Overheid die wiet gedoogt holt rechtshandhaving uit

De wettelijke maatregel waar ik het meest naar uitzie, is de invoering van de wietpas. Die is over drieënhalve maand overal in Nederland verplicht. En dat gaat vast helemaal mis. De wietpas is zo evident onbruikbaar, slecht doordacht en schadelijk voor de rechtshandhaving dat ik me al stilletjes verheug op het rechtsomkeert dat bestuurders straks

De wettelijke maatregel waar ik het meest naar uitzie, is de invoering van de wietpas. Die is over drieënhalve maand overal in Nederland verplicht. En dat gaat vast helemaal mis. De wietpas is zo evident onbruikbaar, slecht doordacht en schadelijk voor de rechtshandhaving dat ik me al stilletjes verheug op het rechtsomkeert dat bestuurders straks zullen maken.

In het Zuiden bestaat de wietpas al, en daar zien we de eerste barsten. Opbloei van de illegale handel, matige belangstelling voor de wietpas, leegloop in de coffeeshop, pashouders die op straat doorverkopen aan buitenlanders et cetera. Het Openbaar Ministerie, dat vergeefs hogere straffen eist tegen deze groep doorverkopers. Het is bijna komisch.

Maar het wordt pas echt spannend als de wietpas Amsterdam bereikt. Dan moeten immers de Amerikaanse cruisetoeristen en de Britse feestgangers de toegang tot de coffeeshop ontzegd worden. En wel louter en alleen omdat ze buitenlander zijn. Dat wordt nog wat. De tijden van slegs vir blankes en no blacks herleven. Het gedoogbeleid heeft een nieuwe absurde loot. Dat Terneuzen, Venlo en Maastricht moesten ophouden met de verkoop aan koeriers uit de Franse banlieues en de Duitse binnensteden valt niet zo op. Maar Amsterdam is de enige wereldstad in Nederland. Het hard discrimineren van buitenlanders is straks een internationale kwestie. Ik zie de kop in de InternationalHerald Tribune voor me. Dutch refuse pot to foreigners, Apartheid redefined.

Maar eerst even de regel zelf. Wie na 1 januari ongehinderd cannabis wil aanschaffen, dient lid van een coffeeshop, boven de achttien en Nederlander te zijn. Om je als gebruiker in te schrijven, zijn een uittreksel uit het bevolkingsregister en een identiteitsbewijs nodig. De coffeeshop registreert deze vaste klanten op naam, postcode, woonplaats en geboortedatum. Meer dan tweeduizend leden per jaar inschrijven mag niet. Het lidmaatschap is beperkt tot één coffeeshop. Behalve buitenlanders weren is het doel ook het beperken van de omvang van de coffeeshops. Drugsketens als Bulldog en megastores als Checkpoint in Terneuzen – dat wil Justitie niet meer. De coffeeshop van de toekomst lijkt op die uit het knusse verleden. Klein, alleen voor lokaal gebruik, door autochtonen.

Zoals bekend hebben andere Europese burgers in Nederland echter vrije verkeersrechten. Die kunnen beperkt worden, maar dan moeten middel en doel wel tot elkaar in redelijke verhouding staan. En dat valt voor de wietpas ernstig te betwijfelen. Dat is namelijk een puur buitenlanderverbod. De Wietpaswet houdt iedere buitenlander in beginsel voor een overlast veroorzakende hasjcrimineel die de toegang ontzegd moet worden. Gaat de rechter dit straks proportioneel vinden?

Ik haal dit voorbeeld uit het vorige week verschenen boekje De hypocrisie van de achterdeur van strafrechtadvocaat Gerard Spong, waar ik me zeer mee heb vermaakt. Goed, Spong is natuurlijk wijdlopig en ijdel, maar ook slim, goed op de hoogte en een prima strafrechtkenner. Hij citeert instemmend de Maastrichtse hoogleraar André Klip, die schreef dat de overheid met de wietpas feitelijk medeplichtig is aan het plegen van misdrijven. Een overheid die stilzit bij lichte overtredingen van de Opiumwet is principieel iets anders dan een overheid die een stelsel van voorwaarden opzet, „inclusief een gebruikerspasje”.

Die redenering volgde Spong ook in zijn verdediging van de exploitanten van de (enige) coffeeshop in Almere, ook wel bekend als de ‘blowboot’. Zij werden door Justitie gepakt op een veel te grote handelsvoorraad. Wel zestig kilo, waar vijfhonderd gram is toegestaan. Spong kreeg in april de rechtbank Zwolle-Lelystad zover om deze vervolging als onredelijk te laten staken. In jargon: het OM was niet ontvankelijk.

Als de overheid een goed functionerende coffeeshop wil, hoort daar een normale voorraad bij. Ook het gerechtshof Den Haag – in de zaak tegen de megacoffeeshop Checkpoint – en de rechtbank Middelburg deden zulke uitspraken. Daarmee is volgens Spong dit jaar de gedooghypocrisie rond de coffeeshops door de strafrechter definitief doorgeprikt.

Een overheid die de verkoop van cannabis aan klanten reguleert, kan niet tegelijkertijd de bevoorrading als een zwaar strafbaar feit vervolgen. De volgende stap leidt natuurlijk naar de nu streng verboden kweek. Als wiet van de overheid verkocht mag worden en van de strafrechter in ruime voorraad mag worden genomen, is het vervolgen van de kwekers toch evidente rechtsongelijkheid?

Voor de Almeerse coffeeshop zocht de gemeente zelf per advertentie een exploitant, juist om illegale handel te voorkomen. Feitelijk was de bestrijding van drugsoverlast geheel uitbesteed aan de coffeeshop zelf. Dat proces van verwachtingen wekken, normen oprekken, initiatieven nemen en zeggenschap delen, heeft consequenties. Wie met pek omgaat…

Reageren? Volledige naamsvermelding is verplicht.

 

    • Folkert Jensma