterende roman sleurt Richard Ford ons van de ene beeldende scène naar de andere. Je wordt gedwongen mee te voelen met een jongen die koste wat kost wil overleven in absurde omstandigheden.

Cape Breton Highlands National Park, Cape Breton Island, Nova Scotia, Canada
Cape Breton Highlands National Park, Cape Breton Island, Nova Scotia, Canada Foto George Diebold/Corbis

Richard Ford is de meester van de openingszin. ‘Dit is geen vrolijk verhaal. Ik waarschuw u maar,’ zo staat er in zijn (beste) bundel Rock Springs, en ik vraag me af of er een lezer is die zo’n waarschuwing niet in de wind wil slaan.

Een ander voorbeeld: ‘In het najaar van 1960, toen ik zestien was en mijn vader een tijdje geen werk had, ontmoette mijn moeder een man die Warren Miller heette en werd verliefd op hem.’ Zo begint zijn roman Wildlife uit 1990. De contouren van een drama in één zin samengevat, en opnieuw: stop hierna maar eens met lezen.

Dit zijn de openingsregels van zijn nieuwe roman Canada: ‘Eerst zal ik vertellen over de bankoverval die mijn ouders pleegden. Daarna over de moorden, die later plaatsvonden.’ Pffft. Het zou voor menig auteur een riskante zet zijn, en in de wereld van de thrillers een doodzonde. Immers, de dramatische hoogtepunten worden dadelijk weggegeven. Maar in handen van Ford is het de aftrap voor een wel heel bijzonder coming of age verhaal, een briljant geschreven roman die een nieuw hoogtepunt vormt in zijn oeuvre.

Hoofdpersoon en verteller is Dell Parsons, een vijftienjarige jongen die met zijn ouders en tweelingzusje een wat ontheemd leven leidt in Great Falls, Montana, waar het gezin na een niet al te succesvolle militaire carrière van vader is neergestreken. We schrijven de late jaren vijftig. De ouders vormen een slecht bij elkaar passend koppel, ‘ze hadden nooit moeten trouwen’ laat Dell al vroeg weten.

Onderwijzeres

Moeder is een onopvallende, ontevreden Joodse onderwijzeres, vader een van die mannen waar de Amerikaanse literatuur, en ook Fords oeuvre, vol van is: ontworteld maar optimistisch, tuimelend van het ene mislukkende project in het andere, welwillend maar afzakkend van kwaad tot erger.

Het boek bestaat, hoofdzakelijk, uit twee gelijke delen die pas op het eind werkelijk samenkomen. In het eerste wordt die onwaarschijnlijke bankoverval inderdaad door de ouders gepleegd, zo klunzig als maar kan en Dell wordt vervolgens haastig de grens over gebracht naar Canada. Daar, in het tweede deel, valt hij onder de hoede van een andere uitgeweken Amerikaan, Arthur Remlinger, die jaren tevoren een al even klunzig uitgevoerde aanslag pleegde en daarvoor gezocht wordt door twee schimmig blijvende Amerikanen.

Bood het leven in Great Falls, hoe ongewoon het ook eindigde (‘niemand gaat er vanuit dat bankrovers ook kinderen hebben’ stelt Dell bijna verbaasd vast), tenminste nog de geborgenheid van een gezin, in Canada is hij op het gezelschap van deze Arthur en diens schilderende maîtresse aangewezen. En het is hier, in het neerzetten van dit stel en hun omgeving, in hun eigen wel zeer particuliere idioom, dat Ford tot grote hoogten stijgt.

Ook in dit deel neemt Ford voortdurend een voorschot op wat er aan heftigs staat te gebeuren. Zo komen we al heel vroeg te weten dat Dell zijn ouders nooit meer zal zien, en dat zijn moeder in de cel zelfmoord zal plegen. Een mooi voorbeeld doet zich voor als hij voor het eerst de beide Amerikanen in het oog krijgt die als opdracht hebben Arthur Remlinger op te sporen.

Na een nauwkeurige beschrijving van de mannen schrijft hij: ‘Later, toen Jepps neergeschoten was en dood op de vloer van mijn hut lag en ik doodsbang was maar desondanks meedeed aan het verwijderen van het lichaam, moest ik zijn toupet oprapen, wat vreselijk was om te doen. (Het was losgeraakt van zijn hoofd toen hij neergeschoten werd.) Ik had nooit eerder een toupet gezien, maar herkende wat het was. Ik was verbaasd hoe dun het was, en klein. Het eindigde in de verbrandingston, tussen de ingewanden en de veren van de ganzen.’ Let wel, die moord vindt pas veertig pagina’s verderop plaats, maar toch neemt de auteur daarmee nauwelijks spanning weg.

Het boek wordt namelijk niet gedragen door de gewelddadige gebeurtenissen, maar door de overtuigende verteltoon van Dell, een serieuze jongen die de lezer op indringende wijze deelgenoot maakt van de manier waarop hij zin tracht te geven aan wat er om hem heen gebeurt. Het is wonderbaarlijk hoe mooi Ford, met de beschrijving van de lichaamstaal van de ouders, van interieurs, de veranderingen in de manier van spreken, het naderend onheil weet aan te duiden. In een scène aan de vooravond van de bankoverval speelt vader een spelletje dat Dell bekend voorkomt: hij is een legpuzzel aan het voltooien, en stopt bij wijze van goocheltruc het laatste stukje in zijn mond. Alle vorige keren kwam het weer uit zijn broekzak tevoorschijn, maar nu blijkt hij het werkelijk te hebben opgegeten. En dan weet Dell: er gaat iets vreselijks gebeuren.

Urgentie

Wat dit boek, evenals vorig werk van Ford, zo meeslepend maakt is de urgentie in de optiek van de verteller, een authentieke visie die je meesleurt, van de ene beeldende scène naar de volgende; er is in de ogen van deze jongen nog geen plaats voor ironie, voor cynisme, het karakter van Dell wordt gedreven door de vanzelfsprekende drang naar overleven in absurde omstandigheden. Ford bereikt dat, beter dan menig andere auteur, door de lezer direct toe te spreken, ook op zijpaden niet los te laten, te dwingen mee te denken, mee te voelen.

De hele vertelling wordt in perspectief geplaatst in het korte, derde en laatste deel, en blijkt dan verteld door Dell op 66-jarige leeftijd, leraar in Canada. Een leeftijdgenoot van de auteur dus.

Dat gegeven, en het feit dat zo’n groot deel van het boek gesitueerd is in de omgeving waar Ford al decennia woont, is er in belangrijke mate verantwoordelijk voor dat zijn proza in deze roman soepeler, kleurrijker, ook melodieuzer is dan in zijn vorige, The Lay of the Land. Canada is een genot om te lezen, intens, vaak briljant geschreven, een boek dat als een van de hoogtepunten van Fords oeuvre – samen met Independence Day en enkele verhalen – overeind zal blijven.

Richard Ford wordt op 2 oktober a.s. geïnterviewd bij BorderKitchen in Den Haag.